Jac las: Hartzeer-Chelsea Cain****

hartzeer

Over het boek:

In haar nawoord geeft Chelsea aan dat dochter Elizabeth ‘ het boek pas mag lezen als ze eenentwintig wordt. Ik meen het.’

Op zich is dit niet zo verkeerd. Chelsea neemt namelijk geen blad voor de mond als het gaat om de moordpartijen en martelingen die Gretchen Lowell in de regel pleegt uit te voeren. Want het is me er een, die Gretchen! Haar feeërieke naam is in totale tegenspraak met haar perfide gedrag. Gretchen is een knettergekke, manipulatieve, hartstikke intelligente en bovendien bloedmooie vrouw.  Die combinatie van factoren maakt haar tot een dodelijk wapen, een ongeleid projectiel bovendien. Een psychopaat van het zuiverste water. ‘Wat ik niet kan bevatten, is dat er mensen zijn die opstaan, naar hun werk gaan en weer thuiskomen zonder ooit iemand te vermoorden.’

Archie Sheridan is de tweede hoofdfiguur in deze thriller. Als rechercheur en teamleider van het Beauty Killer team is hij tien jaren in de weer geweest om deze weergaloze blondine achter de tralies te krijgen. Alleen heeft Gretchen Archie te pakken gekregen. Het kostte hem bijna zijn leven en huwelijk.

Derde hoofdrolspeelster is Susan Ward. Susan, bepaald niet de koningin van het schoolbal vroeger, roze haar, laag in de nek in een staartje en dochter van een gestoorde moeder en een te vroeg overleden hippie vader, verslaggever bij de Herald, moet een serie verslagen maken over Archie. In het kader van een beter publieksbeeld over de rol van de politie in de samenleving, zogezegd.

Conclusie:

De plot van Hartzeer zit goed in elkaar. Na twee jaar herstel, alleen een verslaving aan Oxycontin en wat ander spul herinnert nog aan die verschrikkelijke faux pas, wordt Sheridan teruggeroepen. Er is weer een nieuwe seriemoordenaar actief. Of hij opnieuw de teamleider wil worden van het Beauty Killer team. De drie karakters rollebollen met elkaar in een ongeloofwaardige thriller. Dat maakt het verhaal niet minder boeiend om te lezen. De totaal verwrongen en misvormde verhouding tussen Gretchen en Archie die onthutsende proporties aanneemt, terug te voeren op het Stockholm syndroom, wordt door Cain tot de kern van het boek  gemaakt en is boeiend en spannend tegelijk.

Het harde debuut, het begin van een serie, van Chelsea Cain, cynisch waar nodig en vol van bittere humor en dito oneliners op zijn tijd, is mij uitstekend bevallen. Al is het twaalf jaren na publicatiedatum. Wat goed is, blijft goed.

4  ****

Jac Claasen.

Advertenties

Jac las: Godenstemmen van Jean-Christophe Grangé*****

godenstemmen

Het verhaal speelt rond de kerstdagen van 2006. In de Armeense kathedraal Saint-Jean Baptiste in Parijs, is Lionel Kasdan, 63 jaar, Armeniër van geboorte en gepensioneerd commandant moordzaken, toevallig op bezoek bij vader Sarkis als hij door deze laatste er bij wordt gehaald om een lijk te onderzoeken, een lijk dat tussen de orgelpijpen en het klavier gevangen zit.

Het gaat om Michel Goetz, een dirigent van kinderkoren. Goetz is 20 jaar geleden, in 1987, gevlucht uit Chili en werkt al die tijd in Parijs. Een schoenafdruk maat 36 staat in het bloed. Een ooggetuige?. Een van de jongens van het koor? Kasdan krijgt de raad om te stoppen en zich verder niet te bemoeien met de moordpartij. Maar Kasdan kan dat niet, immers de dader heeft zijn territorium ontwijd. ‘Ik zal hem vinden. Ik ben de bewaker van de tempel’

Cédric Volokine van het Team Bescherming Minderjarigen bemoeit zich er mee. Volokine, met de demonen in z’n hoofd en de rest van zijn lichaam, met zijn armoedige pak, zijn legerjas en pukkel is een dolle hond. Volgens Kasdan. Samen gaat dit wonderbaarlijke, niet-officiële duo vol op onderzoek uit.

