Jac las: De hitte van de hel-Gard Sveen****1/2

de-hitte-van-de-hel

In 2015 publiceerde Gard Sveen zijn debuutroman De doden hebben geen verhaal, twee verhaallijnen over een moord in 2003 op een verzetsstrijder en drie lijken die gevonden worden en dateren uit WO II. De protagonist is Tommy Bergmann, een rechercheur doch beslist geen frisse jongen. Hij heeft zijn vrouw te stevig aangepakt. Een geweldig debuut, dat mij van de stoel deed blazen.

De verwachtingen waren dan ook hoog gespannen voor zijn tweede boek. Dat is  inmiddels op de markt en is getiteld De hitte van de hel. Zoals zo dikwijls slaat de titel nergens op maar bekt gewoon, commercieel gezien, lekkerder dan de directe vertaling van Helvete Åpent ( Hel open).

Het boek heeft een buitengewoon donkere uitstraling. Letterlijk, figuurlijk en qua cover. Het is altijd donker, het sneeuwt of is mistig. Tommy Bergmann is in therapie als gevolg van zijn handtastelijkheden en Hege is weg. Groot gelijk. De andere spelers hebben last van een groot scala van psycho neurotische aandoeningen of kwalijke karakterneigingen. Maar vooral ook van relationele problemen. Zelfs de echtgenote van een van de rechercheurs die het raadsel oplost van een cryptisch zinnetje is erg slim maar wel weer autistisch. Een hoop te doen voor de GGZ en relatietherapeuten daarginder.

Plot (Kort)

In 1988 wordt Kristiane Thorstensen vermoord, de dochter van Per-Erik en Elisabeth Thorstensen. Tommy is er direct bij. Hij kan maar net verhinderen dat Elisabeth na het vernemen van dit rampzalige nieuws, haar polsen doorsnijdt. Hij weet het bloeden te stelpen.

In november 2004 wordt een erg jong hoertje, Daina,  vreselijk toegetakeld en wel zodanig dat ze levensgevaarlijk gewond is. “Net als Kristiane, dacht Tommy”. De modus operandi ( de werkwijze van de dader) vertoont overduidelijke overeenkomsten met de zes moorden, waaronder die op Kristiane,  van toentertijd.  Echter de dader, Anders Rask, een vroegere leraar van Kristiane,  zit opgesloten in de psychiatrische inrichting Ringvoll en kan dus nooit de dader zijn van deze weerzinwekkende mishandeling.  Anders Rask, een pietepeuterig mannetje, die zijn echte gezicht zelden laat zien. Is hij een Hannibal Lecter look alike, maar dan zonder tralies voor zijn muilkorf?

Is hier een copycat actief of loopt de gestoorde kindermoordenaar nog vrij rond? De commotie is groot. De hoogste op de apenrots, carrièrejager en hoofdofficier van Justitie  Svein Finneland, rekent er op dat Bergmann binnen een week iets op tafel weet te leggen. Susanne Bech een licht neurotische, overwerkte alleenstaande moeder met een dochtertje van 5, Mathea, wordt toegevoegd aan Tommy Bergmann. De onmogelijke speurtocht begint.

Conclusie.

Sveen heeft een aparte stijl van schrijven, met plotselinge vervreemdende zinnen die je twee keer moet lezen. Hij is hier en daar wat moeilijk te volgen; het lijkt wel of hij sprongetjes in zijn hoofd maakt en die maar voor een deel opschrijft. Oftewel hij spit zijn tuin om en laat de plakken klei niet netjes in de voor terecht komen maar hier en daar op de grond vallen. De veelheid aan personages maakt het er voor de niet geoefende lezer niet gemakkelijker op. Zowel zijn debuut als zijn tweede thriller hebben een bepaald stramien. Skeletten, lijken, moorden uit het verleden worden gelinkt aan recente misdadige acties. De eerste alinea is ter staving bijgevoegd.

