Jac las: Ken mij niet-Nadine Barroso*****

ken mij niet 2

Over de auteur:

Overgenomen van de site van de schrijfster, die zichzelf onder meer als volgt omschrijft:

Mijn hele leven lang al heb ik een voorliefde voor schrijven. Vanaf jonge leeftijd schreef ik vele verhalen en zelfs een aantal boeken voor mezelf. Mijn motto is dan ook: het leukste aan het schrijven van een boek, is het schrijven van het boek. Het is bijna een soort interne drang, die ik niet kan en wil beheersen. En voor mij voelt het alsof verhalen een weg naar buiten vinden via mij.

In een notendop heb ik in het verleden een lerarenopleiding, een taal­ en cultuurstudie in eigen land en in GrootBrittannië afgerond, en gewerkt als taaltrainer in het bedrijfsleven. Van daaruit werkte ik een jaar voor een consultancy bedrijf, waarna ik mijn relatief nieuwe liefde naar Moskou volgde

Door mijn ontdekkingstocht naar een bewuster leven als ouder, kwam ik in aanraking met het gedachtengoed uit het Boeddhisme, en als vanzelfsprekend sijpelde inspiratie hieruit mijn schrijven in. Daarnaast heb ik een fascinatie voor de rauwe menselijkheid met zijn egocentrisme en honger naar macht, seks en vermaak, dus dit is ook terug te vinden in mijn schrijven.

 Bron : http://nadinebarroso.com/posts/biografie-nadine/

Over het boek:

Ben ik wie ik zeg te zijn?

Wie bepaalt mijn identiteit?

Wat is een identiteit?

‘Wie ben ik? Soms denk ik dat niet alleen ik, maar iedereen in de vrije wereld op zoek is naar zichzelf. Identiteit zoals wij dat kennen, wat vooral is dat de buitenwereld ziet, is flexibel. Identiteit is een illusie. Het is volledig te fungeren’

Het boek opent met een krantenknipsel. Uit de Cannon Grove Gazette, Oregon, van 14 oktober 2007 , waarin melding wordt gemaakt van een brute moord en de mogelijke ontvoering van de 16 jarige Alice K.

Nadine gebruikt drie stijlvormen door elkaar. De krantenknipsels, die vooral in korte, nuchtere zinnen vertellen over de moorden;  het schriftje, ooit gehad van haar pleegouders, de Petersons, dat fungeert als dagboek en dat geschreven is in de ik-vorm. De rest van het boek wordt verteld in de derde persoon enkelvoud.

Na dit krantenknipsel volgt de eerste zin uit het boek:

Mijn naam is Tessa. Ik ben op zoek naar een nieuw leven’

Het is duidelijk. Tessa is op de vlucht. Op de vlucht voor een ontvoerder die haar 14 jaar lang gevangen heeft gehouden en met wie zij een gruwelijk geheim deelt. Zij is doodsbang voor haar ontvoerder. Zij vertelt het verhaal van Tessa aan zuster Elena van het Centrum voor Huiselijk Geweld. Een verhaal dat ze heeft verzonnen. Hiermee wordt de toon gezet voor de rest van het boek en wordt een odyssee in gang gezet met vreselijke gebeurtenissen.

Het wisselen van identiteit en plaats gaat haar goed af, en op zeker moment lukt het haar om nanny te worden bij een familie die het goed met haar voor heeft. Deze mensen zetten haar aan om te gaan studeren, en er lijkt een tijdperk van rust aangebroken te zijn. Niets is minder waar. Zowel bij het gezin als op de universiteit gaat het gruwelijk mis. Maar ook elders. Als een Wrakende Engel Gods wordt het zwaard der Gerechtigheid gehanteerd.

Conclusie:

Dit boek is in twee opzichten een pageturner.

Barroso heeft een zeer spannende, gecompliceerde en intrigerende thriller met een mooi plot geproduceerd. Je wordt meegezogen naar het einde van het boek. De ontknoping  na de ontknoping is een verrassing.