Grangé beschrijft met verve en grote penseelstreken beide mannen, hun drijfveren en hun achtergronden. Kasdan moet weer in zijn smerissenhuid kruipen evenals Volokine. Maar die laatste weer om een heel andere reden In een rotvaart passeren vele personen, instanties, gebeurtenissen en tal van bijzondere zijverhaaltjes de revue, zoals het Angelus (Frans: L’Angélus) een beroemd schilderij van Jean-François Millet. Toch zijn het niet de penseelstreken die overheersen, maar is het de muziek die de eerste viool speelt in dit boek. Zoals het miserere van Gregorio Allegri , het pelgrimskoor uit Wagner’s Tahnhäuser, de Diabellivariaties van Beethoven of het Deutsches Requiem van Brahms, een van de meest mysterieuze werken ooit geschreven.

Grangé voert de lezer mee. Op een reis naar de waanzin. Geen enkele indicatie, geen enkele hint naar de bestemming. De reis op zich is het uiteindelijke doel, niet de bestemming. En dat is ook het patroon wat in praktisch elk boek van Grangé terugkomt: de reis naar de waarheid voert langs talloze, aan de geweldige fantasierijke geest van de schrijver ontsproten tussenstations. Er ontspint zich een waanzinnig verhaal rond kinderen in traditionele BayerischeTracht met lederhosen en groene hoedjes met veren, waanzinnige chirurgen en meer van dat soort volk die zich uitleefden op het voetvolk tegen de achtergrond van de geopolitieke verhoudingen in de tachtiger en negentiger jaren van de vorige eeuw. En de wedergeboorte van het kwaad in Parijs en Frankrijk.

Grangé gaat in deze macabere mix van thriller en een vleugje horror wel erg te keer en scheert langs de donkerte en duisternis van de afgronden van de menselijke geest èn lichaam, waar nauwelijks grenzen lijken te zijn aan het verderf en rottingsproces van een tot op het bot verdorven homo erectus. De donkere kijk van Grangé op de mensheid  bevat geen grijstinten meer, maar is zwart, pikzwart.

Vijf zwarte sterren.

Jac Claasen.

Postscriptum.

De Franse titel is Miserere, om onduidelijke redenen vertaald in Godenstemmen. Voor u begint met lezen, kunt u het beste luisteren naar het Miserere van Gregorio Allegri, met de fameuze hoge noten, alleen te halen door een kind of een castraat. Benieuwd geworden? Dit is de link:

https://youtu.be/IA88AS6Wy_4

Of bekijk de Diabellivariaties van Beethoven. Ga naar You Tube, naar de interpretatie 3/8 van Enrico Sansesi. Het kost u 7:51 minuten van uw leven. En profil opgenomen, zeer krachtige toetsaanslag, de verbeten trek om de mond, de slechte akoestiek, de nagalm, het boeit op een geweldige manier.

Jac las: Vaarwel-Jesper Stein****1/2

Vaarwel

Juni 2004. Kopenhagen. In het Ørstedparken, ‘Het anaalparadijs voor rondzwervende homo’s‘, wordt Marie Schmidt uit het water getakeld. Marie, achttien jaar en net geslaagd voor haar eindexamen, is sinds anderhalve dag vermist. Het wordt de Merel-zaak genoemd. Haar moeder noemde haar Merel.

2008, Alex Steen, inspecteur,  krijgt een telefoontje van Kaspersen van de DNA afdeling van het forensisch instituut in Kopenhagen. Er is een speekselmatch aangetroffen in een recente verkrachtingszaak, de match betreft  het speeksel aangetroffen op de studentenpet van Marie Schmidt.

De verbetenheid waarmee Axel Steen zich op  de moord stortte  in 2004 had  dramatische gevolgen voor z’n huwelijk.  Hij heeft de liefde van zijn leven, de grillige Cecilie,  verloren aan adjunct-hoofdcommissaris Jens Jessen, de briljante, efficiënte, rationele jurist, de zakkerige streber die koste wat kost de top wil bereiken. Vier jaar later botst de workaholic en geweldspsychopaat met alles en iedereen om z’n gelijk te halen. Hij lijkt te ontsporen en doet dingen die niet zo goed zijn voor een inspecteur, is agressief en snel woedend. En dan zit hij op een dag in een auto, op verkenning, sorry, is een kerel aan het  schaduwen met een vent die elke dag naar bed gaat met de vrouw die bij hem is weggegaan en van wie hij meer had gehouden dan van wie ook ter wereld.

