Jac las: De vermisten en de doden – Stuart MacBride*****

‘Alle eenheden, graag uitkijken naar ene Julian Martin, blanke vrouw, tweeëndertig jaar. Gezocht wegens het maken van onzedelijk foto’s van een klein kind.’  

Logan McRae is een treetje lager gezet op de functieladder en zit voortaan in een politieauto, eindeloos rondjes rijdend en hoort de hele godganselijke dag meldingen als de bovenstaande. Zijn maatje is Janet Nicholson die als ringtone de tune van The Muppet Show gebruikt. Wie kent er American Graffiti nog? De film uit 1973 volgt vier schoolvrienden in het stadje Modesto (Californië) die in 1962 een laatste nacht doorbrengen voordat ze uit elkaar gaan om elders in het land te gaan studeren of naar Vietnam te gaan. Doelloos rondrijdend, de politie een hak zettend, ouwehoerend en rotzooi trappend tot het dag wordt en het echte leven begint. McRae en Nicholson doen niet veel anders, alleen is het niet bepaald doelloos dat rondrijden. In Grapian, Aberdeen, Schotland loopt tuig van allerlei soort rond. Het ergste zijn natuurlijk de kindermisbruikers.

Het Tarlair Openluchtzwembad is de crime scene. Een dood kind bij een oud, vuil, groezelig en roestig zwembad aan zee, vlak bij de vuile, vervallen, betonnen muur en de helling naar het zwembad, half in ’t water en half op de rotsen. Dat hakt er in.
Krantenkoppen in de trant van ‘Pedo op de loop; heeft griezel Wood weer een moord gepleegd?’

Stuart MacBride vermengt het ranzige politiewerk met een reeks van  privé gebeurtenissen van Logan. Ook daar een golf van gebeurtenissen met Samantha en Helen in de hoofdrol. En laten we vampier Napier niet vergeten, die hijgt Logan McRae in zijn nek, na een paar mislukte acties. Maar niet alleen hij. Er lopen nog wat bloedzuigers rond bij die club. En wie ooit nog eens een beoordelingsformulier moet invullen – alleen de Here hierboven is op de hoogte van het juiste aantal –  geef ik de gouden tip. Sturing. Altijd het woord sturing vermelden als je iets zinnigs wilt mededelen en je niets zinnigs voorhanden hebt. En kreten als ‘Het optimaliseren van de operationele efficiency.’ Dan kom je een heel eind op de apenrots die politieorganisatie heet.

Conclusie

Een laatste waarschuwing voor je aan dit boek van Stuart MacBride begint: enige aanleg voor het verteren van het betere en rauwere politiewerk is vereist. Gelukkig dempen de brede stromen sappen vol humor en venijn de oprispingen van maag en gal. Een arm bad. Ik heb grafstenen gezien die spraakzamer waren, is een mooie one-liner. Hard, veelal ranzig, maar ontzettend humoristisch. Er wordt traditioneel veel gegromd en geschreeuwd. Een van de betere tradities trouwens. En zijn figuurlijke knokpartijen met hoog geplaatsten, vier rangen hoger of zo zijn een mooie running gag. En een fantastisch slot, waar je het warm van krijgt.

Vijf sterren.

Jac Claasen.


PS: En wat betekent het als Logan met rozige wangen en warme handen zijn bureau binnen stapt?

PS2: ‘ The ballad of Eskimo Nell’ bestaat echt. Zoek, luister en huiver. 
Ik begin nu door te krijgen wat het woord ‘bawdy’ inhoudt.

http://www.traditionalmusic.co.uk/folk-song-lyrics/Eskimo_Nell(Amalgamated).htm

*Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Jac las: De dans van de tulpen – Ibon Martín *****

Het is vrijdag 19 oktober 2018 en Santi, machinist bij de Euskotren maatschappij, droomt een beetje weg bij het besturen van de trein, hij zwijmelt licht weg als hij zijn gedachten laat gaan over de relatie met zijn vrouw, Natali Extano. Tot het te laat is. In een bizar ongeluk verplettert hij zijn vrouw, die vastgebonden op het spoor ligt.
Ze had een rode tulp in haar handen toen ze van de rails af werd gekatapulteerd, een tulp die met lijm aan haar hand bevestigd. Maar het meeste shockerende moet nog komen: een livestream van de gebeurtenissen laat de moord in talloze huiskamers binnen dringen.

De Speciale Eenheid Ontwrichtende Moordzaken wordt belast met het oplossen van deze moorddadige actie. DeAne Cestero, lesbisch, voorzien van piercings en tattoos en behoorlijk heetgebakerd wordt het hoofd van de speciale eenheid die de zaak moet gaan oplossen. De weerstand is groot, met name onder de oudere mannelijke rechercheurs. En daarmee komen we aan een belangrijk thema in dit boek: vrouwenmishandeling seksistisch terrorisme, de moeizame relatie tussen mannen en vrouwen. Het boek staat bol van de relationele zaken uit het verleden, waarbij destructieve mannen de totale beschikking over vrouwen hebben en met veel huiselijk geweld heersen.

Dit is slechts een element uit een fascinerende thriller, die speelt in Baskenland. Vol met mooie beschrijvingen van mensen, rituelen, fascinerende steden en landschappen, sfeervolle processies uit gebieden vol bijgeloof en voorouderlijke mythes waar de dood of beter nog de angst voor zijn komst, het middelpunt van het leven is geworden. In het midden van de thriller komt de verwrongen geest van de moordenaar in beeld, een moordenaar die zijn handwerk ten uitvoer brengt, als de tulpen op hun mooist zijn.