Ook is het een pageturner in de betekenis van: terugkijken naar datums, gebeurtenissen, plaatsen en hoofdpersonen  die eerder beschreven zijn. Iedere lezer heeft bewust of onbewust de tijdlijn in zijn hoofd zitten van de gebeurtenissen die plaatsgevonden hebben. Barroso echter, geeft zich niet zo maar gewonnen. Vergis u niet. Het wordt een intelligente speurtocht naar identiteit, plaats en handeling om alles goed op zijn plaats te krijgen. Want de auteur heeft in deze bijzonder knap geconstrueerde thriller gekozen voor een niet alledaagse tijdlijn.

Het begin van het boek deed mij een beetje denken aan Karin Fossum, het verdere verloop laat toch de eigenheid van de auteur zien. Het hoofdpersonage is inbeeldend beschreven, en de woede en haat in haar karakter zijn begrijpelijk en voortvloeiend uit een ongekende vorm van kindermisbruik. Opvallend is dat Alice de mentale moed behoudt om niet terug te vallen in een Stockholmsyndroom. Alle voorwaarden daartoe zijn namelijk wel aanwezig.

Wat blijft hangen, is echter een dijk van thriller, met als extra’s  de nodige overpeinzingen en beschouwingen die het boek, volledig verdiend, de volgende classificatie geven:

Vijf sterren.

Jac Claasen.

Advertenties

Jac las: Het Knekelhuis-James Ellroy****

Ellroy

Over de auteur:

James Ellroy, geboortenaam Lee Earle Ellroy Los Angeles, 4 maart 1948 is een veelgelezen Amerikaanse misdaadschrijver en essayist. Hij heeft een unieke “telegrafie”-stijl, waarbij hij woorden weglaat die andere schrijvers noodzakelijk zouden vinden. Zijn boeken worden gekenmerkt door hun zwarte humor, de weergave van Amerikaans autoritarisme, een veelheid aan verhaallijnen en een pessimistisch wereldbeeld.

Hoewel Ellroy in het algemeen conservatief lijkt, is hij een streng vegetariër die geen sterkedrank gebruikt, en die tegen de doodstraf is.

In 1958, toen James 10 jaar oud was, werd zijn moeder, Geneva, vermoord in El Monte. Zij was naar daar verhuisd samen met James, drie jaar na de scheiding van zijn vader, Armand. Ellroy is na zijn scheiding van zijn tweede vrouw Helen Knode in 2006, met wie hij in Kansas woonde, teruggekeerd naar Californië.

( Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/James_Ellroy )

Laten we het hem zelf maar laten zeggen: “Ik ben de grootste misdaadschrijver ooit.” James Ellroy schrijft ruige, intense fictie. Hij heeft een groot ego en stijl. Veel van zijn oeuvre speelt in Los Angeles in de jaren 50, een heftige omgeving die bevolkt wordt door agenten en slechte daden.

https://www.vpro.nl/boeken/programmas/john-adams/2010/james-ellroy.html )

Over het boek:

Het Knekelhuis is een verzameling verhalen over zijn jeugd en opvoeding, of wat daar voor door moet gaan, maar de rode lijn zijn de onoplosbare moorden – met name de moord op Stephanie Gorman –  en onbereikbare vrouwen, te weten Donna Donahue.

Wie het boek na afloop verdwaasd weglegt, vraagt zich zonder enige twijfel af, is dit fictieve realiteit of realistische fictie. Want bij Ellroy weet je het nooit. Is het nu fictie of realiteit?

In een wereld met het fascistoïde politiekorps van Los Angeles, rondlopend door de riolen van Hollywood en L.A., en alles vertrappend wat onder zijn hakken komt, baant de hoofdpersoon zich een weg. Af en toe wordt hij gebeten door een rat, die hij achteloos fijn stampt. En hij slaat terug. Een wereld vol schoften en schurken aan de onder- en bovenkant van de samenleving en binnen het corps. Een wereld vol drugsgebruikers en snuivers, misdadigers, hoeren, oplichters,  freaks op allerlei gebied, hard slaande politieagenten, verdorven detectives en zieke klootzakken, wordt door Erroll neergezet in een stijl, die wel wordt omschreven als “kaal”, “staccato” en “gecontroleerd.” Zoals een recensent het treffend beschreef: “Ellroy schrijft alsof hij letterlijk door de duivel op de hielen wordt gezeten.”

Zijn schrijfstijl is fascinerend en kan met niemand vergeleken worden. Jens Lapidus doet wel een poging, ook qua thematiek, maar komt toch niet in de buurt van de schrijver die zijn toetsenbord als mitrailleur gebruikt.

