Samen praten met Jan Van der Cruysse- Bling Bling 1 & 2!

Jan

Hopsaaaaa……. na het lezen van zowel Bling Bling 1 als de pas verschenen Bling Bling 2 hebben we de stoute klompen c.q. slippers aangetrokken en gevraagd om een interview. En deze meer dan sympathieke auteur zei gewoon ook gelijk ja!

Wil je ook de recensie nog eens lezen? Klik dan deze link:

Blogtour-Corina las: Bling Bling 2-Jan Van der Cruysse****1/2

 

Het interview:

1: Wie is Jan in vijf woorden?

Tegelijk (meer dan 5):

Reizen + orchideeën + games + modelbouw.

Echtgenoot + vader + poezen.

Ex-luchtvaart + crisiscommunicatie + ex-journalist + boeken.

2: Bling Bling 1 won in 2016 twee prestigieuze prijzen in België en in 2017 de Schaduw Prijs in Nederland. Hoe bizar is dat? En hoe heb je dat gevierd?

Voor mij is het allemaal erg nieuw, zowel het schrijven als de uitgeverswereld en de boekenprijzen. Ik begrijp dat zoiets nooit eerder is gebeurd en dat is natuurlijk een fijn gevoel. Ik knijp mezelf af en toe eens in de arm.

Maar hoe goed Bling Bling 2 ook wordt: dit succes zal ik niet meer evenaren: de HPP zal ik geen twee keer na elkaar veroveren, de DK is inmiddels ter ziele gegaan en de Schaduwprijs is er enkel voor debuutschrijvers. Shortlist voor de Gouden Strop zou daarentegen heerlijk zijn. Maar het vel van de beer…

3: Bling Bling 2 is net als deel 1 een dikkerd (heerlijk hoor) maar schrijven is schrappen. Hoe dik waren ze in eerste instantie?

De originele versie van Bling Bling telde 750 bladzijden. Om het publiceerbaar te maken werden enkele verhaallijnen in hun geheel geschrapt. Het vergde wat puzzelwerk om het verhaal daarna netjes te laten aansluiten, maar ik was best tevreden met het eindresultaat.

Ook Bling Bling 2 was eerst wat langer. Hier en daar werden aan het eind enkele hoofdstukjes in hun geheel geschrapt. Alles wat niet relevant bleek voor de voortgang van het verhaal. In totaal een bladzijde of twintig. Nu zal niemand ooit weten hoe het Chaim is vergaan.

Uiteindelijk tellen BB1 en BB2 precies evenveel pagina’s: elk 530. Geloof me of niet: dat is volstrekt toevallig.

4: Er wordt veel gereisd in de serie; van Antwerpen, naar Hong Kong, Odessa en het mooie Eindhoven. Ben je op alle plekken ook zelf geweest?

Antwerpen, Zaventem en Blankenberge ken ik als mijn broekzak. Bijna alle andere plaatsen in mijn boeken heb ik bezocht, sommige zelfs uitgebreid en meerdere keren. Ik hoop dat je dat ook voelt bij het lezen. Alleen in de landen rond de Zwarte Zee kwam ik voorlopig niet. In Bling Bling 3 komen weer geheel nieuwe locaties. De wereld is een boeiende en gevarieerde plek. Ik kreeg al enkele bijzondere plaatsen te zien en laat de lezer graag meegenieten.

5: In Bling Bling 2 krijgen we op het eind een preview van deel drie. Is hij stiekem al af?

Ik vermoed dat de uiteindelijke versie in sommige details zeker zal afwijken van die preview maar de grote lijnen en het traject van de hoofdpersonages liggen inderdaad vast.

6: Bling Bling is een drieluik geworden. Kunnen we in de toekomst weer een serie verwachten of sla je een volstrekt andere weg in?

Met Bling Bling 3 eindigen de avonturen van Albertien, Beerke, Elisabed en de andere moordvrouwen. Er borrelt (althans op dit moment) geen deel 4 in mijn achterhoofd. Daarna speel ik met twee verhalen waarvan eentje vrij concreet begint te worden. Ik krijg er nu al zin in. Op dit ogenblik denk ik aan losse verhalen, die niets met elkaar of met Bling Bling te maken hebben. Maar alleen de tijd zal dat uitwijzen. Voor ik begon aan BB, was het ook nog niet mijn bedoeling dat dat een trilogie zou worden.

7: Wie of wat heeft je geïnspireerd tot schrijven? Heb je een voorbeeld in de auteurs wereld?

Ik ben onder andere dol op de Millennium-trilogie van Stieg Larsson, de verhalen van Lee Child en die van James Hadley Chase. Maar ook tv-series zoals The Bridge, The Killing, Game of Thrones en Breaking Bad / Better Call Saul vind ik geweldig. En alles wat de Coën Brothers tot dusver op de wereld hebben losgelaten. Zeker hun tv-series van Fargo. Verrukkelijk verknipt.

8: Hoe kom je aan de inspiratie voor het verhaal, en misschien belangrijker voor de personages? Wij hoorde eens “Er zit in elk personage iets van de auteur.” Dat is best creepy als je de psychopathische Elisabed als voorbeeld neemt…

Toen ik aan het verhaal begon waren enkele personages inderdaad geïnspireerd op bestaande mensen en film-figuren. Maar na enkele bladzijden gaan ze een eigen bestaan leiden. Daar zal ook wel een stukje van mezelf bij zijn. Ik had geen idee wat die drie Georgiërs allemaal zouden uitvreten, en van wat Albertien aan het eind van Bling Bling 2 deed met een vleesbrochette heeft ook mij verbaasd!

Het klopt dat sommige mensen me tegenwoordig wat scheef bekijken. Ik ben nochtans dezelfde Jan als tien jaar geleden. Mijn echtgenote laat er in elk geval geen nachtrust voor. Voor ervaring met psychopaten moet je overigens niet op bezoek in instellingen: je vindt ze net zo makkelijk in de politiek en de bedrijfswereld.

9: Heb je een bepaald schrijf ritueel? Alleen ’s morgens of juist midden in de nacht? Complete stilte of een muziekje?

Ik heb een voltijdse baan die veel aandacht verdient, dus ik heb niet de luxe om erg kieskeurig te zijn over de aanpak. Het liefste en gemakkelijkste schrijf ik tussen 21.00 en 03.00 uur. Maar dat laat zich niet graag combineren met een wekker tusse 06.00 en 07.00. Het hoeft niet muisstil te zijn. Ik kan zelfs schrijven op de trein en op café maar liefst alleen aan mijn bureau. Schrijven in de buurt van de tv lukt in elk geval niet: dat leidt me teveel af.

