Jac las: Topman-Jens Lapidus****1/2

Topman

Over de schrijver:

Jens Lapidus is een zeer succesvolle strafrechtadvocaat, hij verdedigde enkele van de meest beruchte misdadigers van Zweden. Hierdoor verwierf hij unieke kennis van het criminele circuit. Zijn Stockholm trilogie* wordt vergeleken met het werk van James Ellroy en Dennis Lehane. In Zweden gingen er al twee  miljoen exemplaren van over de toonbank. Jens Lapidus woont met zijn gezin op Mallorca.

*Deze trilogie omvat: Snel geld, Bloedlink en Val dood.

Over het boek:

Lapidus introduceert op een mooie manier de hoofdrolspelers van de verschillende verhaallijnen.

Roksana, haar ouders komen uit Iran, en Z ontdekken een doos achter de dubbele wand in de garderobekast van het huis dat ze zojuist betrokken hebben. Ze ontdekken een groot aantal zakjes met wit spul. Zij zijn aanhangers van ‘plant-based biologsich voedsel, forks over knives weet je wel, er komt geen plastic over de drempel’. Vriendin Billie verafschuwt ‘hetero-normatief denken, het is fascistisch. Woorden zijn autoritaire instrumenten in de machtsverhoudingen tussen de seksen’. Veel inside en trendy taalgebruik uit de uitgaanswereld, de opgepompte stijl van leven, de elektro partyscene, waarbij razendsnel ego’s en imago’s opgebouwd en afgebroken worden in een sfeertje van geurige kruiden en positieve vibes, waar populariteit gelinkt wordt aan de beschikbaarheid van drugs en d.j.’s halfgoden zijn in clubs waar je nog moeilijker in komt dan in de hemel.

Maar ook deze hemel op aarde duurt niet lang. De verpatste en opgestookte Ketamine moet terugbetaald worden. Zij hebben geen rooie cent. De druk en dreiging van het milieu om terug te betalen wordt groter en groter.

Teddy heeft acht jaar bajes achter de rug. De reïntegratie in de normale maatschappij is moeilijk. Hij krijgt een telefoontje van Emelie Janson, die  haar eigen advocatenkantoor is begonnen. Zij moest weg bij advocatenkantoor Leijon. Leijon, waar de onbarmhartige prestatiecultuur de allesbepalende factor is, waar de vennoten op de top van de apenrots zitten, met daaronder de  jankende assisterende juristen die nog aan de ratrace van de beklimming moeten beginnen, en dat alles onder  het motto  ‘up or out’.

Emelie heeft de hulp nodig van Teddy in een ontvoeringszaak.

Nikola, de zoon van  Linda, zus van Teddy,  heeft de rotzooi achter zich gelaten en is het straatmilieu ontvlucht. Hij werkt als leerling-elektricien  en studeert binnenkort af als gecertificeerd elektricien. Totdat zijn beste vriend Chamon, zwaar verankerd in het criminele milieu, wordt vermoord. Hij zweert wraak.

De laatste verhaallijn betreft de transcripties van telefoongesprekken en sms-berichten uit de jaren 2005-2006, 10 jaren terug in de tijd derhalve, tussen speculant Hugo Pederson en een groot aantal personen. Langzaam aan wordt duidelijk hoe Pederson zijn geld vergaard heeft, en er in geslaagd is  tot de bovenkant van de maatschappij te gaan behoren. Hij behoort tot de opportunisten in de financiële wereld die het motto hanteren dat ‘greed good’ is.

Conclusie:

In  Topman komen alle lijntjes bij elkaar die in de vorige delen van deze trilogie, Viproom en Stockholm delete , waren uitgezet. Centraal staat de jacht op mensen die meisjes vreselijk misbruiken en daarmee vele jaren lang weg komen. De auteur doet dit kort, koel en afstandelijk, geen sentimenteel gedoe. Daarnaast zijn er behoorlijk wat zijlijntjes en verwikkelingen, die tezamen met het goede plot, er voor zorgen dat er een bovengemiddeld goede thriller tot stand komt.  Het leesplezier zit  voor een groot deel in de beschrijving van de subculturen. Met name de scène van de partycultuur wordt als één grote parodie neergezet.