Vier sterren.

Jac Claasen.

Jac las: De Doorbraak-Simone van der Vlugt**

de doorbraak 3.jpg

Over de auteur:

Simone van der Vlugt (Hoorn, 1966), is een van Nederlands grootste thrillerschrijfsters. Van haar thrillers werden in totaal twee miljoen exemplaren verkocht. Haar boeken verschijnen over de hele wereld, van Duitsland tot China en van Groot-Brittannië tot Australië.

Haar thrillerdebuut De reünie verscheen in 2004 bij uitgeverij Anthos. Daarna volgden SchaduwzusterHet laatste offerBlauw waterHerfstliedOp klaarlichte dag en In mijn dromen. Voor de Maand van het Spannende Boek 2012 schreef ze het geschenkboekje De ooggetuige.

In 2012 is Simone van der Vlugt een nieuwe weg ingeslagen met de thrillerreeks waarin rechercheur Lois Elzinga de hoofdrol speelt. Hiervan zijn inmiddels drie delen, Aan niemand vertellenMorgen ben ik weer thuis en Vraag niet waarom, verschenen.

Sinds 2009 schrijft Simone van der Vlugt historische romans voor volwassenen. Eerst verscheen Jacoba, dochter van Holland, begin 2012 kwam Rode sneeuw in december, in 2015 verscheen De lege stad en in 2016 volgde Nachtblauw. Eerder schreef Van der Vlugt historische jeugdboeken die bij uitgeverij Lemniscaat verschenen.

Daarnaast maakt Simone van der Vlugt reissfeerboeken samen met haar man Wim van der Vlugt.

( Bron: http://www.simonevandervlugt.nl/biografie-van-simone-van-der-vlugt/ )

Over het boek:

Simone van der Vlugt is niet de geringste onder de Nederlandse thrillerauteurs. Succesvol in commercieel opzicht en met een prachtige conduitestaat aan bekroningen en nominaties voor diverse prijzen.

De Doorbraak is het eerste boek waarvan ik kennis mocht nemen. Dat is eerlijk gezegd geen onverdeeld genoegen geweest.

Het boek handelt over de opkomst van een zangeresje. Bijna letterlijk vanuit de goot wordt zij van de ene op de andere dag beroemd. Beroemdheid heeft zijn schaduwkanten. Daar komt Romeé snel genoeg achter. Het zijn niet alleen de moeilijkheden met stalkende fans en auteursrechten die haar dwars zitten, van liever lee, zonder dat ze erg in heeft, steekt het egoïsme en egocentrisme de kop op. De relaties zijn vluchtig. En wie breekt er herhaaldelijk in? Daar komt bij, dat haar achtergrond als meisje dat van huis is weggelopen, leidt tot grote innerlijke onrust. Wat is er gebeurd met broer Rob, de broer waar ze gek op was, die haar beschermde in een hardvochtig boerengezin? Ook hij is weggelopen. Waar naar toe? Haar naspeuringen leiden schipbreuk. Een bezoek aan het ouderlijk huis, een nieuwe confrontatie, is onvermijdelijk.

Conclusie:

Van der Vlugt heeft een rechtlijnig verhaal neergeschreven, waarbij de spanning maar niet wil komen. Het is allemaal tamelijk voor de hand liggend. Met uitzondering van de hoofdfiguur Romeé, zijn alle figuren in het boek vlak en zonder diepgang neergezet. De auteur gebruikt eenvoudige woordjes in korte zinnen, zonder moeilijke woorden of begrippen in korte hoofdstukjes, vierenveertig in totaal. Het boek van 207 bladzijden is in drie of vier uren te lezen. Een boek voor onderweg naar het vliegveld, wachtend in de hal, tijdens een saaie vlucht naar de plaats van bestemming of in de pendelbus naar het hotel.

De waardering moet in overstemming zijn met het grote aantal formidabele boeken dat de afgelopen maanden gelezen is, en waarvan er velen de vijf sterren status meer dan verdiend hadden. De Doorbraak met een zwak plot, stilistisch zonder uitdaging, zonder leesplezier en spanning, was in vergelijking hiermede doodsaai. Op een schaal van 10 zou dit boek een drie krijgen. In sterren naar boven afgerond:

Twee sterren.

Jac Claasen.