Een indrukwekkende, ruim vijfhonderd bladzijden tellende thriller met klassieke opbouw en dito cliffhangers, waarin mannen duidelijk de tweede viool (moeten) spelen. En waarin de eguzkilore de bloem van de wilde distel, symbool staat voor het Baskische gevoel. Tijd om er eens op vakantie te gaan. En die tijd komt!!!

Vijf sterren.

Jac Claasen.

*Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

De Top 10 van 2020 van: Jac!

Jaaroverzicht 2020

Het maken van de beste 10 boeken was dit jaar niet zo moeilijk; 2020 was beslist geen jaar dat de Scandinavische auteurs een hoofdrol speelden in mijn lijstje. Die tijd lijkt voorbij dat onze vrienden uit het Hoge Noorden de ereplaatsen innemen in het jaaroverzicht, die afkalving vindt jammer genoeg al enige jaren plaats. Het was dit jaar wel erg mager, maar ik heb toch een boek gevonden om een bescheiden rol te spelen in mijn Top tien.

Want dat is het natuurlijk wel, het is een volstrekt subjectieve lijst. Maar vergis u niet, er bestaan nu eenmaal geen objectief samengestelde lijstjes in dit genre. Overigens, erg verheugend is de sterke opkomst van de Spaanse en Franse auteurs. Ik heb zo’n idee dat daar nog veel meer talent rondstruint dat het verdient om ontdekt te worden. Cristian Frascella is zo iemand. Na Sandrone Dazieri, Dario Correnti en Ilaria Tuti om maar eens wat te noemen, een mooie verrassing uit Italië. En wat te denken van Spanje? Dolores Redondo, Eva García Sáenz de Urturi of, zeer recent, Ibon Martín.

Tot slot: de lijst bevat gelezen thrillers in 2020, de releasedatum kan daar fors van afwijken.

1. Cristian Frascella – Het is te koud om te sterven

Barriera di Milano, Turijn, een wijk met mensen aan de onderkant van de sociale ladder, een hoge werkloosheid, belabberde huisvesting in smerige woontorens, vuile straten, de ‘ndrangheta is machtig. Marokkanen, Albanezen, Italianen en Afrikanen vormen er de rauwe multiraciale samenleving. In dit broeierige sfeertje zit de eerlijke loodgieter Driss Bouda (20) in de problemen. Hij heeft een schuld bij de Albanezen, maar is spoorloos verdwenen.

Contrera, een private eye en ex-politieman neemt de klus aan om Bouda op te sporen. Hij wordt ingehuurd door vrienden van Driss, die door hem ooms genoemd worden. Het is weer eens wat anders dan het jagen op overspelige echtgenoten met achttienjarige minnaressen in hotelletjes in de Corso Giulto. Het blijkt al spoedig dat er heel wat meer aan de hand is. Veel meer. Een hele mooie thriller volgt, in de beste tradities van schrijvers als Philip Kerr, Dashiell Hammett, en Philip Marlowe om maar eens wat namen te droppen.

Het is een uitermate cynisch boek.’De waarheid en het recht hebben niets meer met elkaar te maken. Het zijn twee lijnen die verschillende richtingen op gaan en elkaar nooit zullen kruisen. En het is maar de vraag of ze elkaar ooit hebben gekruist.’ De vele humor is van dezelfde soort. Ik heb werkelijk genoten van het erg goed geschreven, broeierige verhaal, tegen het literaire aan qua woordgebruik, zinsopbouw, karakters. Een klassieke whodunit met potentie: over vijftig jaar wordt de thriller nog gelezen, verwacht ik. Het wachten is op deel twee en drie met Contrera.

2. Jean-Christophe Grangé – Bloeddorstige driften

Het doek van Klimt, een lijkbleke vrouw in een blauwgroene jurk tegen een oranje achtergrond, het portret van Johanna Staude, gevangen in de eeuwigheid van … haar hart, raakt Jeanne, de hoofdrolspeelster. En Jeanne laat zich meevoeren naar de verwrongen schilderijen van Egon Schiele, een troost voor de moeilijke dagen van de psychiater. De scene is een van de bijzondere, grote zijlijnen in dit boek, met een bijzonder taalgebruik en uitleg als ware hij de kunstenaar zelf.

Maar Grangé zou Grangé niet zijn als er niet veel meer zaken besproken worden in het boek. Zoals autisme. Uitgebreid wordt ingegaan op het autistische universum. Autisme zou van alle psychiatrische stoornissen misschien wel de sterkste genetische component hebben. Het verband tussen autisme en prehistorie, primitiviteit en regressief gedrag. Geweldig interessante beschouwingen over autisme, agressiviteit en kannibalisme. En niet te vergeten, Totem und Tabu. Het werk van Freud waarin deze de evolutie van de menselijke soort vanuit zijn eigen discipline beschouwt, psychoanalyse – en van daaruit terecht komt bij het oedipuscomplex. De conclusies van Freud zijn onzinnige vertelsels. Hij slaat de plank compleet mis, het slaat als een tang op een varken.