Harde confrontaties in een zeer moeizaam verlopend en gedetailleerd, boeiend beschreven opsporingsproces, met snelle en minder snelle seks, drugs- en drankgebruik die leiden tot verloedering van Alex Steen. De inmiddels uitgebreide Merel-zaak zoog hem op, hij leefde nergens anders voor. Een dwangneurose met dramatische gevolgen.

Vaarwel is een harde thriller in de beste Jo Nesbø tradities. De lone wolf die brutaal zijn gang gaat moet daar een hoge prijs voor betalen. Zeer goed uitgewerkte karakters, met name binnen de relationele relaties, maar ook in de werkverhoudingen, zoals alles klopt in deze spannende thriller:  hard, strak en triest. Geen tijd voor een sprankje bijtende humor of cynische oneliners. Wel tijd voor de uitwassen van de Deense heilsstaat èn voor Cornelis Vreeswijk.

Vaarwel is zonder meer de beste van de drie thrillers van de hand van Jesper Stein die uitgegeven zijn op de Nederlandse markt. Karakter Uitgevers heeft verschrikkelijk geblunderd met de volgorde van de publicaties in deze serie.

4,5 sterren.

Jac Claasen.

Jac las: Watergraf-Simon Beckett***

Watergraf

Dit is deel vijf uit de serie rond David Hunter, voormalig huisarts en nu forensisch antropoloog van beroep. Het is het eerste boek van Simon Beckett dat ik ter hand neem.

Het verhaal speelt zich af in de Backlands aan de Engelse westkust in het Saltmere estuarium, waar eb en vloed een eeuwigdurende strijd voeren om de heerschappij over modder, water en land. En dat ervaart de lezer aan de lopende band. Het gaat over water, water en nog eens water. In alle mogelijke vormen maar meestal bedreigend en dodelijk. Het verhaal is snel verteld. Hunter raakt betrokken bij de vondst van een lijk op een wad waarbij zijn expertise vereist is om wat duidelijkheid te verkrijgen over zaken die kunnen bijdragen aan de identificatie van een lijk. Enfin, onze speurneus rolt van het ene lijk in het andere en weet daarbij telkens de politie een stapje voor te zijn. Een beetje onwaarschijnlijk.

De grote nadelen aan dit boek zijn de gedetailleerdheid en het ontbreken van een breder perspectief door de gebruikte ik-vorm. Neem bijv. het uitermate uitvoerig beschrijven van allerlei forensische onderzoeken. Het uitkoken van botten komt me op een gegeven moment de neus uit. Helaas is die wijdlopigheid niet aan mij besteed. Het deed me denken aan Elizabeth George, de Amerikaanse schrijfster, die haar omvangrijke verhalen altijd in Engeland laat afspelen en ook altijd breed van stof is.  Van deze schrijfstijl moet je houden. Ook de vrij kinderachtige manier waarop met de romantiek wordt omgegaan is hopeloos. Hoewel Beckett een meester is in het tactvol omschrijven van netelige situaties en handelingen is hij uiterst terughoudend, bijna verlegen als het liefdesleven van David Hunter aan bod komt.

Simon Beckett is een geroutineerd schrijver. Dat levert twee opmerkelijke zaken op. Het verhaal is fraai geconstrueerd en zit potdicht. Er zijn geen losse eindjes meer aan. De spanning is goed gedoseerd in het boek aanwezig. Verder is het van belang te vermelden dat Beckett een zeer actueel thema prominent in beeld brengt. Het  leidt tot een fenomenaal  wow moment.

De saaie schrijfstijl leidt tot:

Drie sterren.

Jac Claasen.

Jac las: Beklemming-Franck Thilliez****

Beklemming

Beklemming is het vijfde deel uit de reeks rond inspecteur Franck Sharko, werkzaam bij de politie in Parijs.

