Jac las: DNA-Yrsa Sigurdardóttir****

dna

De vorm is klassiek. Een gebeurtenis uit het verleden is van verregaande invloed op het leven en dood van een aantal mensen vele jaren later.

IJsland 1987.

Het eerste hoofdstuk heeft een zeer donkere en tragische ondertoon. Er heeft iets verschrikkelijks plaats gevonden. ‘De toestand van deze kinderen gaat ons inbeeldingsvermogen te boven’ zo is vastgesteld door deskundigen.

Drie kinderen, het meisje is 1 jaar en de broers drie en vier jaar,worden uit elkaar gehaald en in diverse adoptiegezinnen geplaatst. Haast onopgemerkt worden door  Sigurdardóttir allerlei suggesties gewekt, relaties uit de doeken gedaan of vermoed, aanwijzingen gegeven en achtergrondinformatie verstrekt. De lezer slaat dit op. Hij of zij weet immers dat er wat te gebeuren staat.

IJsland 2015.

Elísa Bjarnadòttir wordt op een gruwelijke wijze vermoord door een indringer, doodgemarteld in haar eigen slaapkamer. De zoontjes, Stefán en Bsrdúr, rennen op blote voeten de straat op waar een buurvrouw ze opvangt en alarm slaat. Margrét, het dochtertje, wordt totaal versteend onder het bed gevonden waar ze zich verstopt had. Karl Pétursson is radioamateur en ontvangt op een korte golf band een IJslands nummerstation dat uitsluitend reeksen cijfers uitspuugt. Een reeks cijfers vormt zijn burgerservicenummer. Een andere code behoort toe aan de hem onbekende jonge vrouw Elísa Bjarnadòttir. Kort daarop volgt een tweede moord. Ástrós Einarsdóttir, een 65 jarige gepensioneerde lerares biologie, wordt op een vreselijke manier om het leven gebracht. Hudar Jónas  onervaren en onvoorbereid ,wordt omhoog geparachuteerd om de zaak op te lossen. Zijn team bestaat verder uit de androgyne Erla en de saaie en goed gesoigneerde Ríkhardur

Conclusie:

Yrsa Sigurdardóttir heeft een heldere, transparante, maar ook wijdlopige schrijfstijl. De plot zit goed in elkaar. Het verhaal begint indrukwekkend, maar zakt behoorlijk in als het onderzoek niet vordert. Dit wordt gedeeltelijk opgevangen door wat relationele ontwikkelingen, maar vooral door de tragikomische gebeurtenissen rond Karl en zijn vrienden. Karl vindt van zichzelf dat hij een miserabel leven leeft, met zijn even miserabele vrienden: de stomme Halli en de idioot Börkur, drie contactgestoorde losers bij elkaar, die moeizaam hun weg moeten zien te vinden in de grote mensen maatschappij. Het boek kent een beperkte spanningsboog. Maar de geweldige manier waarop de ontknoping in elkaar zit verdient alle lof. De karakters zijn goed uitgezet, vooral van Hardur, Freya de psychologe van het opvangtehuis en Karl en zijn vrienden. De dader komt wat minder uit de verf.

Opvallend is dat de stereotiepe oude brombeer als rechercheur, die we kennen uit talloze series, vervangen is door een onzekere jonge vent, die nog veel moet leren. Zeker als hij de door hem in de steek gelaten een-nacht-vlinder onverwacht tegenkomt in het onderzoek en met haar moet samenwerken.

Vier sterren.

Jac Claasen.

Advertenties

Jac las: Koudvuur-Cilla & Rolf Börjlind***

koudvuur

Over het boek:

Cilla en Rolf Börjlind, geroutineerde en gevierde scenarioschrijvers, hebben vier hoog gewaarde thrillers op hun naam in een reeks die speelt rond Olivia Rönning en Tom Stilton. In deel vijf, Koudvuur, zetten zij een flinke stap terug.