Grangé is op de eerste plaats een schriftelijke verteller die met ongekende fantasie zijn warme en vreselijke verhalen vertelt. Lettergrepen, woorden, zinnen, verhalen uitspuwend zoals de trechter van een vulkaan zijn magma de hemel in slingert. Grangé maakt er weer een hele expeditie van. Van de ene stad maar de andere, landen, bergen, meren doorkruisend en overal de broodkruimels opsporend, die naar de volgende plaats leiden, waar weer iets op Jeanne wacht, een ding of menselijk wezen. Met weer een verhaal etcetera. Grangé is volstrekt uniek binnen de thrillerwereld, zijn taalgebruik, zijn welhaast mystieke, onvatbare verhalen en personen.

De moraal van het verhaal? Een reis verandert je, je identiteit. Jeanne had zich gewend tot Eros, liefde gezocht, maar vooral de dood gevonden, geweld, Thanatos in een infernaal einde. Maar wellicht ziet de individuele lezer dat anders. Prima. Blijft staan de waardering voor dit uiterst boeiende en verbijsterende boek.

3. Fred Vargas – De verdwijningen

Adamsberg en het Woeste Leger. Zo zou de titel ook hebben kunnen luiden. Het is op en top een verhaal van Fred Vargas. Over een eeuwenoude, smerige bende, die levenden met zich mee voert en ze dan laat verdwijnen. De kern van de aantrekkelijkheid van de thrillers van Fred Vargas is gelegen in de chaotische manier waarop Adamsberg zijn zaken, inclusief zijn tableau de la troupe, bestiert. Gelukkig komt daar geen woord Frans aan te pas. Nou ja, vooruit, een paar dan… Het maakt allemaal onderdeel uit van de razendknap beschreven symbiotische relatie tussen werkelijkheid en fantasie, sprookje, verzinsel, verdichtsel, orde en waanzin. Veel subtiele, onderhuidse humor en een aantal sprookjesachtige verhalen, wreed en niet altijd eindigend met een ‘Zij leefden nog lang en gelukkig’.

Het beste boek uit de reeks rond commissaris Adamsberg tot nu toe, ad rem, filosofisch, humoristisch, spannend en absurd zijn enkele onvermijdelijke kwalificaties na het lezen van deze verkwikkende thriller. Niet geschikt voor lezers die niet langs de lijntjes kunnen of willen lezen. Of lezers die heel vlug een boek uit willen hebben. Lees kalm, geniet van je calvados of schrobbelèrke en leg het schrijfsel op z’n tijd weg. Om het speurwerk te laten bezinken. En, geloof het of niet, het achterste voren lezen, valt best mee. Ne, fooleg teh fo tein,  teh etsrethca nerov nezel, tlav tseb eem.

4. M.W. Craven – Zwarte zomer

M.W. Craven heeft een geraffineerde en bij wijle intelligente, zeer goed geschreven thriller geschreven. Deze schrijfstijl en opzet leiden, zeker in de eerste helft van het boek, tot veel leesplezier, met een doorwrocht plot dat iedereen regelmatig op het verkeerde been zet. De humor is van een hoog kaliber, met cynische grappen en opmerkingen en goede oneliners.  Een uiterst goed gedoseerd verhaal derhalve met een klassiek einde. Het deed me beetje denken aan Ragdoll van Daniel Cole. Uitgeverij Luitingh-Sijthoff blundert door eerst deel twee uit te geven.

5. Angela Marsons – Stille schreeuw

Stille schreeuw is een klassieke whodunit, echter met een behoorlijk rauw, om niet te zeggen keihard rafelrandje, hard in de zin van hardvochtigheid en egoïsme, een triest verhaal met gitzwarte humor. Heel opmerkelijk, het boek bevat opmerkingen, wijsheden die de gebruikelijke platitudes overtreffen die in het genre gebruikelijk zijn, filosofisch getinte opmerkingen en gedachten die je niet verwacht bij een rauwdouwer, een analytische rechercheur met een gebrek aan sociale vaardigheden zoals Kim Stone. Goed scenario, zeer zeker, het is toch die stijl van schrijven die ’t hem doet: losjes, venijnig, goede korte scènes, gewoon verrukkelijk om te lezen.

6. Michael Robotham – Meisje zonder leugens

De Australische auteur dondert door met het tweede deel uit deze nieuwe reeks. Michael Robotham geeft wederom blijk van talentvol meesterschap.

Het is een hard boek, een koude thriller met fascinerende ontwikkelingen. En mooie zinnen als: ‘Ze tapt agressief een biertje voor me; ze grijpt het houten handvat vast alsof het de hendel van een valluik is waardoor ze ons kan laten verdwijnen.’ , waardoor mijn dag weer goed is. Uitspraak van de vrouw achter de tap. Kijk, van zo’n uitspraak word ik erg vrolijk van. Een vrouw met ballen. Het is een scherp geschreven boek, met de nodige onderhuidse humor en vele rake oneliners. Philip Kerr herleeft af en toen. De trein dondert door, er zijn geen inzinkingen. Goede karakters, flitsend geschreven, korte hoofdstukjes, met beschadigde mensen van allerlei slag en vlugge scènewisselingen. Gelukkig lopen er ook nog ’normale’ lieden in rond. Maar ja, wat is ‘normaal’? En wat is de waarheid in een wereld vol extreme opportunisten, egoïsten en smerige profiteurs?

¿por Dios!