De hoofdrol in Beklemming is niet weggelegd voor Franck Sharko of zijn vouw Lucie Hennebelle, maar voor hun directe chef,  hoofdinspecteur  Nicolas Bellanger en voor Camille Thibault, technisch rechercheur in  Villeneuve-d’Ascq , gelegen in het ‘departement du Nord’ , vlakbij de Belgische grens. Camille wordt geteisterd door dromen en nachtmerries en een slecht hart. Zij gaat op zoek naar de afkomst van haar hart. Bellanger en Thibault trekken samen op tegen het Kwaad.

Thilliez laat de reis naar het Kwaad  lopen via het inferno van de hel in La divina commedia zoals beschreven door  Dante Alighieri, nu spelend  in Parijs – u dient dit letterlijk  te nemen-  naar La Colonia Montes de Oca, ver in het diepe zuiden van  Argentinië, en niet te vergeten via  de ‘Driehoek des doods’ in Madrid en de casas cuna, verschrikkelijke instellingen in Spanje en Agentinië  waar  de rotte, misdadige, fascistische regimes van Franco en Videla zich met excessief geweld en machtsmisbruik handhaven. Altijd onder het toeziend oog van een rooms-katholieke kerk, die deel uitmaakte van het regime van terreur en onderdrukking, en die immer meer oog had voor het belang van de dictators dan voor het kerkvolk..

Thilliez draaft behoorlijk door, kijkt niet op een liter bloed of een lijk meer of minder, maar een ingenieus plot verhindert dat de thriller in elkaar zakt. Het boek bevat een groot aantal wrede en sinistere scènes. Het blijft spannend. Verwacht ook geen psychologische hoogstandjes, het is allemaal basic, rechttoe rechtaan. Uitzonderlijk genoeg wordt Camille Thibault, de forse, grote, sterke en zwakke vrouw als enige behoorlijk uitgetekend.

Thilliez heeft wederom een donkere, keiharde thriller geproduceerd. De macabere beelden van het Kwaad blijven aan het verhemelte plakken. De invloed van Grangé is onmiskenbaar.

Vier sterren.

Jac Claasen.

Jac las: Wie zint op wraak-Bo Svernström****1/2

wie zint op wraak

Over het boek:

Marco Holst is een oude bekende van de politie, met een lang strafblad. Hij wordt gekruisigd gevonden met z’n rug tegen de muur in een landbouwschuur in de buurt van Stockholm. Een team o.l.v. inspecteur Carl Edström, met de agenten in burger Jodie Söderberg en Simon Jern wordt op de zaak gezet. Wat in eerste instantie een extravagante moord lijkt, ontaardt meer en meer in een bloedige reeks afrekeningen of terechtstellingen, lijkt het wel.

Carl Edström is een wat oudere bedaagde inspecteur. Hij deed me een beetje denken aan Martin Beck, de flegmatieke anti-held van het Zweedse schrijvers echtpaar Maj Sjöwall en Per Wahlöö. Edström is gescheiden en heeft een vriendin. De relatie stelt niet veel voor. Zijn puberdochter Linda doet ook moeilijk.

De tweede hoofdpersoon is Alexandra Bengtsson, verslaggever bij Aftonbladet als nieuwsreporter, al dertien jaar lang. Haar carrière biedt geen perspectief meer. Zij is moe. Het aanhoudende aantal moorden, waar geen enkel verband in zit, lijkt voor Alexandra de mogelijkheid om wat hogerop te komen. Zij grijpt de kans en gaat achter de brute en gewelddadige moorden aan, die door Svernström expliciet en zonder enige terughoudendheid beschreven worden.

Het boek bestaat uit drie delen. In het eerste deel staan de moorden en de opsporing centraal. Deel twee opent met een sensationele openingszin. Alles lijkt op z’n plaats te vallen. Maar is dat wel zo? In een klap verschuift het perspectief grotendeels naar de moordenaar. Diepgaand gaat de auteur in op jeugd, opvoeding, de verknipte relationele verhoudingen binnen een gezin èn de beslissende gebeurtenis met de verregaande gevolgen. De psyche van de dader derhalve. De lezer gaat zich identificeren met de moordenaar en hoopt maar een ding: dat de dader zijn taak moge afmaken en uit handen kan blijven van Carl Edström c.s. Het draait alleen nog maar om de vraag : hoe redt de moordenaar zich hieruit?