De plot bestaat uit twee verhaallijnen. Stockholm. Een auto met daarin Kaj, accountant van beroep, en Malin Brovall en hun dochter Ida wordt de lucht ingeblazen als Kaj de contactsleutel omdraait. Een fataal begin van de wintersportvakantie. Een autobom? Een terreuraanslag? Malin is immers officier van justitie. Mette Olsäter belt Olivia uit bed. Werk aan de winkel. Tom Stilton bevindt zich op dat moment in Thailand bij zijn halfzus Aditi , die daar een meditatiecentrum runt. Hij is op zoek naar vrede in zichzelf. Tom komt in contact met een zekere Veronica Ward. Ward, gehandicapt en verminkt, heeft een opdracht voor Tom: zoek het kwaad op, de man op een foto. Tom gaat op zoek in de Gouden Driehoek, de jungle, het centrum van de opiumproductie.

Conclusie:

De firma Börjlind heeft nogal wat bladzijden nodig om het verhaal  op de rails te zetten. De plot rammelt hier en daar en zit lang  niet zo sterk in elkaar als in de voorgaande delen. Er moet zelfs een deus ex machina aan te pas komen om de twee verhaallijnen bevredigend aan elkaar te knopen. Bovendien zitten er een paar forse ongerijmdheden in het boek. Het lijkt wel of de focus een beetje zoek was bij het schrijversechtpaar.

Wat vooral opvalt is de doorweving van het boek met grote maatschappelijke thema’s, zoals de #metoo beweging, seksuele intimidatie, ongewenste intimiteiten, pedofilie, verkrachting en het uitroeien van de  Rohingya’s, die bloot staan aan onmenselijke etnische zuiveringen in Myanmar. Waar de eerste vier delen van de Springvloedserie gekenmerkt werden door een mooie balans tussen de emotionele kant, de relationele verhoudingen, en de actie en spanning, eigen aan en essentieel onderdeel van een thriller, is dit in Koudvuur geenszins het geval. Die balans is weg in dit boek. De weegschaal is doorgeslagen naar de emoties, de relationele verhoudingen, de introspecties,de nadruk op de geweldige impact als er eens een hand op een arm wordt gelegd.

Naar het einde toe ontstaat er meer en meer een bouquetreeksachtig sfeertje. Gelukkig is er altijd nog de boeiende schrijfstijl van Cilla en Rolf Börjland die het boek overeind houdt. Het boek is in de beste Börjlind tradities geschreven: in een rustige, bedachtzame en uiterst leesbare schrijfstijl, mooie karakters, korte hoofdstukjes en snelle locatie- en plotwendingen. Desondanks een stuk minder boeiend en vooral minder spannend dan de vorige delen. Teleurstellend.

Spinoza zei het al:
Sed omnia praeclara tam difficilia quam rara sunt.
Alles wat schitterend is, is even moeilijk als zeldzaam.

Drie sterren. ***

Jac Claasen.

Jac las: Hartzeer-Chelsea Cain****

hartzeer

Over het boek:

In haar nawoord geeft Chelsea aan dat dochter Elizabeth ‘ het boek pas mag lezen als ze eenentwintig wordt. Ik meen het.’

Op zich is dit niet zo verkeerd. Chelsea neemt namelijk geen blad voor de mond als het gaat om de moordpartijen en martelingen die Gretchen Lowell in de regel pleegt uit te voeren. Want het is me er een, die Gretchen! Haar feeërieke naam is in totale tegenspraak met haar perfide gedrag. Gretchen is een knettergekke, manipulatieve, hartstikke intelligente en bovendien bloedmooie vrouw.  Die combinatie van factoren maakt haar tot een dodelijk wapen, een ongeleid projectiel bovendien. Een psychopaat van het zuiverste water. ‘Wat ik niet kan bevatten, is dat er mensen zijn die opstaan, naar hun werk gaan en weer thuiskomen zonder ooit iemand te vermoorden.’

Archie Sheridan is de tweede hoofdfiguur in deze thriller. Als rechercheur en teamleider van het Beauty Killer team is hij tien jaren in de weer geweest om deze weergaloze blondine achter de tralies te krijgen. Alleen heeft Gretchen Archie te pakken gekregen. Het kostte hem bijna zijn leven en huwelijk.

Derde hoofdrolspeelster is Susan Ward. Susan, bepaald niet de koningin van het schoolbal vroeger, roze haar, laag in de nek in een staartje en dochter van een gestoorde moeder en een te vroeg overleden hippie vader, verslaggever bij de Herald, moet een serie verslagen maken over Archie. In het kader van een beter publieksbeeld over de rol van de politie in de samenleving, zogezegd.