10: Lees je zelf ook veel en wat kunnen we dan in jouw kast verwachten?

Bij momenten las ik vier tot vijf boeken per maand, dan weer maanden helemaal niets. Bijna uitsluitend in het Engels. Tijdens het schrijfproces lees ik geen andere boeken. Dat leidt me af en ik heb daarvoor niet voldoende vrije tijd. Vroeger las ik graag en veel sci-fi en fantasy, later spionage. Misdaad kwam pas tijdens de voorbije jaren.

11: En dan als laatste, we kunnen het niet laten…. Welk Belgisch biertje raad je ons aan?

Ik ben echt geen bierdrinker. Ik ben altijd te vinden voor een Cola Zero. Maar een cultuurbarbaar ben ik niet: cola is het lekkerste op zes graden, geserveerd met drie ijsblokjes, enkele gekneusde blaadjes munt en een schijfje limoen. Maar als het dan toch moet: het aller-allerbeste bier vind ik Bon Voeux van Dupont, een kleine brouwer in Henegouwen. Heerlijk voor lange winteravonden.

Wij bedanken Jan voor zijn tijd en de te leuke antwoorden! En wachten vol ongeduld op Bling Bling3…. Whoohooooo 😀

Samen praten met: Tjeerd Langstraat!

 

Tjeerd Langstraat.jpg

Corina las Eeuwig Donker van Tjeerd Langstraat, zijn tweede thriller. Heb je de recensie gemist? Klik dan even deze link:

Corina las: Eeuwig Donker-Tjeerd Langstraat****

en daardoor mochten wij een paar vragen gaan stellen aan deze drukbezette man. Hoe tof dat hij daar tijd voor wou vrij maken. Yeah!!

Het interview:

1: Wie is Tjeerd? Kan je hem beschrijven in 5 woorden?

Afgelopen maart vierde ik mijn koperen jubileum! Al 12,5 jaar werk ik als freelancer, voornamelijk binnen de journalistiek. In 2013 schreef ik mijn eerste thriller, Villa Gladiola. En op 1 mei 2017 kwam mijn tweede thriller uit: Eeuwig Donker.

En mezelf in 5 woorden omschrijven…: temperamentvol, eigenwijs, sportief, wispelturig, ondernemend.

2: Na je debuut Villa Gladiola komt in Eeuwig Donker Jan Vos weer tevoorschijn. Was je vanaf het begin van plan hem in je tweede boek terug te laten komen? Gaan we hem nog vaker terug zien?

Dat is eigenlijk toevallig ontstaan. Ik kreeg zoveel reacties van lezers dat ze Jan Vos zo’n leuk en interessant personage vinden, dat ik heb besloten om hem in Eeuwig Donker weer op te voeren. En in mijn volgende boek komt hij ook weer terug. Dus je kunt wel zeggen dat een Jan Vos-reeks is geboren!

3: Als we je website bekijken ben je een drukke man. Hoe combineer je al die dingen zonder dat je hoofd overloopt?

Nou… eigenlijk loopt mijn hoofd ook gewoon over. Ik maak er geen geheim van dat ik nogal zwaarmoedig kan zijn, om het maar een naam te geven. 297 ballen tegelijk in de lucht houden, is ook best lastig af en toe, tel daar dat zware gemoed bij op en je hebt een cocktail van jezelf over de kop werken.

Enfin, de positieve keerzijde van de medaille is dat het over het algemeen wel superleuk is.

4: Naast thrillers schrijf je reisverhalen. Zijn er nog plekken waar je per se naar toe wilt om daarover te schrijven?

Ik zou het nog weleens om willen draaien: naar welke plek wil ik juist niet, simpelweg omdat de bestemming me totaal niet aanspreekt en dan daar een verhaal over maken. Dan kijk je met een hele andere blik naar een bestemming.

5: Je hebt een eigen uitgeverij. Waarom die keuze?

Ik had wat mot met de uitgever waar ik voor Eeuwig Donker een contract had. Laten we het daar maar op houden, mot… Dus konden mijn manuscript en ik in augustus 2016 op zoek naar een nieuwe uitgever.

Ik heb toen een stuk of vijf uitgeverijen benaderd. Van een van hen kreeg ik een standaardafwijzing met in de aanhef alleen: ‘‘Beste” – zonder mijn naam – en in de tekst dat ze mijn ontbijtboek met recepten niet wilden. Ze waren zelfs vergeten de titel aan te passen. Weet je, een thriller versus een ontbijtboek met totaal verschillende titels… Vergissen is menselijk, maar dit toont eens te meer de ongeïnteresseerde arrogante houding van veel uitgeverijen aan.

Dat was de druppel. Toen dacht ik: fuck it, ik ga het zelf doen. Achteraf was dat de beste beslissing ooit.

6: Hoe komt het dat je een voorliefde voor thrillers hebt?

Nou, dat is toevallig ontstaan omdat ik bij mijn eerste boek Villa Gladiola werd gevraagd. Het moest een thriller worden. Dus schreef ik een thriller! En het is gewoon een heerlijk onderwerp. Je kan feit en fictie mixen, je eigen wereld scheppen en een enorme spanning opbouwen. Heerlijk om te doen, heerlijk om te lezen.

7: Wat doe je om tot rust te komen?

Intensief sporten, fysiek mezelf uitputten op elk vlak. Ik hou van goede stevige bieren. En op reis gaan, liefst de natuur in met mijn tentje.

8: Wat zien we in je eigen boekenkast? Heb je een favoriete auteur?

Het boek dat ik op dit moment nog steeds het mooiste boek ooit vind, is De schaduw van de wind van Carlos Ruiz Zafon.

Op thrillergebied ben ik onlangs begonnen in de Wallander reeks van Mankell. Ik ga nu beginnen aan zijn vierde. Soms wat ongeloofwaardig, maar wel leuk om te lezen.

En ik lees nu Berlijnse Trilogie van Philip Kerr.

9: Waar schrijf je het liefst? En moet het in totale rust of gewoon lekker met een muziekje op de achtergrond?