7. Donald Ray Pollock – De hemelse tafel

Het is september 1917 op de grens van Georgia en Alabama, alwaar vader Pearl Jewett met zijn drie zoons Cane, Cob en Chimney een ellendig bestaan leidt in grenzeloze armoede; knechten zijn ze in een soort onderhorig bestaan op het eindeloze Amerikaanse platteland, wonend in een huisje, liever gezegd vuil krot dat toebehoort aan Thaddeus Tardwellwer. Als Pearl onverwacht sterft trekken de drie zoons, eigenlijk onnozelaars, na de begrafenis de wijde wereld in na Tardwellwer de kop te hebben ingeslagen en zich zijn paarden te hebben toegeëigend.

Al die mooie strips (Blueberry), boeken (Winnetou en Old Shatterhand) en films (Once upon a time in the West) over het Wilde Westen worden in dit boek genadeloos omvergekegeld. Wat overblijft is een smeuïge drek van geweld, hoererij, stront, corruptie, armoede en verschrikkelijke hardheid, maar ook van een hartverwarmende, sociale cohesie.

Het is een ruig boek, een vuig geschrift met een groot aantal freaks en misvormde maatschappelijke verhoudingen. Maar ook een boek met veel bizarre humor Pollock is een auteur die een product aflevert met een stempel, dat moge duidelijk zijn. De vele figuranten in zijn boek zijn geen lege poppen, maar, allemaal hoe klein of gering ook, mensen met inhoud en gevoel. Prima.

8. Helen Fields – Perfecte prooi

Het boek van 474 bladzijden is ingedeeld in twee flinke delen. In het eerste deel worden het gestumper en gestuntel van de politie beschreven, die er maar nauwelijks in slaagt een vinger achter de merkwaardige, doelloze moorden te krijgen. In deel II komen de achtergronden aan de beurt. En dan met name de taakomschrijving van de Moderator, heerlijk gewoon hoe Helen Fields zijn ‘werkzaamheden’ omschrijft. Dat draaiboek, dat verzin je toch niet. De inventieve Fields dus wel, die en passant de naam Sem Culpa, Zonder Schuld, introduceert, een van de vele cynische grappen in dit verhaal.

Een ijzersterke thriller, waarin, traditioneel bijna, weer veel in wordt gegromd en geschreeuwd, met scherpzinnige, spannende, prima gedoseerde verhaallijn(en), goed gekarakteriseerde hoofdpersonen en een scherpe, vileine, katterige stijl van schrijven, waardoor iedereen snel op z’n plaats gezet wordt en daar niet meer vandaan komt. Amusement van de bovenste plank.

9. Sandrine Destombes – De kinderen van het klooster

De eerste kennismaking met Sandrine Destombes was Het dubbele geheim van de familie Lessage, uit 2018. Na een aarzelend begin ontpopte zich een goede vier sterren whodunit. In De kinderen van het klooster, helaas een misplaatste vertaling van Le prieuré de Crest (De priorij van Crest), gaat Sandrine in een hogere versnelling verder. Zowel in de opzet en uitwerking van het verhaal als in de manier waarop zij een en ander heeft beschreven. Het boek is erg goed geschreven. Woord na woord, zin na zin zijn goed geconstrueerd en vallen op hun plaats, zeker in de analyses van het politieteam. Destombe schrijft functioneel; er ontstaat een opmerkelijk goede whodunit. Met een zeer boeiend plot met tal van onverwachte en zeer boeiende zijwegen. Dat zijn we wel meer tegengekomen. De auteur onderscheidt zich echter, door het gebruik van een wel zeer onderkoelde humor in fonkelende, voortreffelijke dialogen.

Het is een erg vrouwelijk boek, in die zin dat verreweg de meeste rollen en zeker de hoofdrollen in de dramatische scènes worden gespeeld door vrouwen. Met het solidaire, vrouwelijke front is niets mis en het mannelijk geslacht wordt buitengesloten. Een lichtvoetige thriller, uitermate leesbaar, met veel humor. Geschikt voor alle vakanties. Met heel veel plezier heb ik het werkje gelezen. Ik denk dat ik fan word van Sandrine Destombes. Nou vooruit, ik kom maar uit de kast, ik ben het al. Fan dus.

10.  Kim Faber & Janni Pedersen – Winterland

 Winterland is het mooie vijf-sterren debuut van Kim Faber en Janni Pedersen, een schrijversechtpaar. De achterkant van het boek geeft een indruk waar het boek om draait: een gruwelijke bomaanslag in hartje Kopenhagen, op 23 december, op de kerstmarkt nabij het Gerechtsgebouw, waarbij 19 doden vallen. Zou het hierbij blijven, dan zou de lezer opgescheept zitten met een middelmatige thriller over de zoveelste terroristische aanslag met dramatische gevolgen. Gelukkig is dat niet het geval. Faber en Pedersen tillen het boek ver uit boven de grauwe middelmaat door een kunstgreep, eigen aan de Scandi-auteurs, toe te passen: de privé gebeurtenissen in het leven van Martin Junckersen en Signe vormen een geïntegreerd onderdeel van het verhaal. En het gekke is, in de loop van het boek zijn de gebeurtenissen op dit vlak, zich net zo boeiend gaan ontwikkelen als de jacht op de aanslagplegers. Het boek past naadloos in de traditie van Sjöwall & Wahlöö (Martin Beck), Henning Mankell (Kurt Wallander) en Steig Larsson (Millenniumtrilogie) waarbij een maatschappijkritische ondertoon altijd en overal aanwezig is.

Geniet van deze mooie dagen met en bij elkaar. Langs deze weg al vast een stevige wens voor een mooi en gezond 2021, want dat zit er aan te komen.