Conclusie:

De plot van Hartzeer zit goed in elkaar. Na twee jaar herstel, alleen een verslaving aan Oxycontin en wat ander spul herinnert nog aan die verschrikkelijke faux pas, wordt Sheridan teruggeroepen. Er is weer een nieuwe seriemoordenaar actief. Of hij opnieuw de teamleider wil worden van het Beauty Killer team. De drie karakters rollebollen met elkaar in een ongeloofwaardige thriller. Dat maakt het verhaal niet minder boeiend om te lezen. De totaal verwrongen en misvormde verhouding tussen Gretchen en Archie die onthutsende proporties aanneemt, terug te voeren op het Stockholm syndroom, wordt door Cain tot de kern van het boek  gemaakt en is boeiend en spannend tegelijk.

Het harde debuut, het begin van een serie, van Chelsea Cain, cynisch waar nodig en vol van bittere humor en dito oneliners op zijn tijd, is mij uitstekend bevallen. Al is het twaalf jaren na publicatiedatum. Wat goed is, blijft goed.

4  ****

Jac Claasen.

Jac las: Godenstemmen van Jean-Christophe Grangé*****

godenstemmen

Het verhaal speelt rond de kerstdagen van 2006. In de Armeense kathedraal Saint-Jean Baptiste in Parijs, is Lionel Kasdan, 63 jaar, Armeniër van geboorte en gepensioneerd commandant moordzaken, toevallig op bezoek bij vader Sarkis als hij door deze laatste er bij wordt gehaald om een lijk te onderzoeken, een lijk dat tussen de orgelpijpen en het klavier gevangen zit.

Het gaat om Michel Goetz, een dirigent van kinderkoren. Goetz is 20 jaar geleden, in 1987, gevlucht uit Chili en werkt al die tijd in Parijs. Een schoenafdruk maat 36 staat in het bloed. Een ooggetuige?. Een van de jongens van het koor? Kasdan krijgt de raad om te stoppen en zich verder niet te bemoeien met de moordpartij. Maar Kasdan kan dat niet, immers de dader heeft zijn territorium ontwijd. ‘Ik zal hem vinden. Ik ben de bewaker van de tempel’

Cédric Volokine van het Team Bescherming Minderjarigen bemoeit zich er mee. Volokine, met de demonen in z’n hoofd en de rest van zijn lichaam, met zijn armoedige pak, zijn legerjas en pukkel is een dolle hond. Volgens Kasdan. Samen gaat dit wonderbaarlijke, niet-officiële duo vol op onderzoek uit.

Grangé beschrijft met verve en grote penseelstreken beide mannen, hun drijfveren en hun achtergronden. Kasdan moet weer in zijn smerissenhuid kruipen evenals Volokine. Maar die laatste weer om een heel andere reden In een rotvaart passeren vele personen, instanties, gebeurtenissen en tal van bijzondere zijverhaaltjes de revue, zoals het Angelus (Frans: L’Angélus) een beroemd schilderij van Jean-François Millet. Toch zijn het niet de penseelstreken die overheersen, maar is het de muziek die de eerste viool speelt in dit boek. Zoals het miserere van Gregorio Allegri , het pelgrimskoor uit Wagner’s Tahnhäuser, de Diabellivariaties van Beethoven of het Deutsches Requiem van Brahms, een van de meest mysterieuze werken ooit geschreven.

Grangé voert de lezer mee. Op een reis naar de waanzin. Geen enkele indicatie, geen enkele hint naar de bestemming. De reis op zich is het uiteindelijke doel, niet de bestemming. En dat is ook het patroon wat in praktisch elk boek van Grangé terugkomt: de reis naar de waarheid voert langs talloze, aan de geweldige fantasierijke geest van de schrijver ontsproten tussenstations. Er ontspint zich een waanzinnig verhaal rond kinderen in traditionele BayerischeTracht met lederhosen en groene hoedjes met veren, waanzinnige chirurgen en meer van dat soort volk die zich uitleefden op het voetvolk tegen de achtergrond van de geopolitieke verhoudingen in de tachtiger en negentiger jaren van de vorige eeuw. En de wedergeboorte van het kwaad in Parijs en Frankrijk.