Zijn achtergrond als strafpleiter is overduidelijk aanwezig, en vertaalt zich in  beschrijvingen van de mengeling van de culturen van Syriërs, Iraniërs, Serven, in het gescharrel in de kleine en grote criminaliteit, de omgang met elkaar, de manier van communiceren, de straattaal en de muziek. Lapidus schildert dit alles kleurrijk,  erudiet, met kennis van zaken, sarcastisch en cynisch, in compacte zinnen. In 479 bladzijden gebeurt derhalve heel veel. De lezer moet goed opletten.

Je wordt niet zo heel blij van dit harde en rauwe boek. Misschien wel het meest maatschappijkritische boek van Lapidus tot nu toe. De kritiek op Zweden is niet mals. Over de teloorgang van Stockholm in bepaalde wijken die verworden zijn tot no-go area’s. De verharding van de criminele activiteiten, de vergroting van de kloof tussen arm en rijk. Er is hoop. Die ligt besloten in de buik van een aanstaande moeder.

4,5 sterren.

Jac Claasen.

Advertenties

Jac las: Dit alles zal ik je geven-Dolores Redondo****1/2

dit alles zal ik je geven

Over de schrijver:

Dolores Redondo (1969, San Sebastián) , heeft rechten gestudeerd aan de Universiteit van Deusto. Zij heeft de studie niet afgemaakt. Vervolgens heeft zij de hotelschool gedaan in San Sebastián en in verschillende restaurants gewerkt voordat ze haar tijd aan het schrijven besteedde. Zij begon met het schrijven van korte verhalen en kinderboeken.

In 2009 verscheen haar eerste boek Los privilegios del ángel.

In 2013 volgde El guardián invisible ( Beschermengel), het eerste deel van de Baztán-trilogie.

Zij woont sinds 2006 in Cintruénigo, Spanje

( Bron: https://en.wikipedia.org/wiki/Dolores_Redondo)

 Over het boek:

Manuel Ortigosa Martín is schrijver. Hij is getrouwd met Álvaro Muñíz de Dávila.

Álvaro heeft een ernstig verkeersongeluk gehad. Hij is overleden. Maar niet in Barcelona, waar Álvaro een afspraak had, maar 500 km verderop, in Monforte in de provincie Lugo in Gallicië. Verdoofd rijdt Manuel naar de plaats waar Adolfo Griñan, de notaris en zaakbehartiger van Álvaro, hem opwacht.

Hij openbaart dat Álvaro markies van Santo Tomé was, een edelman met grond en landhuizen. Het landgoed van het markiezaat bevindt zich op luttele kilometers van de plaats van het ongeluk. De naïeve Manuel is stomverbaasd. Dat  Álvaro dit voor hem verborgen had gehouden. Hoe kon hij? Het testament van Álvaro is van een verbijsterende eenvoud, met grote gevolgen voor het eeuwenoude geslacht èn voor Manuel. Muanuel, Lucas, priester en vriend  van Álvaro en Noguiera, politie inspecteur, die vanaf het begin getwijfeld heeft aan de feitelijke juistheid van een ongeluk, komen onafwendbaar terecht in een meer van leugens, verdraaiingen en de ultieme uiting van gedenereerd en schofterig gedrag: moord.

De waarheid lijkt het slachtoffer te worden.

Waarom is dit een goed boek?
Redondo is er in 600 bladzijden in geslaagd een goede symbiose te realiseren tussen thriller en roman. Het plot is kundig verweven in en met vele poëtisch vormgegeven beschouwingen en beschrijvingen.

Stylistisch gezien hanteert Redondo een klassieke, gedragen, bedachtzame schrijfstijl met lange zinnen. Zij sluit hier bij aan bij grote Spaanstalige auteurs als Isabel Allende, Gabriel Márquez en  Carlos Ruiz Zafón. Dit zijn wij als thrillerlezers niet gewend. Al vanaf bladzijde een is duidelijk dat het boek door de schrijfstijl wat meer inspanning kost van de lezer. Verwacht derhalve niet de genadeloze schrijfstijl van Jo Nesbo, Jens Lapidus, R.J. Ellory of James Ellroy.