Eeuwig Donker heb ik voor een groot deel thuis geschreven, aan de eettafel. Maar zo’n 30% schreef ik vorige zomer onderweg tijdens een roadtrip door Europa. Op mijn iPad. Dus ook de omstandigheden kunnen van dag tot dag verschillen. Soms moet ik echt totale stilte hebben, als ik muziek draai tijdens het schrijven is het vaak klassiek, Bach. Ik moet geen teksten horen, dat leidt teveel af.

10: Zit er in Jan Vos een specifieke karakter trek van Tjeerd? Zo ja welke?

Jan Vos lijkt eigenlijk best veel op mij. Aangezet uiteraard en op bepaalde momenten niet hoe ik dingen zou doen, maar ergens heb ik toch ook de behoefte om een deel van mezelf in mijn boeken te verwerken. Dus dat doe ik in Vos. Een zwaarmoedig man die van het leven geniet, maar dat leven soms best lastig vindt. Met een roerig liefdesleven.

Wij bedanken Tjeerd voor zijn tijd, zijn te leuke open en eerlijke antwoorden en we kijken reikhalzend uit naar een volgend verhaal met Jan Vos!!

Tjeerd

Samen praten met: Michiel Geurtse!

Michiel

Onze Karin las Piet Kreel is nog wel en mede daardoor mochten wij auteur, columnist Michiel Geurtse een paar vragen stellen. Te leuk natuurlijk! Heb je Karin haar recensie gemist? Klik dan de volgende link even aan:

Karin las: Piet Kreel is nog wel-Michiel Geurtse***1/2

Over Michiel:

Piet Kreel is nog wel is de debuutroman van auteur Michiel Geurtse, beter bekend als columnist onder het pseudoniem MichielZiet. Deze geboren en getogen Tukker schrijft zijn columns onder andere voor Fok.nl, het tijdschrift Schik en voor zijn website www.MichielZiet.wordpress.com.

Het interview:

1: Kun je jezelf beschrijven in 5 woorden?

In vijf woorden? Poeh! Uhm… Creatief, Impulsief, Dromer, Chaotisch, Luisterend.

2: Je schrijft al langer columns en korte verhalen en nu dan een roman. Waarom heb je die stap genomen? Was dat altijd al een droom?

Een aantal jaar geleden heb ik een Young Adult Fantasyboek geschreven. Mijn allereerste boek dat helaas nooit is uitgegeven. Dat was mijn grote droom. Een eigen boek. Destijds kwam ik erachter hoe lastig het wel niet is om iets uitgegeven te krijgen, maar vooral om iets te schrijven wat kwalitatief goed is over de gehele linie. Eigenlijk zette ik destijds de stap naar verhalen in de realiteit, en korte verhalen/columns om te leren schrijven met een persoonlijke tintje. Eerlijk is eerlijk: ik wilde ook een grotere doelgroep bereiken dan alleen fantasy. Hoewel hier nog steeds mijn leeshart ligt. Gaandeweg kwam ik erachter dat dit mij veel beter lag, en mensen mijn columns leuk vonden. Toen kwam de droom van mijn boek weer om de hoek kijken. Ik had een schrijfwedstrijd gewonnen voor korte verhalen over een zekere Piet Kreel en zijn wel en wee. Ik won. Een illustratrice vroeg of zij een illustratie mocht maken bij het verhaal, en tja, toen begon ik wel weer te denken aan een boek. Met Piet Kreel. De droom werd voortgezet.

3: Is Piet Kreel gebaseerd op een bestaand persoon?

Nee. Piet Kreel is een verzonnen persoon. Wel heb ik vaak de vraag gekregen of Piet bij mij in de buurt woonde. Dat vond ik wel een groot compliment! Wanneer je toch een licht vergelijk moet maken. Mijn inspiratiebron in beginsel was Meneer Foppe van Wim de Bie. Hij zou de buurman van Piet kunnen zijn. Haha.

4: Zit er veel van Michiel zelf in de hoofdpersonage?

Ja! Zonder meer. Ik denk niet dat je een karakter kunt schrijven zonder er iets van je zelf in te leggen. Zo hebben de belangrijkste bij-personages ook iets van mij in me. Tom Kreel, een kleine rol, zou mijn alter ego kunnen zijn. Hij gaat ruim aan bod komen in deel 2. (Ja, ja, er komt een deel 2 om even te teasen).

5: Hoe vinden we je al schrijvend? In complete stilte of?

Het hele huis kan instorten en dan nog kan ik schrijven! Hihi. Door mijn omstandigheden als mantelzorger heb ik vaak te maken met een dynamische omgeving. Oftewel: lawaai en gedonder. Ik heb me aangeleerd om in een soort bubbel te zitten, waar ik soort van eigen stilte creëer. Vereist is wel dat er een goede muziekzender aanstaat, of anders iets moois op mijn platenspeler. In mijn boeken speelt muziek een belangrijke rol en dat heb ik dan in de werkelijkheid ook graag.

6: Op je website zien we dat je van Fantasy houdt. Kunnen we daar ook ooit een boek over verwachten of blijf je bij de romans?

Zoals gezegd heb ik een Young Adult Fantasy boek geschreven: Thalius en het boek der Goden. Zeer enthousiast ontvangen door de testlezers, helaas nooit opgepikt door een uitgever. Misschien wel leuk om eens een totaal onbekende fantasyliefhebber van jullie site het manuscript eens te laten lezen? Terugkijkend begrijp ik wel dat het boek niet uitgekomen is. Ik was toen een stuk minder ver dan nu. Wel ben ik trots om te vermelden dat ik met dit boek derde werd in een manuscriptenwedstrijd, en met twee korte verhalen in twee fantasy boeken ben beland. Komt er ooit nog een fantasyboek? Zeg nooit, nooit, maar voorlopig richt ik me mijn columns en romans.

7: Lees je zelf ook veel en welke boeken kunnen we in je kast vinden? Heb je een favoriete auteur?

Ik ben een echte wurm! Ik lees zelfs de achterkant van een fles glorix! Mijn boekenkasten puilen uit aan diversiteit. De fantasy voert uiteraard de boventoon. Onder andere mijn favoriete schrijvers in dit genre: Feist, Weis and Hickman en Maryson. Verder lees ik veel Nederlands werk, van columnisten tot romans. Op dit moment lees ik veel Martin Bril en Heleen van Royen. Maar ook Berk, Dijkshoorn, Carmiggelt en natuurlijk Herman Finkers! Voor de rest heb ik veel boeken over cabaret/komedie, muziek (met name Queen) en geschiedenis.

8: Je schrijft ook toneelstukken. Hoe anders is zo’n schrijfproces?