Grangé gaat in deze macabere mix van thriller en een vleugje horror wel erg te keer en scheert langs de donkerte en duisternis van de afgronden van de menselijke geest èn lichaam, waar nauwelijks grenzen lijken te zijn aan het verderf en rottingsproces van een tot op het bot verdorven homo erectus. De donkere kijk van Grangé op de mensheid  bevat geen grijstinten meer, maar is zwart, pikzwart.

Vijf zwarte sterren.

Jac Claasen.

Postscriptum.

De Franse titel is Miserere, om onduidelijke redenen vertaald in Godenstemmen. Voor u begint met lezen, kunt u het beste luisteren naar het Miserere van Gregorio Allegri, met de fameuze hoge noten, alleen te halen door een kind of een castraat. Benieuwd geworden? Dit is de link:

https://youtu.be/IA88AS6Wy_4

Of bekijk de Diabellivariaties van Beethoven. Ga naar You Tube, naar de interpretatie 3/8 van Enrico Sansesi. Het kost u 7:51 minuten van uw leven. En profil opgenomen, zeer krachtige toetsaanslag, de verbeten trek om de mond, de slechte akoestiek, de nagalm, het boeit op een geweldige manier.

Jac las: Vaarwel-Jesper Stein****1/2

Vaarwel

Juni 2004. Kopenhagen. In het Ørstedparken, ‘Het anaalparadijs voor rondzwervende homo’s‘, wordt Marie Schmidt uit het water getakeld. Marie, achttien jaar en net geslaagd voor haar eindexamen, is sinds anderhalve dag vermist. Het wordt de Merel-zaak genoemd. Haar moeder noemde haar Merel.

2008, Alex Steen, inspecteur,  krijgt een telefoontje van Kaspersen van de DNA afdeling van het forensisch instituut in Kopenhagen. Er is een speekselmatch aangetroffen in een recente verkrachtingszaak, de match betreft  het speeksel aangetroffen op de studentenpet van Marie Schmidt.

De verbetenheid waarmee Axel Steen zich op  de moord stortte  in 2004 had  dramatische gevolgen voor z’n huwelijk.  Hij heeft de liefde van zijn leven, de grillige Cecilie,  verloren aan adjunct-hoofdcommissaris Jens Jessen, de briljante, efficiënte, rationele jurist, de zakkerige streber die koste wat kost de top wil bereiken. Vier jaar later botst de workaholic en geweldspsychopaat met alles en iedereen om z’n gelijk te halen. Hij lijkt te ontsporen en doet dingen die niet zo goed zijn voor een inspecteur, is agressief en snel woedend. En dan zit hij op een dag in een auto, op verkenning, sorry, is een kerel aan het  schaduwen met een vent die elke dag naar bed gaat met de vrouw die bij hem is weggegaan en van wie hij meer had gehouden dan van wie ook ter wereld.

Harde confrontaties in een zeer moeizaam verlopend en gedetailleerd, boeiend beschreven opsporingsproces, met snelle en minder snelle seks, drugs- en drankgebruik die leiden tot verloedering van Alex Steen. De inmiddels uitgebreide Merel-zaak zoog hem op, hij leefde nergens anders voor. Een dwangneurose met dramatische gevolgen.

Vaarwel is een harde thriller in de beste Jo Nesbø tradities. De lone wolf die brutaal zijn gang gaat moet daar een hoge prijs voor betalen. Zeer goed uitgewerkte karakters, met name binnen de relationele relaties, maar ook in de werkverhoudingen, zoals alles klopt in deze spannende thriller:  hard, strak en triest. Geen tijd voor een sprankje bijtende humor of cynische oneliners. Wel tijd voor de uitwassen van de Deense heilsstaat èn voor Cornelis Vreeswijk.

Vaarwel is zonder meer de beste van de drie thrillers van de hand van Jesper Stein die uitgegeven zijn op de Nederlandse markt. Karakter Uitgevers heeft verschrikkelijk geblunderd met de volgorde van de publicaties in deze serie.

4,5 sterren.

Jac Claasen.

Jac las: Watergraf-Simon Beckett***

Watergraf

Dit is deel vijf uit de serie rond David Hunter, voormalig huisarts en nu forensisch antropoloog van beroep. Het is het eerste boek van Simon Beckett dat ik ter hand neem.