Jac en Chriss lazen: Het vorige meisje-J.P. Delaney***1/2

Vorige Meisje

Over de auteur:

J.P. Delaney is het pseudoniem van een Amerikaanse auteur. Het vorige meisje is zijn eerste thriller, en zal binnenkort worden verfilmd door Ron Howard (regisseur van de Dan Brown-films).

(Bron: http://www.debezigebij.nl/auteurs/j-p-delaney/)

Volgens de volgende bron heeft J.P. Delaney reeds meerdere succesvolle boeken op zijn of haar naam staan: https://www.bookbrowse.com/biographies/index.cfm/author_number/x11907/jp-delaney

Over het boek:

Een nieuwe auteur met een debuut.

Dat betekent dat de harde schijf gereset moet worden. Immers, onbevooroordeeld, zo blanco mogelijk, wil je kennis nemen van het nieuwe. Jammer genoeg wordt op de achterzijde Lee Child aangehaald die het heeft over ‘een vrijwel perfecte psychologische thriller’. Fout denk je bij jezelf. Twee keer fout. De uitspraak klopt niet, nog erger is dat Lee Child deze doet. Maar goed, de harde schijf nogmaals gereset.

De eerste veertig bladzijden had ik een goed gevoel bij het boek. Vreemd, onrust, dreiging, er hangt iets in de lucht, er zit iets aan te komen met dit boek. De onbestemdheid van het debuut, een nieuwe auteur die iets meeslepends opzet.

Hier kan wel eens een vijf sterren debuut aankomen.

Edward Monkford, architect van beroep, charmant, charismatisch, heeft een maf technohuis gebouwd. De eisen die hij aan de huurders stelt zijn ridicuul en worden in een contract van tweehonderd bladzijden extreem gedetailleerd opgelegd. Het wordt al snel duidelijk dat deze Edward Monkford een obsessieve, manipulatieve controlfreak is, een sociopaat van de ergste soort, een man met een antisociale persoonlijkheidsstoornis die weigert zich aan te passen aan de gebruikelijke gedragsnormen. Zo’n exoot trekt probleemgevallen aan.

Dat zou allemaal nog niet zo erg zijn en zeker spanningsverhogend kunnen werken, als de twee andere hoofdpersonen maar niet zo overduidelijk blijk geven van een werkelijk infantiele naïviteit. Het resultaat: twee Barbie popjes, Emma en Jane geheten, die in hun grenzeloze aanbidding voor een Ken met een piemeltje, alle alarmbellen negeren. Want er gaan een hoop alarmbellen af. Het moet gezegd worden dat Jane naar het einde toe wat assertiever wordt en zelfs haar verstand gaat gebruiken.

Wat mankeert er aan dit boek? Van alles.

Het absurde, absoluut ongeloofwaardige plot, de plastic karakters zonder enige diepgang. Maar vooral de koudheid en kilheid die dit boek ten toon spreidt. Niet alleen blijkt het uit de ridicule en absurde eisen en voorschriften m.b.t. de bewoning, maar vooral uit de leegheid van het techno huis. Symbool voor de leegheid van de hoofdpersonen.

Om een voorbeeld te geven van de ongeloofwaardigheid.

Toen op een bepaald moment, mijnheer de architect met beide handen (sic) sexuele handelingen begon te verrichten, midden op het inwijdingsfeestje van een gebouw en niemand iets in de gaten had, sloeg de slappe lach toe en kon J.P. Delaney niet meer serieus genomen worden.

De waardering zakt naar een ster.

De mening had postgevat dat de semi, quasi-intelligente, meerkeuzevragen afkomstig waren uit de Amerikaanse variant van Mijn Vriendin. Grote vergissing. Een hele club van psychologen en psychiaters in Amerika schijnt hier mee bezig geweest te zijn.

In de regel leg ik een boek na honderd bladzijden aan de kant. Echter een gegeven paard kijk je niet in de bek – leesmaatje Chriss had ook voor mij een exemplaar toegezonden gekregen – dus ik lees maar door. Een duorecensie begin je met z’n tweeën en beëindig je samen.

En zie: daar gebeurt het wonder.

Gelukkig dondert die verschrikkelijke Edward op, hij gaat op zakenreis, en dan blijkt dat er een alleraardigste thriller uit rolt. Maar meer ook niet.