Groetjes,

Jac Claasen.

*Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Jac las: De hemelse tafel-Donald Ray Pollock*****

Het is september 1917 op de grens van Georgia en Alabama, alwaar vader Pearl Jewett met zijn drie zoons Cane, Cob en Chimney een ellendig bestaan leidt in grenzeloze armoede; knechten zijn ze in een soort onderhorig bestaan op het eindeloze Amerikaanse platteland, wonend in een huisje, liever gezegd vuil krot dat toebehoort aan Thaddeus Tardwellwer. Als Pearl onverwacht sterft trekken de drie zoons, eigenlijk onnozelaars, na de begrafenis de wijde wereld in na Tardwellwer de kop te hebben ingeslagen en zich zijn paarden te hebben toegeëigend. Hun magen zijn gevuld met het varken dat geslacht is en het beetje brood dat resteerde. Ze hebben niks, behalve een boek, een vals sprookje met walgelijke taferelen. Ze moeten overleven en beginnen maar met een bank te beroven, het begin van een monsterlijke race op weg naar een beter leven.

Al die mooie strips (Blueberry), boeken (Winnetou en Old Shatterhand) en films (Once upon a time in the West) over het Wilde Westen worden in dit boek genadeloos omvergekegeld. Wat overblijft is een smeuïge drek van geweld, hoererij, stront, corruptie, armoede en verschrikkelijke hardheid, maar ook van een hartverwarmende, sociale cohesie. De drie broers willen alleen maar aanschuiven aan de hemelse tafel, oftewel het beloofde land, waaraan alleen zij mogen aanschuiven die de aardse verleidingen hebben weten te weerstaan. Weg uit de ontbering, armoe en honger.

De auteur overdrijft natuurlijk, maar de boodschap is duidelijk. Het geromantiseerde Wilde Westen heeft nooit bestaan. Maar dat wisten we natuurlijk wel. Het is een ruig boek, een vuig geschrift met een groot aantal freaks en misvormde maatschappelijke verhoudingen. Maar ook een boek met veel bizarre humor. Het boek is te lezen als een schelmenroman, waarbij de hoofdpersoon iemand is die allerlei streken uithaalt en zich daarbij vaak niet aan de regels van wet en moraal houdt, maar die wel de sympathie van de lezer heeft. Het begrip boerenpummelhorror ben ik ook ooit eens tegengekomen en dat is misschien nog wel de beste typering voor dit boek voor de lezer met een sterke maag.

Pollock is een auteur die een product aflevert met een duidelijk stempel, dat moge duidelijk zijn. De vele figuranten in zijn boek zijn geen lege poppen, maar allemaal, hoe klein of gering ook, mensen met inhoud en gevoel. Prima.

Vijf sterren.

Jac Claasen.

Leuk weetje: Karin las het een tijd geleden ook en die vijf sterren recensie vind je hier:

Karin las De hemelse tafel

*Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?*

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Jac las: Zwarte zomer -M.W. Craven*****

Tot op heden had ik altijd de indruk dat gastronomie van het allerhoogste niveau in de sfeer van driesterren restaurants zich uitsluitend afspeelde op het continent en dan met name in Frankrijk en België. Edoch, wie houdt er nu rekening met de vestiging van een fameus restaurant, Bullace & Sloe genaamd, in Cumbria, in het Lake District? Daar heeft Jared Keaton namelijk zijn ultraluxe en exclusieve eettent gevestigd. Er is iets aan de hand met die Jared, afgezien dan van het feit dat zijn beroep thuis hoort in het rijtje van de tien populairste beroepen onder psychopaten. (Trouwens CEO’s staan op de eerste plaats.)

Zijn dochter Elizabeth Keaton is verdwenen, althans zij is niet meer thuis gekomen. Maar toch ook weer niet helemaal. Dit gebeurde zes jaar geleden. Brigadier Washington Poe van de SCAS – de Serious Crime Analysis Section –  werd toentertijd op de zaak gezet en heeft Jared Keaton achter de tralies gekregen. Door een extravagante gebeurtenis komt Keaton vrij en dat heeft bepaalde consequenties voor Poe.

Conclusie

M.W. Craven heeft een geraffineerde en bij wijle intelligente, zeer goed geschreven thriller geschreven. Deze  schrijfstijl  en opzet leiden, zeker in de eerste helft van het boek, tot veel leesplezier, met een doorwrocht plot dat iedereen regelmatig op het verkeerde been zet. De humor is van een hoog kaliber, met cynische grappen en opmerkingen en goede one liners: ‘Liefde is slechts een chemische onbalans die zichzelf steevast corrigeert.’  Maar ook met bizarre bijfiguren  zoals Estelle Doyle uit  Newcastle, een rare patholoog met als slogan ‘PATHOLOGEN HEBBEN DE COOLSTE PATIËNTEN.’ Niet onvermeld mag blijven zijn samenwerking met Tilly Bradshaw, een sociaal onhandige data-analist, zijn meerdere, met wie hij het heel goed kan vinden. Maar ja, of het iets wordt tussen die twee, dat valt te betwijfelen.

Het tweede deel van het boek, met name de laatste honderd bladzijden, leiden tot een verhoogd leestempo èn hartslag. Dus hartpatiënten, neem op tijd uw pilletjes in. Die laatste honderd bladzijden zijn niet weg te leggen. Een uiterst goed gedoseerd verhaal derhalve met een klassiek einde. Het deed me beetje denken aan Ragdoll van Daniel Cole.