Uw inspanning wordt rijkelijk terugbetaald.

Zoals in de beschrijving van Nogueira, die rookt, zuipt, hoert en snoert ( maar wel eerst zijn trouwring afdoet alvorens hij het bordeel betreedt ). En vele andere types en situaties. Overigens, het hoe en waarom van Nogueira’s gedrag wordt fraai uit de doeken gedaan. Een van de vele mooie details is dat Manuel in het boek verslag doet van zijn wederwaardigheden en deze te boek stelt.

Dit boek heeft alles in zich om een klassieker te worden. Familiegeheimen en – banden , haat, liefde, klassentegenstellingen, het homosexuele karakter van beide echtgenoten, feodale verhoudingen, rouwverwerking, de verderfelijke rol van de katholieke kerk, maar eerst en vooral de verwerking van traumatische  gebeurtenissen uit het verleden. Het geheel van thema’s is groot, en wordt als terloops door de schrijfster, veelal braaf en timide, maar ook overrompelend en rauw  geïntegreerd in het verhaal.

Maar het boek is ook een ode aan Gallicië, het bijzondere landschap, de arme ploeteraars op de steile hellingen en de mooie wijnen . De titel Dit alles zal ik je geven heeft een dubbele laag en heeft niet alleen betrekking op geld, goederen en macht

Is het boek ook geslaagd als thriller?

Het plot zit zodanig goed in elkaar, dat pas in de laatste bladzijden de lezer door krijgt wie welke rol speelt in deze whodunnit. Het duurt lang voor de spanningsboog geconstrueerd wordt. Zeker in het eerste deel van het boek is slechts in geringe mate sprake van enige vorm van spanning. Het boek heeft de potentie om een veel groter publiek te bereiken dan de in thrillers geïnteresseerde lezer.

4,5 sterren.

Jac Claasen.

Jac las: Verwachting-Michael Robotham****

Robotham

Over de schrijver:

Michael Robotham schrijft ijzersterke, intelligente thrillers met een uitstekend plot en is voor mij een vaste waarde in de thrillerwereld. Zijn vaste hoofdpersonen zijn Joseph O’Loughlin, psycholoog, die lijdt aan de ziekte van Parkinson en aan een moeilijk liefdesleven en oud politieman Vincent Ruiz. De verdenking en De afrekening vond ik beide zo goed, dat ik deze boeken binnen afzienbare tijd nog een keertje gelezen heb. Bleven gewoon vijf sterren. Tot nu toe zijn 8 delen verschenen met Joseph O’Loughlin als protagonist.

Verwachting is zijn vierde los staande titel.

Over het boek:

Twee vrouwen.

Twee zwangerschappen.

Megham is getrouwd met Jack. Engelse middleclass. Perfectie in alles: kinderen, carrière, huis en gezondheid. Agatha werkt in een supermarkt. Probeert al lang zwanger te geraken. Los/vast vriendjes. Nu met Hayden, die bij de marine zit en zeven maanden van huis is. Een etterende ruzie met haar moeder. Geheimen, drie stuks. En ze kan liegen dat het gedrukt staat.

Een lopende tijdbom.

De levens van Megham en Agatha raken met elkaar verknoopt. Zoals het zo  mooi omschreven staat op de achterkant. De manier waarop had niemand voorzien

Conclusie:

Na 175 bladzijden zette ik de volgende noodkreet in mijn telefoon. ‘Michael Robotham, ik wil geen beschrijvingen van zwangerschappen, kinderen die opgevoed moeten worden, overspelige echtgenoten en jaloerse minnaars in een sitcomachtige omgeving, waarin de Engelse klassetegenstellingen, zeker humoristisch en soms zelfs hilarisch, ironisch  beschreven worden. Ik wil gewoon de absolute topkwaliteit terug die jij ten toon spreidde in Leven of dood, de schrijverskwaliteiten die maakten dat ik een boek ademloos uitlas en maakten dat ik het einde met een zekere angst en droefheid tegemoet zag. Het einde van een boeiend leesavontuur. Wat is er gebeurd?’