Ja, bij een boek probeer je omgevingen te laten zien, emoties te laten voelen middels omschrijvingen en beschrijvingen. Bij toneel heb je in principe een podium waarom alles moet gebeuren. Je hebt een aantal karakters en zij moeten het verhaal vertellen/spelen. Je schrijft eigenlijk een grote conversatie tussen deze mensen. Tussen haakjes geef je dan gemoedstoestanden weer die de spelers moeten tonen, en hoe ze moeten lopen op het podium. Wanneer gaan ze af en komen ze op e.d. Je denkwijze is dan ook altijd alsof je zelf op het podium staat en de speler bent. Zo schrijf je ook. Gelukkig speel ik zelf toneel en mag sinds dit jaar regisseren. Dat scheelt een stukje met schrijven. Ik schrijf ook nog toneel voor een groep mensen met een beperking voor de Klup Twente. Dit geeft nog een extra moeilijkheidsgraad mee dat je rekening moet houden met niveau per speler. Dat je bijvoorbeeld iemand die zich moeilijk verbaal kan uiten geen lappen tekst geeft.

9: We horen wel eens dat auteurs “bang” voor recensies zijn, had/heb jij dat ook?

Laten we eerlijk zijn, niemand wil graag een slechte recensie. Toch, mits deze goed onderbouwd is, kan je er ook een hoop van leren. En nog eerlijker: goede recensies leiden hopelijk naar goede publiciteit en verkoop van je boek. Want dat is wat iedere auteur graag wil: dat zijn boek veel gelezen wordt. Tot nu toe heb ik het geluk nog geen negatieve recensies ontvangen te hebben. Nog geen reden om bang te zijn. En dan nog: heb je tien goede en een slechte, tja, dan heeft die ene het misschien wel mis gehad. Maar heb je tien slechten en een goede. Nou ja, dan kun je je afvragen of je boek niet goed overkomt. Verder denk ik, als het werk echt niet goed is, dat een uitgever het dan ook niet zo snel zal uitgeven. Een heel lang antwoord voor wat ik eigenlijk zeg: Nee, ik ben niet bang. Haha.

10: Je bent bezig met een vervolg op “Piet Kreel” kan je ons daar al wat meer over vertellen?

Een tipje van de sluier? Dat kan. Deel 2 zal zich meer richten op Tom Kreel, de kleinzoon van Piet. Tom komt net uit een scheiding en probeert zijn leven weer enigszins vorm te geven. Hij denkt dat hij al over de scheiding is, maar door omstandigheden merkt Tom dat dit misschien toch nog niet helemaal zo is. Met zijn nieuwe vriendin Tess en zijn twee kinderen Babette en PJ (Piet Junior), probeert hij zijn leven weer op de rails te krijgen. Gelukkig heeft hij zijn opa Piet Kreel om hem af en toe een spiegel voor te zetten. Dan gebeurt er iets onverwachts. Kan Piet hem hier nog wel in helpen? En wanneer zijn broertje Freek ook nog onverwachtse spatzen heeft, dreig het emmertje aardig over te lopen. Een pittige roman vol dagelijkse werkelijkheid, flashbacks en uiteraard met muziek en humor.

PietKreel

Wij bedanken Michiel natuurlijk heel erg voor zijn tijd en de te leuke antwoorden (vooral voor dat tipje van de sluier! 🙂 …)

 

Samen praten met.. Terrence Lauerhohn!

Wij mochten meedoen aan de Blogtour van Nirwana en oi oi oi onze Karin was meer dan enthousiast. Weten jullie nog? Nee? Klik de volgende link naar haar recensie:

Blogtour-Karin las: Nirwana-Terrence Lauerhohn*****

En daarom mochten wij een paar vragen stellen aan deze meer dan sympathieke auteur. (Denken wij, want we hebben hem nog steeds niet in het echie ontmoet dorrie.)

Het interview:

1: In Nirwana heb je onder andere de “goede”, de “meelopers”, de “Kortwiekers”, de “Stapo”. Hoe bedenk je zulke termen als die laatste twee? Het zijn niet echt alledaagse termen in onze ogen.

Kortwiekers en Stapo zijn inderdaad termen die heel specifiek voor Nirwana zijn verzonnen. De term Kortwiekers is de benaming voor de bendes die het Laatste Arrondissement onveilig maken, en deze naam slaat op de favoriete martelmethode van deze bandieten. De benaming is afgeleid van het werkwoord kortwieken, het afknippen van slagpennen bij vogels, zodat ze niet kunnen wegvliegen.

Stapo is de afkorting voor Stadspolitie, wat ik zelf wel een klinkende en makkelijk te onthouden term vind.

2: Er was wat gedoe rondom de cover, en bij de tweede druk is er dan ook een nieuwe. Hoe frustrerend was / is zo’n proces?

Het is niet echt frustrerend, en mijn uitgever gaf ook onmiddellijk gehoor aan mijn wens om bij de tweede druk een andere omslag te gebruiken. Maar het traject van eindredactie naar boek met omslag brengt altijd spanning met zich mee.

Voor mij is elke publicatie van een nieuw boek als een soort geboorte van een nakomeling, mét alle zenuwen die ouders bij de geboorte van echte kinderen ook voelen. Ik en mijn redactrice hebben er alles aan gedaan om mijn papieren ‘kindje’ Nirwana gezond (goed geschreven) op deze wereld te zetten, maar ik wilde natuurlijk ook dat het er zo goed mogelijk uitzag.

3: Als er een wereld zou bestaan zoals in Nirwana, aan welke kant zou jezelf dan wonen?

Dat is bijna een gewetensvraag, haha. Natuurlijk woont niemand graag in een wetteloze gemeenschap als het Laatste Arrondissement, waar het recht van de sterkste geldt, en zou -vrijwel- iedereen kiezen voor de betere arrondissementen, waar wel werk, eten, onderdak en bescherming gegarandeerd is. Maar daar gelden weer andere regels, die voornamelijk de geestelijke vrijheid van mensen behoorlijk beperken, wat me evenmin aanstaat.

Ik kan alleen maar heel blij zijn dat de vraag een hypothetische is, en dat ik in een vrij land leef. Ik hoop ook dat het nog heel lang zo blijft, en dat onze samenleving in de nabije toekomst niet, net als de wereld in Nirwana, aan huichelarij, wegkijken en hypocritische politici ten prooi valt, of door een vrijwel dictatoriaal regime bestuurd zal gaan worden.