J.P. Delaney hanteert de ik-vorm bij het schrijven, vanuit het perspectief van Emma en Jane wordt een verhaal verteld. Beide geschiedenissen, in verschillende tijdlijnen, lopen onwaarschijnlijk en ongeloofwaardig synchroon. Zodanig zelfs dat het niet meer uitmaakt wie aan het woord is. In het begin is dat wisselen van heden naar verleden best verwarrend. Op den duur leest het toch wel lekker weg.

Ik heb een hekel aan de ik-verteltrant. De veelal beperkte visie en de veelheid aan persoonsgebonden gedachten, gevoelens maken een verhaal er meestal niet beter op. Dat valt mee. Emma en Jane blijven plastic figuren.

Met een hele grote uitzondering: Delaney weet op een zeer boeiende en emotionele manier de unieke beleving van een zwangerschap te verweven in dit boek. En wel op een zeer speciale manier.

De ontknoping is echt niet zo waanzinnig als de Daily Mail doet voorkomen. Toevallig had ik een keertje goed opgelet, en die ene hint die de schrijver geeft, is genoeg om wat zaken door te hebben. Echter in de allerlaatste zin dat Jane aan het woord is komt wel een mooie draai. Alhoewel?  Als een konijn uit een hoge hoed komt de auteur met een tweesnijdend ‘deus ex machina’ tevoorschijn.

Delaney maakt veel goed in het tweede deel van het boek. Er is sprake van een intelligent opgebouwd plot,  en de uitwerking van de vele raadsels die aan Monkford en het huis kleven worden prima uit de doeken gedaan.  Het boek is zeker behoorlijk spannend, maar de achterstand is te groot. Opvallend is het gebrek aan humor in het verhaal, geen glimp of begin van zelfs maar een glimlachje.

De gedachte aan een bloedeloze Amerikaanse sitcom met ingeblikt geluid blijft rondzweven. Een surrealistische thriller in een surrealistische omgeving met surrealistische mensen van vlees en bloed.

Waardering:  zeven op 10 punten, afgerond op:

Drie en halve sterren.

Chriss, Jac Claasen.

PS: Vergeet vooral niet het dankwoord te lezen. In de allerlaatste regel van het boek komt wat mij betreft de echte ontknoping naar voren.

Jac en Chris lazen: Ik heb een mens vermoord-Machteld Libert, Walter Damen & Chris Dillen

ik heb een mens

Ondertitel: Drie moordenaars vertellen.

Auteurs: Machteld Libert, Walter Damen en Chris Dillen

Inleiding:

In april 2017 hebben Chris van Camp en ondergetekende De Pruimelaarstraat van Louis van Dievel gelezen. In dit boek gaat van Dievel terug naar het begin van de jaren zeventig, toen een seriemoordenaar en verkrachter de streek rond Mechelen terroriseerde. Deze moordenaar, Gustaaf (Staf) van Eyken, groeit op in de Pruimelaarstraat, gelegen in Bonheiden bij Mechelen. Van Dievel beschrijft vanaf een afstand, maar met liefde en toewijding de bewoners van deze straat.

Maar hoe is het verder gegaan met seriemoordenaar Staf van Eyken?

Over de auteurs:

Machteld Libert is gerechtsjournaliste bij de VRT nieuwsdienst, en tracht op haar manier in de huid te kruipen van de moordenaars. Hoe gaan ze om met de feiten? Kunnen ze leven met hun misdaad?

Walter Damen is strafpleiter, en gaat in op de juridische kant van feiten en daders: de problemen bij hun proces, strafuitvoering en de weg terug. M.n. de ontmenselijking van de daders heeft zijn aandacht.

Prof. Dr. Chris Dillen is gerechtspsychiater, en licht toe hoe mensen tot hun gruweldaden kunnen komen. Van de onvolwassen meeloper (Brusk Ba), borderliner (Antoon Timmermans) tot psychopaat (Staf van Eyken). Wordt de mens zo geboren (genetische lotsbestemming), of zijn het de invloeden van jeugd en opvoeding die iemand maken tot wat hij uiteindelijk wordt? Hoe stel je een diagnose en is behandeling mogelijk? En nog vele andere zaken.