Na ruim 200 bladzijden, in deel twee, begint het boek te leven. De oude Michael Robotham wordt langzaam maar zeker zichtbaar. Hij gooit z’n oude kleren weg en trekt zijn schrijverkloffie aan zoals een schilder weer meer schilder wordt als hij zijn door talloze verfplekken besmeurde jasje aantrekt en geest en lichaam zich laten leiden door de al dan niet goddelijke inspiratie. Het barst opeens van de vileine, snedige, erudiete monologen, dialogen en conversaties.  De hoofdpersonen Megham, Agatha en Jack worden tot op het bot ontleed.

Zo hoort ‘t.

Robotham op zijn best. Tegen het einde toe neemt de spanning toe. De lezer wordt door de schrijver ondergedompeld in een reeks van leugens van de hoofdpersonen. Wie blijft overeind? De perfecte vrouw, het perfecte huwelijk, de palissade van geborgenheid, geluk , welvaart en burgerlijke, uiterlijke schijn, die facade stort in, met donderend geweld wordt het volmaakte leven de afgrond in gesleurd.  Het is al vele malen eerder beschreven, het beste misschien in Virginia Wolf. Er kan maar een winnaar en een verliezer zijn.

Robotham zegt over roman: … een roman, die door zijn structuur, inhoud en  dubbele stem, het meest ambitieuze is wat ik ooit heb geprobeerd.’

De achterstand is niet meer in te halen en Verwachting stipt ruimschoots de 3 sterren aan. Drieënhalve ster. Of vier sterren, vooruit. Want vergeet niet, Robotham schrijft beter dan verreweg de meeste auteurs op dit gebied, ook in dit boek. Maar adel verplicht. Wat de lezer had mogen verwachten aan de hand van zijn vele, fantastische thrillers en de geopenbaarde ambities, wordt jammer genoeg niet waar gemaakt.

Jac Claasen.

Jac las: Bling Bling 1-Jan Van der Cruysse*****

Bling

Over de auteur:

Jan Van der Cruysse liep school in het Sint-Lodewijkscollege in Brugge en studeerde daarna rechten, communicatiewetenschappen en marketing (1979-1985).

Na een legerdienst in Duitsland, was hij gedurende vijf jaar journalist, tot hij op de luchthaven van Zaventem woordvoerder werd van Aviapartner (1989-1994) en vervolgens van Brussels Airport (1994-2014). Hij beleefde het reilen en zeilen van de luchtvaart gedurende meer dan 25 jaar vanop de eerste rij. De talrijke incidenten die zich voordeden en waar hij over moest communiceren met de buitenwereld, meer bepaald de passagiers, maakten dat hij een specialist werd in crisiscommunicatie.

Na de luchthavenperiode te hebben afgesloten, stichtte hij zijn eigen vennootschap en werd consultant in crisiscommunicatie bij een belangrijke Belgische pr-groep.

Tijdens de Antwerpse boekenbeurs van 2016 won Bling Bling de Hercule Poirotprijs, de jaarlijkse literatuurprijs voor de beste Vlaamse misdaadroman. Daarmee werd de prijs voor het eerst uitgereikt aan een schrijfdebuut. Begin 2017 won het boek ook nog de Diamanten Kogel voor het beste spannende, oorspronkelijk Nederlandstalige boek. Nooit eerder won dezelfde titel beide prijzen voor misdaadfictie. In juni 2017 werd aan Bling Bling 1: Diamantroof in Delhi tevens de Schaduwprijs toegekend, de Nederlandse prijs voor het beste oorspronkelijk Nederlandstalige thrillerdebuut

( https://nl.wikipedia.org/wiki/Jan_Van_der_Cruysse )

 

Over het boek:

Vanuit Zaventem vertrekt, in opdracht van een Antwerpse handelaar, een Georgische diamantkoerier met aan zijn pols geketend een koffertje met kostbare edelstenen. Op de luchthaven van New Dehli wordt hij op ingenieuze wijze beroofd.