4: Karin beschrijft in haar recensie Nirwana als “Puur, grof, bruut en dit alles toch ook met gevoel” Kan je je vinden in deze omschrijving?

Ik kan me goed in deze beschrijving vinden. Aangezien de aard van de samenleving waarin het verhaal plaatsvindt, grof, bruut en meedogenloos is, kan men daar weinig fijnbesnaard gedrag verwachten. Het leven is hard, de mensen moeten hard zijn om te overleven. Ze hebben geen andere keuze of mogelijkheid om uit die erbarmelijke omstandigheid te ontsnappen. Toegeven, barmhartigheid of zelfs maar het minste vertoon van vriendelijkheid kan daar fataal uitpakken.

Ik wilde deze wereld, wat de personages voelen en denken, en de sfeer van het getto zo realistisch moeilijk beschrijven om alles zo geloofwaardig mogelijk te maken.

Ik wil eveneens dat de lezers begrip kunnen hebben voor de daden van de hoofdpersonages, en met ze meevoelen. Daarom moeten ze als het ware in hun huid kunnen kruipen, wat ik hoop te bewerkstelligen door de lezers een diepe kijk in de gedachten en situaties van de personages in Nirwana te geven.

5: Kunnen we in een volgend boek weer dezelfde soort elementen vinden als in Nirwana? Staat er überhaupt al een nieuw boek op stapel?

Ik heb inderdaad al weer een nieuw manuscript geschreven. Dat is een ook een thriller, maar dat verhaal is op een weer heel andere leest geschoeid dan Nirwana. Zondering, zoals ik het heb getiteld, vindt plaats in het heden, in onze eigen realiteit -een dorpje in Zeeuws Vlaanderen- en bevat geen Sciencefiction of Fantasy elementen. Zondering heeft ook een totaal ander thema dan Nirwana, en is een psychologische, mysterieuze thriller, geen dystopische thriller. In Zondering komt ook veel minder geweld voor, wat voor dat verhaal een onmisbare functie heeft, en wat het heel uitdagend maakte om te schrijven. Maar ik hou er wel de spanning in, en ik heb het natuurlijk (en heel graag) hier en daar toch wel weten te bezaaien met de afschrikwekkendere elementen die altijd wel in mijn verhalen voorkomen. Dus liefhebbers van mijn boeken krijgen wat dat betreft eveneens en zeker hun zin.

6: Nirwana was vorig jaar april al af, hoe lastig is de periode daarna? Het wachten tot hij echt fysiek verschijnt?

Het herschrijven en de redactie van een boek, zodat het publicabel wordt, eist een hoop inspanning en aandacht. Maar vreemd genoeg vind ik dat toch de meest kalmerende periode, want ik weet dat er daarna een beter manuscript voor mijn neus ligt.

Die kalmerende periode duurt echter tot een paar weken voor de fysieke verschijning. Dan begint de lastige periode, die na verschijning nog eens maanden doorzet met zenuwen over de vraag of het boek bij de lezers aanslaat en verkocht wordt.

Terrence bedankt voor je tijd, wij vonden het echt weer super dat je mee wilde werken. En dan is dus ook al een tweede druk daar. Gaaf hè!!! We kijken uiteraard nu al reikhalzend uit naar Zondering!

tweede druk nirwana

 

Samen praten met Mariska Overman!

Over Mariska:

Mariska Overman is eigenaar van een bureau dat de dood bespreekbaar maakt. Ze schrijft als columnist voor verschillende websites over rouw en dood. 13 april 2017 verscheen haar thrillerdebuut Hoofdzaak.

( Bron: http://www.crimecompagnie.nl )

Na het lezen van Hoofdzaak, dankzij Uitgeverij De Crime Compagnie, mochten wij Mariska ook een paar vragen stellen. Hoe tof!! En hoe snel kregen we de antwoorden terug. Dank, dank, dank en wat zijn ze leuk!!

Het interview:

1: Wie is Mariska? En waarom ging zij schrijven?

Ik ben 46, woon in Hengelo (Ov) met mijn man en twee kinderen (en bonuskinderen die er af en toe zijn) van 12 en 16. Ik heb samen met mijn man een bureau (Bureau MORBidee) dat de dood bespreekbaar wil maken. Dat doen we door creatieve producten te bedenken en campagnes te ontwikkelen. Ik heb theologie gestudeerd (hoewel ik niet gelovig ben), en ben docent levensbeschouwing en filosofie, al geef ik momenteel geen les meer. Ik begon op de lagere school met schrijven: korte verhaaltjes, gedichtjes en ik hield een dagboek bij. Later heb ik af en toe een poging gedaan een roman te schrijven, maar dat lukte niet zoals ik het wilde. Sinds een jaar of zes schrijf ik columns en blogs, over de dood en rouw, en af en toe een artikel in een vakblad. Al een paar jaar wilde ik een thriller gaan schrijven. Ik was erg benieuwd of me dat zou lukken. Ik wilde heel graag dat gevoel oproepen dat ik zelf als meisje had als ik een spannend verhaal las (met name van Stephen King).

2: Hoeveel van je werkervaring heb je in het verhaal gestopt?

Ik denk best veel. Ik heb een opleidingsinstituut opgezet bij een uitvaartonderneming, en in die tijd heb ik meegelopen met een overledenenverzorger, die me veel leerde over postmortale zorg. Die kennis heb ik gebruikt voor in het boek. Maar niet alleen de feitelijke kennis. Ik heb in die jaren gezien hoe gepassioneerd mensen werken in dat werkveld. Hoe ze alles op alles zetten om een overledene te verzorgen en toonbaar te maken voor een afscheid. Uit persoonlijke ervaring weet ik hoe enorm waardevol dat is. Ik hoop dat in het personage van Isabel die liefde voor dat vak terug te lezen is.

3: Hoofdzaak schreef je in drie maanden tijd. Dat is best heel snel voor een debuut. Gaat het volgende boek net zo snel?

Drie maanden is inderdaad snel. Achteraf ben ik er best verbaasd over. Maar het ging nu eenmaal als een trein. Het tweede boek lijkt ook snel te gaan. Ik weet niet of ik de drie maanden haal, maar het zal niet veel schelen vermoed ik. Inmiddels ben ik op driekwart van de eerste versie. Vanwege het schrijven van een kort verhaal, een lekkere zomerthriller, ligt het tweede boek even stil, maar zodra het korte verhaal af is, pak ik het weer op.