Conclusie:

Het centrale thema is wraak. Dit thema is uitbundig uitgewerkt. In het tweede deel wordt de psychologische achtergrond van de crimineel uitvoerig uit de doeken gedaan. Met vele flashbacks. Dat had wel wat minder gekund, met als gevolg een kleine dip in de voortgang van het verhaal.

Het boek kent weinig beschrijvende teksten en bestaat grotendeels uit realistische en dikwijls hele pittige dialogen. Svernström hanteert een aangename, rustige schrijfstijl. Morbide beschrijvingen van de misdaden worden weliswaar uitgebreid beschreven, maar aan de andere kant toch ook wel weer koel en zakelijk weergegeven.

Het boek mist de typische kenmerkende beschrijvingen van donkere landschappen en weersomstandigheden, en kan daardoor moeilijk als ‘Nordic noir’ worden gekwalificeerd. Het verhaal is veelal spannend met goed uitgewerkte plotwendingen. Een wrede thriller, waarbij het duidelijk wordt dat er een groot verschil is tussen emotioneel en efficiënt geweld. Al met al een meer dan uitstekend debuut met een aangename lengte van 477 bladzijden ontspanning.

4,5 sterren.

Jac Claasen.

Jac las: Vraag niet om genade-Martin Österdahl****1/2

Vraag niet op genade

Over de schrijver:

Martin Österdahl, ( 1973) studeerde Russisch, Oost-Europese culturen en economie. Hij werkte twintig jaar in de televisiewereld. Ook heeft hij een tijdlang in Rusland gewoond.

( Bron: https://www.amboanthos.nl/auteur/martin-osterdahl/ )

 Over het boek:

Martin Hagen en Pashie Kovalenko zijn gek op elkaar. Beiden zijn in dienst bij Vektor, een soort denktank in Stockholm. Pashie verblijft in St. Petersburg om de ontwikkelingen m.b.t. de komende verkiezingen in 1996 in Rusland te analyseren. Zij wordt ontvoerd omdat zij te dicht in de buurt komt van iets of iemand. Martin vertrekt onmiddellijk naar Sint Petersburg. Hij wil haar terug en gaat op onderzoek uit.

Tegelijkertijd wordt het telefoonnetwerk van Telia in Zweden gehackt. De eerste keer midscheeps, de tweede keer subtieler: de gegevens van een bepaalde persoon worden gewist. Max Hågen  probeert het geheim te ontrafelen van zijn vader Jakob Hagen. Deze Jakob Hagen is op 1 maart 1944 naar het eiland Arholma gebracht en daar opgevoed door Anita Elofsson, die daar geld voor kreeg van een stichting, Östersjöstifelsen genaamd..

Conclusie:

In de nacht van 22 op 23 februari 1944 wordt Stockholm gebombardeerd.  Drie Russische vliegtuigen bereiken het Zweedse vasteland en laten hun bommenlast vallen. In de wijk Eriksdal wordt het openluchttheater in puin gegooid.

Hoe kan dat? Zweden was toch neutraal in WO II? Het hoe en waarom van deze bommenregen is nooit goed verklaard. Een vergissing zeiden de Russen. Österdahl neemt z’n dichterlijke vrijheid en komt met een heel andere verklaring. Een ijzersterke verklaring. De auteur maakt het bombardement tot een van de kantelpunten uit zijn thriller, die een kant op gaat die totaal niet te voorzien is.

In Rusland vinden op 3 juli van het jaar 1996 presidentsverkiezingen plaats. Jeltsin, bijgenaamd ‘De sloper van de Sovjet-Unie’ wint. Tegen deze (geo)politieke achtergrond speelt deze thriller zich af.

Vraag niet om genade is het debuut van Martin Österdahl, een verrassend goed debuut. De zoveelste schrijver uit het hoge Noorden die een boek van hoog kaliber neerzet. De sfeer, het koude en onherbergzame landschap, de donkere types die  rond lopen in het boek, dit alles straalt ‘Nordic noir’ uit.

Deze keiharde, intelligent geschreven thriller met goede dialogen, fraai plot, boeit van begin tot eind. De vele verhaal- en tijdlijnen vragen de aandacht van de lezer. De historische laag – met vele andere historische feiten en zijlijntjes – is buitengewoon verrassend.

De belangrijkste vraag uit het boek wordt niet expliciet beantwoord. Of moeten we tussen de regels door lezen?

4,5 sterren.

Jac Claasen.