Het is de tweede beroving van een koerier van het bedrijf Medusa, eigendom van een Georgische diamantair. Medusa is verzekerd bij Dia-Securis, waar Albertien van der Valk  de uiteindelijke verantwoording draagt voor de veiligheid van de zendingen. Het probleem is dat beide zendingen ( uiteindelijk) afkomstig zijn van de Georgiër Paata Sirbiladze, maffiabaas en een stuk schorem van het ergste kaliber. Albertien wordt de laan uitgestuurd.

In New Dehli wordt door de luchthavenpolitie met man en macht gewerkt om de zaak op te lossen. Dat valt niet mee, eerlijk gezegd. Albertientje, niet op haar mooie achterhoofd gevallen, gaat na haar ontslag op vakantie. Juist ja, naar India. En wat de politiediensten niet voor elkaar krijgen, lukt haar wel. Het begin van een wereldwijde jacht op diamanten en de mensen die er bij betrokken zijn. Het zal niet zonder bloedvergieten gaan.

Conclusie:

Het lijkt zo’n afgelikte ijslolly, een diamantroof.

Toch is niets minder waar.

In een goed opgebouwd en intelligent vormgegeven verhaal, weet Jan van der Cruysse de lezer 523 blz te boeien. Vanuit diverse locaties – Antwerpen, New Dehli (zijn liefde voor het land India, zijn bewoners en cultuur straalt er vanaf), Parijs, Kuala Lumpur en Lentekhi ( Georgië) – vindt een frequentie scènewisseling plaats, en wordt de voortgang van de jacht op de verdwenen edelstenen in een aantal verhaallijnen gecoverd.

In deze uiterst amusante schelmenroman overheerst de decente humor en een lichtvoetigheid, die maakt dat bijv. het ombrengen van onschuldige slachtoffers beschouwd wordt als collateral damage – nevenschade dus als gevolg van miscommunicatie. En dan tiepetjes als Ana ( ‘Ook langs achteren ziet ze er geweldig uit zonder kleren’ ) en Elisabed, het moordwijf zonder remmingen. ( ‘Als je in het woordenboek ‘ psychopaat’ opzoekt, staat haar foto er naast’). En zo zijn er velen. En de auteur kent zijn klassiekers: het is altijd een genoegen om de Quai des Orfèvres of Gordon Gecko tegen te komen

In deze luchtige schrijfstijl wordt met oog voor detail en gebruik makend van de “coleur locale’, in een soms trage opbouw, met goede dialogen,  vorm gegeven aan een meeslepend avontuur. En waar het boek dreigt te verzanden, komt van der Cruysse met een versnelling, die de adem doet stokken. Vergis u niet, het bloed druipt de bladzijden af zo nu en dan, en het Georgische tuig is ook niet ontbloot van enige martelkennis.

De auteur beschrijft haarfijn hoe een diamantroof exponentieel uitdijt tot een wereldwijde bedreiging. Excellent gedaan.

Jan van der Cruysse handhaaft zich met opvallend gemak tussen de internationale concurrentie die elke dag over de Nederlandstalige lezer wordt uitgestort. Met enige weemoed – het einde voelt goed – en een glimlach wordt het boek terzijde gelegd.

5 sterren.

Jac Claasen.

PS: Lezers der Lage Landen, vergis u niet in het woord froufrou, het meest markante woord uit een lange reeks van woorden, uitdrukkingen en zegswijzen die het kwartje niet meteen doen kantelen.

Jac las: Kruis en Munt-Koen Strobbe***1/2

Strobbe

Over de auteur:

Koen Strobbe (52) had al een stevige carrière in de media achter de rug voor hij Vlaanderen de rug toekeerde en in 2003 een lap grond kocht in de buurt van het mooie stadje Uzès, niet ver van Avignon in Zuid-Frankrijk. Op domein Perdrix-Lasouche produceert hij jaarlijks zo’n 18.000 flessen rode wijn. Maar naast wijn verbouwen wilde Strobbe ook uittesten of hij schrijversbloed in zich had. Toen hij hoorde van de Pieter Aspe Award schreef hij in een impuls een kortverhaal en werd prompt genomineerd.

“Ik wilde geen politieverhaal schrijven zoals Aspe dat doet. Ik wilde een misdaadverhaal schrijven dat zich in deze streek afspeelde. De Provence en Avignon, een stad met een roemrijk verleden door de pausen die hier in de middeleeuwen een tijd hebben verbleven. Die geschiedenis moest zeker een rol spelen in mijn verhaal. Daarom keer ik in sommige hoofdstukken terug in de tijd”.