4: De presentatie is geweest, de eerste recensies staan online. Hoe spannend was het? Lees je elke recensie?

Heel spannend! Bij elke recensie die verschijnt voel ik de kriebels. Ik wist vooraf dat ik het spannend zou vinden, maar het blijkt in de praktijk nog spannender te zijn dan ik voor mogelijk had gehouden. Ik lees alle recensies. Eerst scan ik snel door de tekst, en dan lees ik het in zijn geheel. En iedere keer is er daarna de opluchting…

5: Was je vanaf het begin af aan van plan om in het tweede boek dezelfde hoofdpersoon te gebruiken? En kun je ons al wat meer vertellen over het tweede boek?

Ik was dat niet vanaf het begin van plan, maar wel vrij snel. Ik houd zelf wel van seriethrillers, zoals bijvoorbeeld Karin Slaughter of Camillia Lackberg dat doen, dus de gedachte aan een serie was aantrekkelijk. Tijdens het schrijven merkte ik snel dat ik de personages liever niet los wilde laten nadat het boek af zou zijn. Nu ik werk aan het tweede boek, merk ik dat ze nog dichter bij me komen te staan. En dat ze me blijven verrassen met de dingen die ze doen en zeggen. In het tweede boek, de werktitel is ‘Balans’, is Isabel opnieuw de hoofdpersoon. Ik kan er niet veel over zeggen, omdat ik dan mogelijk iets verraad over Hoofdzaak, maar er is uiteraard een moord, en Isabel wordt erbij betrokken. De moord is, net als in Hoofdzaak, luguber, en stelt o.a. Isabel voor een groot raadsel… Het verleden van Isabel en de gebeurtenissen uit Hoofdzaak spelen eveneens een rol in ‘Balans.’ Hoe gaat Isabel om met alles wat gebeurde?

6: Donna Tartt is o.a. je favoriet met De verborgen geschiedenis. Heb je ook nieuwere werken die je hart gestolen hebben?

O ja, absoluut! Ik heb recent Jo Nesbø ontdekt, dat vond ik geweldig. Erg blij werd ik ook van De Negendoder, een Duitse thriller die zich in Berlijn afspeelt. En HEX van Thomas Olde Heuvelt deed mijn hart ook sneller kloppen… Ik lees ook graag andere boeken dan thrillers. Op dit moment lees ik Het smelt van Lize Spit. Ik ben erg onder de indruk tot nu toe, ze schrijft prachtig!

7: Je schreef eerder columns en blogs, hoe anders is het schrijfproces van een boek? Zit er sowieso enige vergelijking in?

De enige duidelijke overeenkomst die ik voor mezelf kan vinden, is dat ik beide heel gevoelsmatig schrijf. Ik ga zitten en zie wel wat er komt. Ik heb gemerkt dat ik vooral op vertrouwen moet werken, en niet teveel moet willen bedenken voor ik daadwerkelijk ga schrijven. Een groot verschil tussen columns, blogs en een boek is wel dat ik voor een boek veel aantekeningen maak. Als ik dat niet doe ga ik van alles vergeten. Een ander groot verschil is dat een boek verzonnen is, de columns en blogs gaan over meningen en ervaringen. Hoewel ik uiteindelijk merkte dat zelfs in een volkomen fictief verhaal als Hoofdzaak, er toch veel van jezelf en je eigen leven in gaat zitten. In personages, in gebeurtenissen.

8: Als je schrijft is dat dan in complete rust of juist met achtergrondgeluiden?

Met muziek! In mijn dankwoord heb ik daar ook aandacht aan besteed. Muziek inspireert enorm. Ik luister soundtracks van series die ik cool vind, zoals The Walking Dead, maar ook naar mijn grote favoriet Ryan Adams. En tijdens het schrijven van Hoofdzaak heb ik het album Purpose van Justin Bieber grijsgedraaid. Tot grote vreugde van mijn dochter…

9: Een auteur kan niet zonder proeflezers horen wij wel eens, had jij die ook en kies je die zelf, of krijg je daarbij hulp van de uitgever?

Ik heb voordat ik mijn manuscript opstuurde drie mensen uit mijn eigen omgeving laten proeflezen. Ik wilde graag weten of het een goed verhaal was, niet te voorspelbaar, spannend genoeg, etc. De uitgever heeft vervolgens ook nog een aantal proeflezers erop losgelaten. En ja, dat is erg fijn. Het is eng en confronterend, maar erg zinvol. Een boek wordt er absoluut beter van.

10: Bij ons in de groep gaat lezen vaak in combinatie met een glaasje wijn, wat is jouw favoriete drankje tijdens het lezen en/of schrijven?

Herkenbaar! Althans, het hangt wel af van het tijdstip waarop ik schrijf of lees.  Overdag drink ik graag koffie erbij, maar in de avonduren mag er een wijntje of (Belgisch) biertje bij. Heerlijk!

Wij hebben met veel plezier dit interview gemaakt en Belgische biertjes keuren wij ook meer dan goed tijdens het lezen 😀  Ben je benieuwd naar Hoofdzaak? Klik anders even deze link aan naar onze recensie, vier en halve sterren it issss.

Corina las: Hoofdzaak-Mariska Overman****1/2

Samen praten met Felicita Vos!

felicita

Hadden wij pas geleden een te leuke recensie actie omtrent Spaans Bloed van Felicita Vos dankzij Uitgeverij De Kring, hebben we nu dus een te leuk interview met de schrijfster van deze heerlijke en indrukwekkende roman!

Spaans bloed juist

Over Felicita Vos:

Felicita Vos is dochter van een Roma-vader en een Nederlandse moeder. Haar schrijverschap kenmerkt zich door een grote maatschappelijke betrokkenheid. Haar non-fictieboek Blauwe haren, zwarte ogen (2008) gaat over de Roma-cultuur. In Addergebroed onderzoekt ze taboes als vrouwenhandel en darkrooms. Haar romandebuut Duivelsklauw (2014) beschrijft een bijzondere familiegeschiedenis waarin de Roma- en de Nederlandse cultuur botsen. Spaans bloed is op 9 maart verschenen.

( Bron: http://www.uitgeverijdekring.nl )

Het interview:

1: Wie is Felicita?