Tommy Bergmann heeft het wat mij betreft voor een groot deel verbruid. Gelukkig is er Susanne Bech die voor een groot deel de show redt. Ondanks of misschien wel dankzij alle opgenoemde bezwaarlijke aspecten is het een genot om het boek te lezen. Het is zeker geen pageturner, maar een Scandinavische thriller in de beste traditie. De opbouw van het verhaal is prima. Langzaam maar zeker word je aan de hand genomen en meegevoerd. Goed inzicht in de karakters van alle hoofdpersonen. Door afwisselend van perspectief te wisselen tussen de hoofdrolspelers wordt veel relevante informatie los gelaten op de lezer, maar goed gedoseerd en er wordt door Sveen zeker niets weggegeven. Er hangt een constante bedreigende sfeer in de lucht en Sveen weet die spanning goed vast te houden. Het superspannende einde is ietwat gekunsteld maar door mij beslist niet voorzien. Het open einde belooft een vervolg.

We wachten met smart op deel 3 Gard.

4,5 sterren.

Jac Claasen.

Jac las: De groene overmacht-Maarten ’t Hart

maartenthart

Maarten ’t Hart – De groene overmacht

Het is een even grote als aangename verrassing als blijkt dat jouw favoriete schrijver jouw favoriete hobby ( naast lezen natuurlijk) uitoefent. We hebben het over Maarten ’t Hart, die  in de lente van 2014 op de buis gaat uitleggen hoe je een moestuin dient te bestieren. In 10 afleveringen nog wel. Het programma was genaamd “Maartens Moestuin”en is nog steeds te bekijken via de NPO. Basis daarvoor was het boek(je) De groene overmacht, uitgebracht in 2004 en met mooie zwart wit tekeningen van Peter Vos. Voor me ligt de achtste druk uit 2014. Ondertitels: “Tuinieren op de zware zeeklei. Voor iedereen met of zonder groene vingers.” Een boek voor een minimale nichemarkt zo was mijn idee, echter de achtste druk geeft aan dat er best belangstelling is ( geweest). Niet zo gek natuurlijk in een tijdvak met honderden bloggers over alles wat maar met voedsel en voedselveiligheid te maken heeft.

De titels geven duidelijk aan wat ondergetekende en ’t Hart gemeen hebben: wij trachten eetbare gewassen te kweken. Geenszins een onmogelijke opgave, gezien de vele triomfantelijke uitingen in de diverse media die de wereld versteld doen staan van grote winterwortelen waarmede Jan Splinter de winter doorkomt tot forse kroppen sla van buitenaardse omvang en kolen die nauwelijks te tillen zijn. Wij noemen ons volkstuinders. Wij volkstuinders hebben als motto: “Wij weten wat wij eten”en zijn in zekere zin idealisten. Wij willen geen industrieel verwerkt voedsel. Wij gaan zorgvuldig en respectvol om met de grond en de oogst. Dat zorgvuldig omgaan uit zich in het niet of nauwelijks gebruik van bestrijdingsmiddelen en de behandeling van de grond: niet spitten maar de grelinette of woelvork hanteren. Wij willen onze kinderen en onszelf niet voeden met chemisch behandeld voedsel. Wij, onze vereniging en onze grond en onze producten zouden een oase van ecologisch voedsel voor lokaal verbruik  moeten zijn.

De realiteit is anders. Maarten heeft het (on)geluk dat hij tuiniert en op zgn. zware zeeklei zijn hobby uitoefent. Zware zeeklei heeft als voordeel dat de grond buitengewoon vruchtbaar is maar heeft als nadeel dat de hitte ’s zomers de grond keihard bakt. “De gebakken bovenlaag werd door de frees kapotgebeukt in bikkelharde, tennisbalgrote kluiten.” Met scheuren. Dit is het begin van een groot aantal haast epidemische ongemakken zoals daar zijn het wassende water, de strijd tegen de onophoudelijk oprukkende brandnetels, de strijd tegen de naaktslakken en veenmollen,  alles overwoekerende haagwinde,taaie vlier- en doornige braamstruiken en de gevreesde schimmelziekte genaamd phytophtera infetans, de aardappelziekte die bij vochtig weer en hoge temperaturen de kop opsteekt. Dezelfde aardappelziekte die in de 19e eeuw de helft van de Nederlandse bevolking deed creperen.