( Bron: http://www.winetasting.be/news/wijnmaker-koen-strobbe-wordt-misdaadauteur )

Over het boek:

Ik vertrek.

Bas en Isabel zouden zo maar de hoofdrol hebben kunnen spelen in de gelijknamige docusoap op de Nederlandse tv.

Want Bas en Isabel gaan Nederland verlaten. Ze zijn de hectiek beu en willen een restaurant beginnen in de Provence. Bas reist al vast vooruit om wat contacten te leggen en pandjes te bezichtigen. Maar als Isabel Sax in Avignon aankomt is Bas nergens te bekennen, sterker nog, haar vriendje lijkt compleet van de aardbodem verdwenen. Isabel raakt in paniek als zij de lakens van haar bed terugslaat en een professioneel gesealde zak met een op het eerste gezicht verschrikkelijke inhoud in haar bed ziet ziet liggen. Via via komt zij in contact met David Larroque, ex-flic en wijnbouwer. Samen gaan zij op zoek naar Bas Deelkens.

In de tweede verhaallijn speelt een zekere Karol Piunesku de hoofdrol. Een Roemeen van origine, die het vreemdelingenlegioen wordt uitgeschopt na wat gehannes en gegoochel met de ingewanden van een omvergeschoten Maretaniër. En dat is in strijd met de beroepsethiek van deze mannen met een verborgen verleden.

En waar er sprake is van twee verhaallijnen, zullen die elkaar op zeker moment kruisen. En hoe!

Conclusie:

Uitstekend gevonden en stijlvol dit motto:

Alles ademt er de leugen: de lucht, de aarde,

De huizen en vooral de slaapvertrekken.

Francesco Petrarca (1304-1374) over Avignon.

Strobbe, een geweldige naam voor een thrillerschrijver, levert een prima debuut af. De schrijfstijl, simpel en duidelijk in het begin, verbetert naar het einde toe. Goed geconstrueerde zinnen en stukjes tekst die je met genoegen leest, worden jammer genoeg afgewisseld met onnozele, boeketreeks-achtige zinnen. ( ‘ Je bent een hartenbreker.’ had hij gelachen. ‘ Dat meisje heeft de rest van de avond om jou gehuild.’).

Kruis en munt is een  gematigde actiethriller, behoorlijk spannend, met een prima gestructureerd plot. Wel vol platte karakters en stereotiepen, in een rechtlijnig verhaal. En let er vooral op hoe fraai de titel in het boek terugkomt in het verhaal.

Ondanks deze bezwaren was het geheel sterker dan de afzonderlijke delen en ontstaat een bijzonder aardig boek met verrassend veel leesplezier. Dat komt mede door de treffend omschreven ‘couleur locale’ van Avignon en omgeving, de Provence.

Koen Strobbe’s debuut is veelbelovend.

3,5 sterren.

Jac Claasen.

Jac las: Linda, als in de Linda moord-Leif GW Persson****

Persson

Over de schrijver:

Leif GW Persson ( Stockholm, 1945) is hoogleraar crimonologie en een grote bestsellerauteur in Zweden. Zijn boeken worden in meer dan 20 landen vertaald. Hij schreef de beste Scandinavische thriller in 2010 en heeft awards ontvangen voor de beste Zweedse thriller in 1982, 2003 en 2010.

( Bron: flaptekst)

Leif Gustav Willy Persson (geboren op 12 maart 1945 in Stockholm), is een Zweedse criminoloog en schrijver. Hij was van 1992 tot 2012 hoogleraar criminologie bij de Zweedse nationale politiecommissie. Hij staat bekend om zijn misdaadromans, en geeft regelmatig commentaar  over opmerkelijke misdaadzaken in televisie en kranten. Tussen 1999 en 2009 nam hij als expertcommentator deel aan het tv-programma Efterlyst op TV3. Tegenwoordig neemt hij deel aan de televisieshow Veckans Brott met Camilla Kvartoft, die voornamelijk gaat over onopgeloste Zweedse strafzaken.