Het verhaal speelt zich af in de Backlands aan de Engelse westkust in het Saltmere estuarium, waar eb en vloed een eeuwigdurende strijd voeren om de heerschappij over modder, water en land. En dat ervaart de lezer aan de lopende band. Het gaat over water, water en nog eens water. In alle mogelijke vormen maar meestal bedreigend en dodelijk. Het verhaal is snel verteld. Hunter raakt betrokken bij de vondst van een lijk op een wad waarbij zijn expertise vereist is om wat duidelijkheid te verkrijgen over zaken die kunnen bijdragen aan de identificatie van een lijk. Enfin, onze speurneus rolt van het ene lijk in het andere en weet daarbij telkens de politie een stapje voor te zijn. Een beetje onwaarschijnlijk.

De grote nadelen aan dit boek zijn de gedetailleerdheid en het ontbreken van een breder perspectief door de gebruikte ik-vorm. Neem bijv. het uitermate uitvoerig beschrijven van allerlei forensische onderzoeken. Het uitkoken van botten komt me op een gegeven moment de neus uit. Helaas is die wijdlopigheid niet aan mij besteed. Het deed me denken aan Elizabeth George, de Amerikaanse schrijfster, die haar omvangrijke verhalen altijd in Engeland laat afspelen en ook altijd breed van stof is.  Van deze schrijfstijl moet je houden. Ook de vrij kinderachtige manier waarop met de romantiek wordt omgegaan is hopeloos. Hoewel Beckett een meester is in het tactvol omschrijven van netelige situaties en handelingen is hij uiterst terughoudend, bijna verlegen als het liefdesleven van David Hunter aan bod komt.

Simon Beckett is een geroutineerd schrijver. Dat levert twee opmerkelijke zaken op. Het verhaal is fraai geconstrueerd en zit potdicht. Er zijn geen losse eindjes meer aan. De spanning is goed gedoseerd in het boek aanwezig. Verder is het van belang te vermelden dat Beckett een zeer actueel thema prominent in beeld brengt. Het  leidt tot een fenomenaal  wow moment.

De saaie schrijfstijl leidt tot:

Drie sterren.

Jac Claasen.

Jac las: Beklemming-Franck Thilliez****

Beklemming

Beklemming is het vijfde deel uit de reeks rond inspecteur Franck Sharko, werkzaam bij de politie in Parijs.

De hoofdrol in Beklemming is niet weggelegd voor Franck Sharko of zijn vouw Lucie Hennebelle, maar voor hun directe chef,  hoofdinspecteur  Nicolas Bellanger en voor Camille Thibault, technisch rechercheur in  Villeneuve-d’Ascq , gelegen in het ‘departement du Nord’ , vlakbij de Belgische grens. Camille wordt geteisterd door dromen en nachtmerries en een slecht hart. Zij gaat op zoek naar de afkomst van haar hart. Bellanger en Thibault trekken samen op tegen het Kwaad.

Thilliez laat de reis naar het Kwaad  lopen via het inferno van de hel in La divina commedia zoals beschreven door  Dante Alighieri, nu spelend  in Parijs – u dient dit letterlijk  te nemen-  naar La Colonia Montes de Oca, ver in het diepe zuiden van  Argentinië, en niet te vergeten via  de ‘Driehoek des doods’ in Madrid en de casas cuna, verschrikkelijke instellingen in Spanje en Agentinië  waar  de rotte, misdadige, fascistische regimes van Franco en Videla zich met excessief geweld en machtsmisbruik handhaven. Altijd onder het toeziend oog van een rooms-katholieke kerk, die deel uitmaakte van het regime van terreur en onderdrukking, en die immer meer oog had voor het belang van de dictators dan voor het kerkvolk..

Thilliez draaft behoorlijk door, kijkt niet op een liter bloed of een lijk meer of minder, maar een ingenieus plot verhindert dat de thriller in elkaar zakt. Het boek bevat een groot aantal wrede en sinistere scènes. Het blijft spannend. Verwacht ook geen psychologische hoogstandjes, het is allemaal basic, rechttoe rechtaan. Uitzonderlijk genoeg wordt Camille Thibault, de forse, grote, sterke en zwakke vrouw als enige behoorlijk uitgetekend.

Thilliez heeft wederom een donkere, keiharde thriller geproduceerd. De macabere beelden van het Kwaad blijven aan het verhemelte plakken. De invloed van Grangé is onmiskenbaar.

Vier sterren.

Jac Claasen.