De drie auteurs bekijken de daders elk vanuit hun eigen specifieke invalshoek. Het wordt een confronterende zoektocht zoals Libert het omschrijft, die meer dan een jaar in beslag neemt. Achter elke misdaad zit een schrijnend persoonlijk verhaal.

Over de daders:

Antoon Timmermans (pseudoniem), overigens de echte naam en verdere gegevens zijn eenvoudig te googelen, is een borderliner. Hij is charmezanger van beroep, die de ene vrouw na de andere verslindt, op zoek naar de perfecte liefde en tenslotte zijn laatste liefde, Isabel, keihard vermoord in een vlaag van woede en drankzucht. Zijn zelfmoordpoging mislukt.

Timmermans heeft volgens Dillen een borderline-persoonlijkheidsstoornis, die in zijn jeugd moet zijn gevormd. Dillen beschrijft uitermate boeiend en in een voor leken goed leesbare stijl de ik-gerichtheid van dit soort mensen, de angst om een relatie kwijt te raken, de sterke seksgerichtheid, seks – ik-gericht beleefd, niet als iets gemeenschappelijks-  is een instrument. Niets gevoelsmatigs, het is een wapen als agressie- of manipulatiemiddel, de relaties die schommelen tussen de hoogste pieken en de diepste dalen. Timmermans is een theatrale persoonlijkheid, die in zijn chaotische leven, vol drank, iedereen meesleurt in zijn eigen chaos en problematiek.

Daar komt bij dat Timmermans onvruchtbaar is  (‘Ik voel me een dode tak’), een verachtende omstandigheid volgens de strafpleiter. Maar ook – mede- een van de redenen dat vrouwen hem uiteindelijk altijd verlaten. Het mondt tenslotte uit in een passioneel drama.

Libert legt met de nauwkeurigheid van visfileerder het rechtbankgebeuren vast. Koel en afstandelijk, maar de emoties spelen zo hoog op en spatten van de bladzijden af. Zij misstaan in geen enkele thriller. Echter dit is de realiteit, hier komt geen acteur aan te pas.

Gustaaf van Eyken (‘Nooit wil ik vrijkomen’) is de serieverkrachter en -moordenaar uit De Pruimelaarstraat van Louis van Dievel. Drieëntwintig jaar na zijn veroordeling heeft hij zijn draai gevonden in Leuven Centraal. Damen wordt ingeschakeld om zijn uitgangsdagen terug te bekomen.

Libert beschrijft uitermate gedetailleerd  zijn verleden van aanrandingen, verkrachtingen en moorden, waarbij geen detail achterwege wordt gelaten. Sensatiejournalistiek? Neen, in genen dele. Door de nuchtere bewoordingen en koele, afstandelijke manier van schrijven, ontstaat een aangrijpend verhaal.

Als Staf bij het welkom de omhelzing iets te lang aanhoudt, krijgt zij rillingen.

Dillen: Staf heeft psychopatische trekken, maar is geen echte psychopaat.

Immers bij zijn aanhouding heeft hij direct alles bekend, hij voelde zelf dat hij aan het ontmenselijken was.

Volgens Dillen is hij primair een abandonist: ooit affectie en liefde gekend, maar afgestoten. Afstoting maakt een grote hoeveelheid agressie los. Seks is afstoting en afstoting is agressie en omgekeerd. Een vicieuze cirkel: hij wil borsten (uitvloeisel van de gedragingen van zijn tante, die hem vier jaar lang, van tien tot veertien, het bed intrekt), hij wil seks, maar is niet in staat om op een normale manier relaties aan te gaan en wordt afgestoten. Hij wil dat voorkomen, dat afstoten, dat doet pijn, dus gaat hij op zoek naar een manier om die afstoting in de hand te houden en te controleren. Dus seks in een totaal beheersbare omgeving – verkrachting – evolueert naar de extreemste vorm van het vermijden van een afstoting: het doden.

Dankzij therapie ontstaat er een nieuwe Staf, die niet meer terug wil de maatschappij in. Een unieke situatie en niet voorzien in het strafrecht.

Brusk Ba (‘Ik ben blij met wie ik nu ben’), pseudoniem, een allochtone jongere, afkomstig uit Koerdistan, komt via het klassieke patroon op het slechte pad. Schoolmoe, criminele vrienden, spijbelen, experimenteren met soft drugs, en ten slotte zijn problemen wegblowend. Een roofmoord loopt verkeerd af en hij wordt gepakt. Deze moord zal verder niet besproken worden.