In 1977, tijdens zijn werkzaamheden bij de Zweedse nationale politie, was Persson de klokkenluider in het zogenaamde Geijer Scandal. Na deze affaire werd hij ontslagen bij de Nationale Politie Raad. De gebeurtenissen dreven Persson bijna tot zelfmoord, maar hij keerde al snel terug als docent aan de universiteit van Stockholm. De prostitutie-affaire inspireerde hem om zijn eerste roman, Grisfesten (Varkensfeest,1979) te schrijven. Hij keerde terug als hoogleraar bij de Nationale Politie Raad in 1992

( Bron: https://en.wikipedia.org/wiki/Leif_G._W._Persson )

 

Over het boek:

Linda Wallin, 20 jaren oud en een opleiding volgend voor politieagent, wordt vermoord aangetroffen in de slaapkamer van haar appartement. Plaats van handeling is Växjö, een provincieplaatsje. Door de chef van de Rijksrecherche worden Evert Bäckström en wat opgetrommelde collega’s vanuit Stockholm naar dit oord gestuurd om assistentie te verlenen.

Evert Bäckström is klein, dik en primitief, maar zo nodig kan hij sluw en rancuneus zijn. Bäckström beschikt over een oneindig groot arsenaal aan vooroordelen, vooral over zijn medewerkers en over vrouwen, die de schrijver uitvergroot en frequent de revue laat passeren. Zijn mensbeeld kan niet bepaald als warm getypeerd worden. Is Bäckström dan een kruising van inspecteur Clouseau en Louis de Funès als de briljante gendarme Ludovic Cruche uit Le Gendarme de St. Tropez? Neen, Bäckström is vooral Bäckström,de rasopportunist, die overal en altijd uit elke situatie een slaatje probeert te slaan. Het boek beschrijft vrij uitputtend de oplossing van deze zaak. Het onderzoek dat moeilijk verloopt, wordt uitgebreid besproken met meestentijds het cynische, inwendige commentaar van Evert Bäckström.

De personages zijn als volgt te typeren: karikaturen, anti-helden en mannen en vrouwen van vlees en bloed. Dit schuurt. Het zij zo. Het moge duidelijk zijn dat Bäckström tot de eerste categorie behoort.

Persson is hoogleraar criminologie en zijn schrijfstijl kan het best als volgt getypeerd worden : licht ironisch, badinerend, smeuïge verteltrant met een enorme dosis onderkoelde humor. Van het gewichtig doende hoofd van de Rijksrecherche die alleen nog maar kan praten in managementkretelogie, zoals strategische overwegingen, operationele acties tot de crisistherapeute, tevens bevoegd psycholoog en psychotherapeut, die iedereen met haar vaktaal in slaap doet sukkelen. Je blijft glimlachen om al die figuren met een al dan niet lichte afwijking. Inclusief de gebruikelijke hielenlikkers en slijmballen.Eigenlijk de normale samenleving. En last maar niet least, Persson trekt alle registers open als hij Bäckström laat ontbijten, lunchen en dineren. Zweden moet een wereldkeuken hebben.

Conclusie:

Het veelvuldig overleg en gewroet van de politiefunctionarissen wordt tot in detail weergegeven. In de praktijk zal het er best zo aan toegaan. Het komt de leesbaarheid van het boek niet ten goede. Overigens formuleert Persson uitgebreid en uitstekend. Maar het tot in detail beschrijven van de taaie voortgang in het vinden van de dader maakt het boek stroperig. Zijn schrijfstijl – de met veel humor en een licht ironisch en soms zelfs sarcastische ondertoon beschreven gang van zaken – heeft onbetwistbaar geleid tot ontzettend veel leesplezier.

Verwacht geen Harry Hole-achtige toestanden. Het zijn de deskresearch en vele gesprekken en ondervragingen die aan de orde komen naast de onderlinge verhoudingen tussen alle politiefunctionarissen, die veelal uitermate humoristisch beschreven worden.  Het boek is niet spannend, en bevat nauwelijks diepgang van de hoofdpersonen.