Er zit een grote maar aan dit boek en daar heeft de auteur geen bemoeienis mee gehad: het boek resoneert op vele fronten  de gebeurtenissen die een boek eerder zich hebben afgespeeld. Zwarte zomer is namelijk het tweede boek van M.W. Craven. Het eerste deel The Puppet Show, is (nog) niet in het Nederlands vertaald. De vraag is nu waarom zo slordig wordt omgegaan met de belangen van de auteur. Dat geldt tevens voor de lezer, die alles graag op een rijtje heeft staan en dit ook in die volgorde tot zich wil nemen. Meneer of mevrouw de uitgever, een komt voor twee oftewel twee komt na een. Behalve bij Uitgeverij Luitingh-Sijthoff dus.

Vijf sterren.

Jac Claasen.

*Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?*

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂



Jac las: Het duistere net – Carmen Mola***

‘Heerlijk gruwelen zonder dat het over de top gaat’  kopt Vrij Nederland. Het staat groots geafficheerd op de titelpagina. Dat klopt niet, het is veel erger.

Het is nu acht jaar geleden dat Lucas, de zoon van Elena Blanco, is ontvoerd. Elena is de teamleidster van de BAC, de Brigada de Análisis de Codas, de speciale brigade voor moeilijk oplosbare zaken, gevestigd aan de Calle Barquillo. Via de 16-jarige Alberto Daniel maakt de lezer kennis met het Duistere Net oftewel het Purperen Netwerk dat beelden met een extreem karakter verspreidt. Niet gratis, nee, de kijkers moeten flink in de portemonnee duiken om mee te mogen ‘genieten’.  Het is aan het clubje van de BAC om de organisatie die achter de verspreiding van de walgelijke beelden zit, in te rekenen. Dat is een moeizame zaak. Daar komt bij dat het team door allerlei oorzaken uit elkaar dreigt te vallen.

Conclusie

Het is een keiharde thriller. De zigeunerbruid was gelardeerd  met tal van plezierige en interessante zijlijntjes, Het duistere net bestaat, na een mooi begin, uitsluitend uit donkere kanten met dodelijk verziekte en verknipte geesten en vooral extreem geweld. De eerste honderd bladzijden van de thriller sluiten feilloos aan bij De zigeunerbruid en worden gelardeerd met lichtvoetige opmerkingen  -Ik ga zeker nog eens die grappa aanschaffen, een Carpené Malvolti Fine Vecchia Riserva, van Conrhliano uit Veneto- of over die goeroe die stelt dat seks een verheven staat van bewustzijn tot stand brengt zodat ieder dan met God en het leven verbonden is. Want verbinding daar draait het om, vooral in fysiek opzicht.

Of een lyrische beschrijving van Madrid.

Maar allengs verandert de toonzetting. De intro’s van de hoofdstukken, in schuin schrift, zijn zwanger van de donkerte en dreiging en beloven niet veel goeds, iets wordt voorgoed kapotgemaakt. Elena’s queeste wordt een helse tocht naar de reële taferelen binnen het Purperen Netwerk. Dat betekent veel mishandelingen en brute gewelddadigheid van lieden die, bezeten door geweld, compleet losgeslagen zijn.

Eerlijk is eerlijk, het is een  boeiende 415 pagina’s tellende thriller. Verwacht geen psychologische diepgang of uiteenzettingen.  De schrijver weet de spanningslijn en derhalve de lezer uitstekend vast te houden. En wat die schrijver betreft, er wordt hier en daar gesuggereerd dat er drie auteurs aan het werk zijn. Niets van gemerkt.

Naar mijn mening heeft de mysterieuze schrijver grenzen overschreden met het etaleren van keihard, zinloos geweld. Dat heb ik nog niet eerder zo ervaren en doet afbreuk aan het begrip thriller. Het heeft er niets mee te maken.

C’est le ton qui fait la musique.!!!

Drie sterren.

Jac Claasen.

*Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?*

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Jac las: De spiegel van ons verdriet – Pierre Lemaitre***

Met de titel De spiegel van ons verdriet voltooit Pierre Lemaitre zijn Interbellum trilogie. Met interbellum wordt in het algemeen de periode geduid tussen de Eerste en de Tweede Wereldoorlog. De trilogie bestaat uit de volgende delen:

1. Tot ziens daarboven. (2013)

2. De kleuren van de brand. (2018)

3. De spiegel van ons verdriet. (2020)

Het centrale thema in de drie boeken is het leven van gewone mensen, die geteisterd door oorlogen en de daarmee gepaard gaande ellende hun plaats weer trachten in te nemen in de maatschappij. Dat gaat veelal gepaard met een zekere mate van diefstal, bedrog, fraude en oplichting, op kleine tot exorbitant grote schaal.

In De spiegel van ons verdriet is het niet anders. Aan de hand van drie interessante verhaallijnen wordt een fraai beeld geschetst van een Frankrijk in verval tussen 6 april 1940 en 13 juni 1940. In 54 korte hoofdstukjes worden een aantal mensen gevolgd die in deze vijf weken terecht komen in een maalstroom van krankzinnige gebeurtenissen die hun levens op de kop zetten. Zoals korporaal-chef Raoul Landrade, elektricien, sjoemelaar, rommelaar, behendige exploitant van roerende maar vooral duistere zaken waar een luchtje aan zit. Of de schelm, het buitensporige personage met de vele identiteiten, Désiré Migault genaamd, waarover bijna niets bekend is en die alles overleeft. Ach en maakt het dan wat uit of niet met zekerheid te zeggen is of het de schelm is die samen met generaal de Gaulle op 26 augustus 1944 over de Champs-Elysées defileert?