Conclusie:

Een uitermate informatief en boeiend boek, waarin vele onderwerpen die met strafrecht, de psyche van de mens en zijn daden te maken hebben, boeiend verwoord worden. De drie auteurs hebben met passie een boek geschreven over wat hun na aan het hart ligt: moordenaars, hun verhaal, hun schuld en boete.

Waar boven Walter Damen niet aan het woord gekomen is, komt dat omdat de door hem besproken onderwerpen ( De bekentenis, Jonge delinquenten, Wat als iemand niet vrij wil komen etc. ) buiten het kader van deze beschouwing vallen.

Persoonlijk hebben wij geen enkel begrip op kunnen brengen voor de misdadigers, en is geen enkele vorm van mededogen gerijpt.

Tot slot. In Nederland kennen wij geen juryrechtspraak. Diverse malen wordt in het boek gestipuleerd dat in Nederland de zorg tot inpassing in de maatschappij op een hoger peil staat dan in België. Eenvoudigweg omdat er meer geld en psychiaters beschikbaar zijn voor deze zaken.

Chris van Camp en Jac Claasen.

Jac las: Oxen-De Hondenmoorden-Jens Henrik Jensen****

Jens oxen 1.png

 

Jens Henrik Jensen – Oxen de Hondenmoorden

Over de auteur

Jens Henrik Jensen  is 54 jaar oud, en heeft journalistiek gestudeerd, en heeft ook 25 jaar voor een krant gewerkt. Hij is getrouwd, en heeft twee kinderen, en houdt van natuur, boeken, films, muziek, vissen en vooral van voetbal. Uit zijn reizen naar onder andere Zuid-Amerika, Rusland en de Balkan, haalt Jensen de goed gedocumenteerde achtergrond voor zijn misdaadromans.

In Denemarken verschenen drie boeken uit de Nina Portlandserie, na zijn trilogie met Jan Jordi Kazanski. In Nederland bracht uitgeverij De Geus de eerste twee boeken over Jan Jordi Kazanski als De heks van Kraków (2003) en De hofnar van Moermansk (2004) op de markt. In 2007 kwam bij uitgeverij Signatuur Spookschip uit, een misdaadroman gebaseerd op ware gebeurtenissen. In dit nieuwe boek introduceert Jensen, Nina Portland, rechercheur bij de politie in Esbjerg.

( Bron: Samen praten met: Samen praten met Jens Henrik Jensen )

Over het boek:

Rasmus Grube, het hoofd van de Noord-Jutlandse afdeling voor geweldsdelicten, wordt geconfronteerd met de moord op Hans-Otto Corfitzen, 73 jaar oud en voormalig topdiplomaat ,mecenas en kasteelheer van Norlund Slot, een voormalig machtscentrum uit lang vervlogen tijden.

Niels Oxen, voormalig commando en de hoogst gedecoreerde Deense militair in de geschiedenis van het land als gevolg van meermalen bekroond heldhaftig gedrag tussen uitzendingen naar de Balkan en Afghanistan, wil de traumatische gebeurtenissen en de verschrikkelijke dromen waar hij last van heeft achter zich laten. Hij maakt bivak in de bossen die horen bij het kasteel.

Door een toevallig bezoek aan het kasteel, wordt hij verdachte in de moord op Hans-Otto Corfitzen. Uitermate uitzonderlijk is dat de top van de politieke inlichtingendienst ( PET), Axel Mosman en Martin Rytter, aanwezig is bij het verhoor van Niels Oxen.

Er moet dus meer aan de hand zijn. En dat blijkt ook.

Het eersteling van Jens Henrik Jensen is een krachtig en zeer spannend debuut, het eerste deel van de voorziene trilogie. Het is begrijpelijk dat Jensen nogal wat tijd kwijt is aan de introductie van een groot aantal personen en achtergronden. Ook het verhaal zelf speelt op een groot aantal locaties. Het is een vrij rechtlijnig verhaal, met hier en daar historische achtergronden. De verdieping en uitbreiding van de centrale verhaallijn is boeiend. Het geheel is gemakkelijk te volgen.