In de twee allerlaatste bladzijden wordt de ietwat bevreemdende titel van het boek toegelicht. Vanuit het genderperspectief beschreven weliswaar, maar geschreven in 2005, is dit verrassend actueel te noemen in het kader van de #metoo discussie.

Het boek heeft mij vele malen doen gnuiven, glim- en schaterlachen, daarmede de vele beschreven nadelen voor een groot deel aan de kant schuivend. Het enorme leesplezier prevaleert. Voor de fijnproever.

Vier sterren.

Jac Claasen.

Ps. De vertalers, Jasper Popma en Wendy Prins, zullen hun handen vol hebben gehad aan de bij tijd en wijle barokke schrijfstijl van Leif GW Persson. Complimenten.

Jac las: Het kwaad-John Sandford***1/2

Het kwaad

 

Over de auteur:

John Sandford is het pseudoniem van de Amerikaanse auteur John Camp (23 februari 1944). Hij werkte voor de krant Miami Herald van 1971 tot 1978, en verhuisde aansluitend naar Minneapolis waar hij werkte voor Saint Paul Pioneer Press. Hij won de Pulitzer-prijs in 1986 met een artikelenreeks over het leven van een moderne boerenfamilie. In 1989 schreef hij zijn eerste fictieromans, de politiethriller Spel op leven en dood (Rules of prey) en Het duivelscontract (The fool’s run). De laatste werd onder zijn eigen naam (John Camp) gepubliceerd, de eerste onder het pseudoniem John Sandford. Nadat gebleken was dat romans die onder pseudoniem waren gepubliceerd succesvoller waren, werden alle volgende romans onder het pseudoniem John Sandford gepubliceerd.

(Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/John_Sandford#Lucas_Davenport-reeks)

Over het boek:

Dit is deel 25 uit een reeks rondom Lucas Davenport.

Skye en Henry zijn trekkers, die het hele land doorreizen. Alles wat ze hebben zit in hun rugzak. Zij verdienen wat geld als straatmuzikanten. Het stelt allemaal niet veel voor en levert navenant niets op. Zij maken kennis met Letty Davenport, die medelijden met hen heeft en ze meeneemt naar Mcdonalds voor wat vulling. Het gesprek komt op Pilot, de grootste klootzak van Californië.
Skye belt ongerust Letty op. Wat is er nl. aan de hand?

Henry had een afspraak met klote clan van Pilate en is sindsdien spoorloos.

Letty weet haar (stief) vader Lucas Davenport te interesseren voor de zaak.

David reageert laconiek.

Dan wordt Henry een week later uiterst smerig vermoord teruggevonden.

Conclusie:

Lucas Davenport is een schematisch, bordkartonnen uitgetekende hoofdfiguur. De diepte van zijn psychologisch profiel bedraagt 0,01mm. Van de overige hoofdrolspelers trouwens ook. Maar dat is niet van belang in dit boek.

Zijn functie is dat navenant: adviseur bij het BM, bureau misdaadbestrijding. Niemand weet wat hij precies doet, maar met het vangen van boeven zit je er nooit ver naast.

Vergeet de eindeloze autoreizen door al die Amerikaanse staten en die tientallen namen van politiefunctionarissen. Vergeet ook de opsomming van al die culinaire hoogtepunten: van pizza pepperoni tot cheeseburgers.

Het wordt pas echt leuk als die rare moordenaarsbende met discipelen en seksslavinnen à la Charles Manson in zicht komt, met een wereldbeschouwing die niet verder komt dan dealen, blowen, neuken en moorden, in willekeurige volgorde.

Maar het leukste staat niet in het boek, en dat betreft de subcultuur van de Juggalo’s en Juggalettes. Ga uitgebreid googelen en verbaas u over de fans van de Insane Clown Posse, en luister naar hun muziek en kijk naar hun video’s. Erg leuk.
John Sandford is een geroutineerd schrijver, met de nodige harde one liners. Hij legt wel erg de nadruk op de wapen- en geweldsmanie van de Amerikanen. U bent een aantal uren goed onder de pannen als u van een actiethriller houdt. Waardering? Geen top, maar ook niet slecht. Een degelijke middenmoter.
3,5 sterren.

Jac Claasen.