De drie op zichzelf staande romans verschillen onderling nogal in kwaliteit. Het opmerkelijke is dat de De spiegel van ons verdriet me het minst heeft geboeid. Ondanks de mooie verhaallijnen, de innemende schrijfstijl, de vele humor waarmee gestrooid wordt en de bizarre gebeurtenissen die beschreven worden. Genoeg body en drama derhalve maar waar blijft de stoom die uit je oren dient komen, de versnelling die maakt dat je je boek niet weg kunt leggen? De dramatische zoektocht naar op drift geraakte relaties aan het begin van WOII kon me op de een of andere manier niet bovenmatig boeien. Daartoe bevatte het verhaal veel te veel feelgood elementen en keukenmeidenromatiek.

Drie sterren.

Jac Claasen.

*Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Jac las: Perfecte prooi – Helen Fields ****1/2

Gelukkig is Helen Fields niet in de levensgrote valkuil gestapt na het succes van Perfecte resten, een debuut waar de vonken èn het schrijfplezier vanaf spatten. Met als gevolg veel plezier en leesgenot voor de lezer, maar ook de moeilijke taak voor de auteur om met een spetterend vervolg te komen dat de verwachtingen van de lezers inlost. Is dat gelukt? En dan volgt er (bijna) altijd een quasi semi-wijsheid  in de zin van: de vraag stellen, is hem beantwoorden. 

Het boek opent daverend met de moord op Sim Thorburn, een opzienbarende en ongeremd, brutale moord, gepleegd te midden van een op en neer springende massa festivalgangers, waaronder zich Merel en Niek de Vries bevonden. Merel had wel een boosaardige lach opgemerkt. Het slachtoffer ligt nauwelijks op de snijtafel bij patholoog Ailsa Lambert of de rechercheurs Luc Callenach en Ava Turner worden naar het volgende adres gedirigeerd. Een adembenemende opening.

Conclusie:

Het boek van 474 bladzijden is ingedeeld in twee flinke delen. In het eerste deel worden het gestumper en gestuntel van de politie beschreven, die er maar nauwelijks in slaagt een vinger achter de merkwaardige, doelloze moorden te krijgen.

In deel II komen de achtergronden aan de beurt. En dan met name de taakomschrijving van de Moderator, heerlijk gewoon hoe Helen Fields zijn ‘werkzaamheden’ omschrijft. Dat draaiboek, dat verzin je toch niet. De inventieve Fields dus wel, die en passant de naam Sem Culpa, Zonder Schuld, introduceert, een van de vele cynische grappen in dit verhaal.
De interne ontwikkelingen op het politiebureau hebben grote invloed op het verhaal. Hoofdinspecteur Begbie wordt  opgevolgd door de meedogenloze Overbeck, die de moordenaars in de beklaagdenbank wil hebben voor haar eerstvolgende functioneringsgesprek. Toch een kritische noot. Hier en daar laat Fields wat zaken liggen. Is Overbeck een kloon van Emily Baxter, de 32 jarige adhd rechercheur van Daniel Cole?  En wat te denken van stalker Astrid Borde, die Callenach valselijk van verkrachting heeft beschuldigd? De verhaallijn wordt wel in beeld gebracht, maar verder niet uitgewerkt.Een ijzersterke thriller, waarin, traditioneel bijna, weer veel in wordt gegromd en geschreeuwd , met scherpzinnige, spannende, prima gedoseerde verhaallijn(en), goed gekarakteriseerde hoofdpersonen èn een scherpe, vileine, katterige stijl van schrijven, waardoor iedereen snel op z’n plaats gezet wordt en daar niet meer vandaan komt. Amusement van de bovenste klasse.

4,5 sterren.


Jac Claasen


**Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Jac las: De kinderen van het klooster – Sandrine Destombes *****

Het verhaal

Het verhaal speelt zich af in 2019
Tweede luitenant Benoît, gendarme bij de Brigade-Unie Crest is bezig met een saaie snelheidscontrole op de D538 als er een Peugeot 205 met volle snelheid op hem af komt rijden. De bestuurster heeft een jong meisje, Léa, voorin gezet. Haar mama is weggegaan omdat ze de B-B-6 had gevonden. Na de aanhouding geeft de bestuurster plots vol gas en verliest in een bocht de macht over het stuur. Zij is dood en het kind zwaargewond. Een subduraal hematoom is levensbedreigend.
Kort daarop wordt er een lijk met uitgestoken ogen opgevist. Het stoffelijk overschot bevat drie min of meer parallelle lijntjes, ingekerfd op zijn voorhoofd. Zou er een verband zijn tussen beide zaken?

De assistentie van het expertteam JENG, Justitiële Eenheid van de Nationale Gendarmerie wordt ingeroepen.  Benoît, omwille van lokale kennis, wordt toegevoegd aan het team en maakt zijn entree in een andere wereld.

Terugkijkend heeft Benoît zich dikwijls afgevraagd of hij de gebeurtenissen die voortvloeiden uit het tafereel , had kunnen voorkomen. Wat zeker is, zijn leven zou nooit meer hetzelfde zijn en men zou hem nooit meer vragen verkeerscontroles te doen.