Ik ben dochter van een Nederlandse moeder en een Roma vader. Ik woon in het hart van Arnhem, een groene stad met veel parken en bos, maar ook heide in de omgeving. Ik voel een sterke maatschappelijke betrokkenheid, heb een onderzoekende geest en een open en nieuwsgierige houding naar de wereld om mij heen. Ik droom graag, maar ben ook een realist. Verder geniet ik ervan om samen met vrienden te eten, gezellig (voor mij vegetarisch) te tafelen, te filosoferen, maar ik houd ook van afzondering, rust en ruimte om te kunnen creëren.  Verder houd ik enorm veel van dieren. Ik geniet iedere dag intens van mijn twee windhonden Lilly en Hazel en mijn twee katten Gina en Olivia.

2: Waarom wou je schrijfster worden?

Ik kon al op vrij jonge leeftijd lezen, en verdween dan ook het liefst in verhalen die ik met mijn eigen fantasie kon inkleuren. Zodra ik de magie van het geschreven woord ontdekte, wist ik dat ik schrijfster wilde worden. Het geeft me de  kans om in een andere werkelijkheid, een ander leven te stappen, verhalen te vertellen waarmee ik iets wakker wil schudden, een andere horizon creëer, lezers even alles wil laten vergeten, meeneem naar onbekende oorden waarin ik ze in een andere werkelijkheid wil laten vertoeven.

3: Je schrijft verschillende genres, romans en non-fictie. Hoe anders is dan het schrijfproces?

Goede vraag! Ik werk heel gestructureerd, en heb zowel bij mijn non-fictie boeken als mijn romans vooraf een plan, en helder voor ogen waar ik heen wil. Het verschil zit hem voor mij in het feit dat het schrijven van non-fictie meer journalistiek van aard is. Het gaat meer om letterlijke feiten, en de lezer verwacht dat ik de waarheid weergeef. Het schrijven van een roman geeft mij veel meer vrijheid en niet de feiten, maar de verbeelding staat centraal. Het schrijven van een roman begint met een idee, iets wat ik  gezien of gehoord heb, en wat in mij gaat leven. Ik ga broeden op een verhaallijn, bedenk personages die ik vervolgens uitnodig in mijn leven, en een stem geef zodat het mensen van vlees en bloed worden. Ik besteed veel tijd aan research, maar ontkom er niet aan de veelheid aan informatie te kanaliseren in wat ik wil vertellen. Alles staat in dienst van het verhaal, de ritmiek van de zinnen, de melodie. In zekere zin zie ik een roman ook als een muziekstuk.

4: Zijn er nog andere genres die je zou willen proberen?

Ik voel mij enorm thuis in het schrijven van romans, en heb op dit moment niet de behoefte een ander genre uit te proberen.

5: Voor research van je boeken ga je vaak op reis, en volgens je website ook naar plekken waar niet veel mensen komen. Wat is de vreemdste plek waar je ooit geweest bent?

Een darkroom voor mannen en afwerkplekken voor vrouwen. Dat zijn er twee. Als je mij vraagt wat de meest aangrijpende plek is geweest die ik bezocht heb, dan is dat zondermeer het vernietigingskamp Auschwitz en Birkenau.

6: Je geeft ook lezingen. Waarom ben je dat gaan doen? Is er een terugkomend thema in je lezingen?

Ik geef lezingen, omdat ik het enorm leuk vind om in contact te komen met mijn lezers. Ik vind het iedere keer weer bijzonder om te horen hoe mijn boeken door de ogen van de lezers ervaren worden, en wat het doet met hun belevingswereld. Terugkerende thema’s zijn mijn boeken, research en ook de Romacultuur waar veel mensen vragen over hebben.

7: Spaans Bloed is je laatste roman. Ben je al bezig met een volgend boek?

Jazeker! Ik heb de verhaallijn al grotendeels uitgebroed, en ik ben bezig met research.

8: Waar heb je je inspiratie vandaan gehaald voor Spaans Bloed?

Ik schreef ooit een kort verhaal waarin een anesthesist door zijn tweelingbroer gedwongen werd op een bizarre manier vrouwen te verhandelen. Ik deed daar research voor, en belandde in een keiharde, voor mij letterlijk ziekmakende wereld, en ik vond dat ik het onderwerp in een kort verhaal geen recht deed. Ik besloot het thema vanuit een ander perspectief in een roman te verwerken. Dat is de roman Spaans Bloed geworden. Het was niet mijn intentie een roman puur en alleen over vrouwenhandel te schrijven, maar meer over de kracht en moed van een jonge vrouw die een onterende geschiedenis te boven komt.

9: Vooral in de verhaallijn van Pilar komt veel religie (katholicisme) voor. Heb je daar affiniteit mee?

Ik ben als baby in de katholieke kerk gedoopt, en daar houdt het zo ongeveer mee op. Ik moest voor de verhaallijn van tante Pilar dan ook diep in het rooms-katholieke geloof duiken.

10: Lees je zelf ook veel? En wat kunnen we in je boekenkast vinden?

Ja, ik houd enorm van lezen. Als klein meisje al. Het liefst zat ik met een boekje in een hoekje. Of ik verzon verhalen, schreef gedichten of toneelstukjes. Als ik alle schrijvers die mijn boekenkasten bevolken moet opsommen, dan wordt het een lange lijst. Een aantal van mijn literaire helden zijn: Gabriel Garcia Marquez, Mario Vargas Llossa, Franz Kafka, Gustave Flaubert, José Luis Borges, Virginia Woolf, Henry Faulkner, Thomass Mann, Günter Grass, en Federico Garcia Lorca. Hoewel ik nu misschien een andere indruk wek, lees ik ook veel Nederlandse schrijvers hoor.

11: Schrijven is schrappen horen wij vaak, hoe lastig is dat?

Dat kan soms heel lastig zijn. Maar uiteindelijk staat alles in dienst van het verhaal. Dat betekent soms ook dat je zinnen of passages die je verhaal niet ten goede komen met pijn in het hart moet schrappen. Ik zie het proces uiteindelijk als een vorm van diamantslijpen. Je wilt alle facetten van je verhaal goed tot zijn recht laten komen en daarvoor moet je soms offers brengen.

Wij vonden het super dat Felicita de tijd wilde nemen om onze vragen te beantwoorden, een dikke bedankt daarvoor! Ben je nieuwsgierig geworden? Lees dan via de volgende link onze duo-recensie, want Ka & Co zijn fan en kijken uit naar het volgende boek!