De karakters van de hoofdrolspelers zijn netjes maar beperkt ( schematisch) uitgewerkt. Alleen bij Niels Oxen vindt er een zekere uitdieping plaats van zijn trauma’s en angstbeelden, echter een uitwerking van de andere, relevante zaken ( relaties en kind bij voorbeeld) blijft achterwege. Wellicht dat de volgende delen wat meer toevoegen?

Een dikke 8, zijnde vier sterren.

Jac Claasen.

 

Jac las: Huivering-Bernard Minier *****

Huivering

Bernard Minier – Huivering

Bernard Minier groeit op in  Montréjeau aan de voet van de  de Pyreneeën en studeerde in Tarbes en Toulouse, en gaat daarna voor een jaar in Spanje wonen en werken.

Hij woont nu in Essonne in Ile-de-France.

Zijn eerste baan is bij de douane, alwaar hij de functie van controller vervult. Hij neemt deel aan wedstrijden voor nieuw schrijftalent, en waagt de sprong, en stuurt zijn eerste manuscript op naar een uitgever. Zijn eerste boek, Glacé , verschijnt in 2011. De Nederlandse titel is “Een kille rilling”. Het wordt een groot succes in Frankrijk en in vele landen daarbuiten. In 2012 volgt zijn tweede roman. Le Cercle, vertaald als “Huivering”. ‘Verduistering is de titel van z’n derde roman. In het najaar van 2017 volgt ‘Nuit’ ( ‘Schemering’). In Frankrijk is de auteur inmiddels een beroemdheid.

Over het boek.

Claire Diemar, docente aan het Marsac college, wordt vermoord aangetroffen in de badkuip van haar woning. Ingepakt in een kluwen van touwen en voorzien van een staaflampje in haar keel. Martin Servaz wordt opgebeld door Marianne, zijn ex met wie hij zeven jaar getrouwd is geweest. Hugo, de zoon uit het tweede huwelijk van Marianne, is verward aangetroffen in de woning van Claire Diemar en is daarmee hoofdverdachte nummer één geworden. Hij was immers ook leerling aan het lyceum van Marsac, en Claire Diemar was een van zijn docenten Alleen Hugo kan het bijna niet gedaan hebben. Er zijn teveel tegenstrijdigheden en losse eindjes rondom zijn bemoeienis.

Margot Servaz studeert ook aan het Marsac. Zij, gothic, piercings in wenkbrauw en onderlip, lang, slank en gespierd, heeft de aard naar haar vader en wordt het onderzoek ingezogen. Margot is zijn dochter uit het tweede huwelijk van Martin Servaz met Alexandra.

Dit boek is een meesterlijk vervolg op ‘Een kille rilling’. Bernard Minier toont zich wederom een meesterlijk en gepassioneerd verteller. Zijn schrijfstijl is dan weer sec en droog, en vervolgens gepassioneerd en verdrietig als hij schrijft over levens en relaties die uit de rails lopen. ‘Huivering’ is allereerst een zeer spannende thriller, maar daarnaast ook  een roman over het grote verlaten in een tijd dat de onsterfelijkheid op de loer ligt en het leven eeuwig lijkt te duren. Het verlaten om de ergste reden die er is.

Het centrale thema van liefde en verraad is door Bernard Minier uitermate knap uitgewerkt. Alhoewel liefde en verraad, of toch verraad om de liefde of verraad door de liefde?.

Met groot poëtisch vermogen beschrijft Minier keer op keer de elementen: wolkenluchten, water, storm, schaduwen. Soms komt alles samen:

‘De maan stond als een trieste vrouw aan de hemel, de enige die hem niet zou verraden’

Opvallend en uitermate boeiend  in dit boek is de snoeiharde kritiek op het politieke bestel in Frankrijk, en de kritiek op de religie van de dominante en steriele massaconsumptie.  Aan de hand van een plaatselijk politicus wordt een verbazingwekkende en vernietigende analyse beschreven van de politieke situatie in Frankrijk. Kritiek op de totale morele onverschilligheid van politici die de top willen bereiken. Onder het motto:

‘Controle is voor mensen even noodzakelijk als voor ratten

Huivering is het boek dat volgt op ‘Een kille rilling’. Het verdient aanbeveling de boeken in de juiste volgorde te lezen.

Deze beklemmende, zeer spannende en intelligent geschreven thriller verdient zonder meer

Vijf sterren

 

Jacques Claasen