Conclusie.

De eerste kennismaking met Sandrine Destombes was Het dubbele geheim van de familie Lessage, uit 2018. Na een aarzelend begin ontpopte zich een goede vier sterren whodunit. In De kinderen van het klooster , helaas een misplaatste vertaling van  Le prieuré de Crest ( De priorij van Crest), gaat Sandrine in een hogere versnelling verder. Zowel in de opzet en uitwerking van het verhaal als in de manier waarop zij een en ander heeft beschreven.

Het boek is erg goed geschreven. Woord na woord, zin na zin zijn goed geconstrueerd en vallen op hun plaats, zeker in de analyses van het politieteam. Regelmatig krijg je de indruk dat auteurs, bij gebrek aan inspiratie, maar hele kamers gaan beschrijven of uitgebreid gaan uitleggen waarom het mauve behang beter past bij de roze meubels dan de groene sterren en strepen die de woning eerder ontsierd hadden. Destombes schrijft functioneel; er ontstaat een opmerkelijk goede whodunit. Met een zeer boeiend plot met tal van onverwachte en zeer boeiende zijwegen. Dat zijn we wel meer tegengekomen. De auteur onderscheidt zich echter, door het gebruik van een wel zeer onderkoelde humor in fonkelende, voortreffelijke dialogen.

Het is een erg vrouwelijk boek, in die zin dat verreweg de meeste rollen en zeker de hoofdrollen in de dramatische scènes worden gespeeld door vrouwen. Met het solidaire, vrouwelijke front is niets mis en het mannelijk geslacht wordt buitengesloten. De introductie van de cicisboa, voor mij een onbekend fenomeen, is derhalve logisch en verklaarbaar. De mannen, de speurneuzen, hobbelen er achter aan.
Een lichtvoetige thriller, uitermate leesbaar, met veel  humor. Geschikt voor alle vakanties. Met heel veel plezier heb ik het werkje gelezen. Ik denk dat ik fan wordt van Sandrine Destombes. Nou vooruit, ik kom maar uit de kast, ik ben het al. Fan dus.

Vijf sterren. 

Jac Claasen

Jac las: De heren van de tijd – Eva García Sáenz de Urturi *****


Over het boek:

Een  knallende, mooie eerste zin, een moord gepleegd met een afrodisicum, kan het beter beginnen?  Cantharide, Spaanse vlieg of oliekever, het was tot slot van rekening niets anders dan het middeleeuwse viagra.
De dood van Antón Lasaga, schepper van een mode imperium in de toiletten van het Palacio de Villa Suso op een presentatie waarbij de  werkelijke naam en achternaam van de grote onbekende naar voren zou komen: de schrijver, die opereert onder de naam Diego Veilaz,  een schuwe auteur, de schrijver van een onthutsende, historische roman genaamd De heren van de tijd. 

In De heren van de tijd gaan we terug naar het jaar der Heeren 1192. Werd in die tijd de huwelijksdaad geconsumeerd in de aanwezigheid en nabijheid van getuigen om aldus onomstotelijk vast te stellen dat de maagdelijkheid van de bruid niet geschonden was? Graaf Furtado de Maestu vindt de dood tijdens de hemelse daad. Met wederom oliekever, cantharide.

Conclusie:

Het verhaal wordt verteld in de ik-vorm en wel door Unai López de Ayala, profiler van professie, die we nog kennen uit De stilte van de witte stad en De riten van het water.  Met hem komen  alle bekenden terug uit de vorige delen, met name Alba Díaz de Salvatierra, commissaris en Estíbaliz Ruiz de Gauna, werkzaam bij de strafrechtelijke opsporingsdienst. 

 Het boek, de roman boeit door de wrede gebruiken die tussen neus en lippen door beschreven worden, de hardheid van het bestaan en de vurigheid van de liefde die niet zelden op meer dan een plaats geconsumeerd wordt. Maar vooral door het geweldige verhaal, een thriller van jewelste, dat consistent verteld wordt. En die consistentie in het verhaal is enorm. Zo wordt in de openingszin  gewag gemaakt van een opwekkend gif, een cantharide, oliekever, Spaanse vlieg. Het begrip, o ironie, komt veelvuldig terug.

En het barst, traditioneel bijna, van de kleine verhaaltjes en opmerkingen zoals de nuanceringen in de vele soorten bastaarden in het piepkleine dorpje Ugarte, de echte en onechte kinderen, hoerenkinderen, onechte kinderen, ontuchtkinderen en koekoekskinderen. Of een prachtige les over wat psychopaten kenmerkt. Die conclusies zijn beangstigend.
Eva García Sáenz de Urturi beschikt over de talenten om de twee tijdlijnen prachtig door elkaar heen te laten lopen,  doorspekt met talloze, fraaie Spaanse begrippen en aanduidingen,  zonder dat dit de lezer belast.  De  overeenkomsten in modus operandi, plek en beroep zijn prachtig uitgetekend.
Echter, een tip, zoek wat zaken op,het is meer dan de moeite waard want Eva gebruikt nogal wat authentieke woorden.

Slim en met veel gevoel vertaald door Jacqueline Visscher: hier en daar zijn wat Spaanse woorden  integraal opgenomen in de Nederlandse tekst. De fraaie trilogie is hiermede ten einde. Ik vraag me af of we dit jaar nog een betere thriller gaan lezen.

¡ Por Dios, qué historia.

5 sterren.

Jac Claasen


**Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