Samen Gelezen-Karin & Corina: Spaans bloed-Felicita Vos****1/2

 

Samen praten met Nienke Pool over Yin en Yang

 

Wij lazen pas het kinderboekje Yin en Yang van Nienke Pool en Ingrid van der Knaap en onze Karin schreef daar een mooie recensie over zie de link:

Karin las: Yin en Yang-Nienke Pool en Ingrid van der Knaap***1/2

Te leuk het eerste kinderboekje op Samenlezenisleuker en hoe leuk is het dan om ook een kort interview te mogen doen met de auteur?? Wel zie hier het resultaat!!

Het interview:

1: Is het lastig om een kinderboek te schrijven? Of maakt het hebben van kinderen dat makkelijker?

Is het simpel? Nou ja en nee. Je moet het ten eerste leuk vinden om te doen. Dat is een vereiste. De liefde voor je verhaal spat altijd van het papier, ook als het niet perfect geschreven is. Het is voor iedere leeftijdsgroep even zoeken naar de juiste taal en het juiste onderwerp. Ik vind het vooral erg leuk om te doen.

2: Hoe belangrijk zijn de illustraties in een kinderboek? Verandert dat per leeftijd?

Illustraties zijn erg belangrijk. Wij beginnen al heel vroeg met boekjes geven aan onze baby’s (denk aan de fleurige kauwboekjes). De jongste kinderen schotelen we dikke kartonnen boeken voor met mooie plaatjes. Als ze ouder worden komt er steeds meer tekst bij. Hoe groter ze worden, des te meer details we in de tekeningen stoppen. Vanaf groep 5-6 gaan de boeken twee kanten op, “echte” leesboeken met veel tekst, en “doe en kijk” boeken zoals De Waanzinnige boomhut en Geronimo. Voor beide boeken is veel te zeggen. Het is goed dat er boeken met en zonder plaatjes zijn voor kinderen van de basisschool.

In ons boek hebben we ook gekozen voor relatief veel illustraties. China is een onderwerp waar kinderen doorgaans niet veel over weten. Met de tekeningen wordt een basis gegeven van de sfeer. Het is een houvast om de inhoud te begrijpen.

3: Als auteur van verschillende genres, zijn er nog genres die je wilt verkennen?

Volwassen boek. Ik ben bezig met een thriller. Dat duurt nog jaren voordat het af is, maar ik heb de tijd. Daarnaast schrijf ik aan een kinderthriller en aan een historisch fantasyboek voor YA. En ik ga over een week of wat verder met het 2e deel van deze reeks. En natuurlijk volgt er t.z.t. een nieuw Stympha-avontuur.

4: Ying en Yang speelt in China waarom is daar voor gekozen?

Ik ben geschiedenisdocent en een aantal jaren geleden was China het eindexamenonderwerp. Ik heb er toen veel over gelezen. Dus de setting kwam heel natuurlijk.

5: Promotie is een belangrijk ding in boekenland, gaat dat bij een kinderboek anders dan bij een “volwassen” boek?

Er zijn heel veel leuke kinderblogs. Voor volwassenboeken heb je dat ook, maar die komen toch ook allemaal samen in Facebookgroepen als Samenlezenisleuker. Daar komen alle boeken aan bod. Dat mis ik in kinderland. Het is namelijk ondoenlijk om al die kinderblogs een recensieboek te sturen, en het is voor de kinderboekenbloggers ondoenlijk om alle boeken die uitkomen te kopen. Het bereik per blogger is veelal niet zo groot. Hier, in deze groep, mogen bloggers hun mening geven over alle boeken, hierdoor wordt hun bereik vele malen groter. Aan de andere kant, kinderen lezen veel dus worden er relatief veel boeken verkocht en uitgeleend.

6: Als illustrator maak je de illustraties naar aanleiding van het
verhaal of komt het verhaal na de illustraties? Of zit daar juist een
wisselwerking in?

Ik heb mijn verhaal aangepast in details op de illustraties. In ons volgende boek is Ingrid al verder dus ga ik mijn verhaal deels voegen naar haar tekeningen.

7: Waar haal je inspiratie vandaan voor een kinderboek?

Als historica is mijn inspiratie onuitputtelijk. En het leuke is, ik hoef het niet eens zelf te verzinnen want het is al gebeurd. Als je veel leest over bijvoorbeeld het Oude China, dan denk je op een gegeven moment, hoe zou het zijn om daar rond te lopen? Hoe zou je denken en voelen? Daarover schrijf ik dan een verhaal.

8: Hoe komt een samenwerking tot stand, hoe hebben jullie elkaar ‘gevonden’ ?

Dat heeft Esther gedaan. Ik kwam Esther tegen en we kenden elkaar al van Facebook. Ik zei dat ik een kort verhaal had liggen over China. Stuur maar op zei ze, en mailde een paar dagen later dat ze het wilde uitgeven. Ze wist ook al iemand die perfect was voor de illustraties.

9: Er komen veel goede reviews, maar toch ook een paar meer kritische, hoe lastig is dat verschil?

Voor mij niet. Ik heb nu ongeveer 70 publicaties en mensen vinden het vaker leuk dan niet. Dat wil niet zeggen dat de mensen die kritiek hebben ongelijk hebben. Integendeel. Die zien het verhaal vaak heel goed. Bij dit verhaal is de kritiek dat het wel erg plastisch is. De eunuch heeft in een zakje de ballen om zijn nek hangen. Die draagt hij overal mee naar toe. Dat is voor het leven na de dood, die wil je tenslotte niet betreden zonder je ballen. Dit is een historisch feit. Maar hoort dit in een kinderboek thuis? Hierover zijn de meningen verdeeld.

10: Ying en Yang is een kinderboek, ook voor kleuters volgens de website van Droomvallei. Na het lezen denken wij eerder aan de bovenbouw van de lagere school. Hoe “hang” je een leeftijd aan een kinderboek? En hoe lastig is het als je daar dan kritiek op krijgt?

Ik vind het ook voor bovenbouw. Kritiek is allang niet lastig meer. Een kok kookt niet voor alle monden, en ik schrijf niet voor iedereen. De enige kritiek waar ik niet zo goed tegen kan, is als mensen zeggen wat ik zou moeten schrijven. De een zegt dat ik geen fantasy moet schrijven, en de ander vindt dat ik geen kinderboekjes moet schrijven. Dan denk ik waarom? Is daar een wet voor?

Nee, gelukkig niet! Wij bedanken Nienke natuurlijk voor haar tijd en kijken uit naar alles wat er van haar hand verschijnt.