Mijn conclusie:

Laat ik eerlijk zijn. Maarten heeft mij weinig geleerd over tuinieren. Ik koester de hoop ooit nog eens een keer te mogen uitleggen hoe het gemakkelijker en beter kan. Het programma was vooral een succes omdat niet het noeste zwoegen een hoofdrol speelde maar meer de terloopse opmerkingen over tal van zaken niet de moestuin betreffende. Nog meer in zijn boek, een bundeling van voornamelijk NRC columns, komt de gedragbioloog met tal van opmerkingen over de natuur, over dichters en schrijvers ( Geert Mak, Vestdijk), over de boosaardige overheid, zijn geiten en de prachtige muziek van Bach, een ode aan het bloeiende fluitenkruid en vele andere zaken.

Het lijkt wel of het grote thema van de ongrijpbare en onbereikbare liefde doorsijpelt in zijn werk en leven als volkstuinder. Het boek  is derhalve veel meer dan een humoristisch boek over tuinieren en het gevecht met de natuur. Echter het is niet alles kommer en kwel. Zijn slotconclusie: “Een moestuin onderhouden is een even bevredigende als loodzware opgave.” 

Jac Claasen.

Jac las: Leven of dood-Michael Robotham*****

leven-of-dood

Michael Robotham schrijft ijzersterke, intelligente thrillers met een uitstekend plot en is voor mij een vaste waarde in de thrillerwereld. Zijn vaste hoofdpersonen zijn Joseph O’Loughlin, psycholoog die lijdt aan de ziekte van Parkinson en aan een moeilijk liefdesleven en oud politieman Vincent Ruiz. De verdenking en De afrekening vond ik beide zo goed, dat ik deze boeken binnen afzienbare tijd nog een keertje gelezen heb. Bleven gewoon vijf sterren. Tot nu toe zijn 8 delen verschenen met Joseph O’Loughlin als protagonist.

Ik citeer Wikipedia:

In 2004 debuteerde Robotham met de door media en lezers veelgeprezen thriller The suspect (De verdenking ), mede door de verbluffende plotwending. Het boek was de start van de succesvolle serie met in de hoofdrol de sympathieke en aan Parkinson lijdende psycholoog Joseph O’Loughlin. De serie werd razend populair en in 2015 schreef Robotham het achtste deel: Watching you. Hij schreef ook een aantal standalone thrillers, waaronder Life or death (2014), dat naar het Nederlands werd vertaald als Leven of dood. Het boek werd door lezers en vele media vol loftuitingen ontvangen en wederom geprezen vanwege de fraaie plotwendingen. Financial Times noemde het een van de beste thrillers van het jaar en dagblad The Australian noemde Robotham een thrillerauteur op de top van zijn kunnen.

De standalone thriller Leven of dood is een fraai hoofdstuk in het oeuvre van Robotham. Het verhaal speelt in Texas en verhaalt over Audie Palmer. Er is iets raars aan de hand met deze Palmer. Veroordeeld tot 10 jaar gevangenisstraf, weet hij een dag voor de dag van vrijlating te ontsnappen. Waarom doet iemand dit?

Langzaam wordt duidelijk dat Palmer verdacht wordt van het wegsluizen van zeven miljoen dollars, de buit van een roofoverval. In de gevangenis zijn talloze aanslagen op hem gepleegd. Zijn lichaam is een landkaart vol groeven en littekens van de verschrikkelijke mishandelingen die hij heeft moeten ondergaan. Hij laat niets los en behoudt zijn waardigheid in een hel van geweld.

Het boek bevat een aantal verrukkelijke bijrollen. Zo is daar Moss ( Mijn moeder wist niet hoe ze Mozes moest spellen), een mede gevangene die in een door en door corrupt systeem van politici, officieren van justitie en rechercheurs wordt vrijgelaten om achter Palmer aan te gaan. En FBI agent Desiree Furness, die zo klein is dat ze haar kleren op de kinderafdeling moet kopen. En daarmee vreselijk gepest wordt. ( Ik heb je nog niet gezien, ga de volgende keer maar op een stoel staan) Maar ze was geschikter, slimmer en vastberadener dan de meeste collega’s. En ze trekt zich gewoon niets aan van haar lengte of liever gezegd het gebrek daaraan. Zij is ook de eerste die gaat twijfelen aan de waarheid over alles wat opgeschreven en geconcludeerd is en aan de hand waarvan vonnis is gewezen.

Het boek kent twee thema’s. In de kern is het een liefdesverhaal, dat Robotham laat afspelen in een keiharde Amerikaanse samenleving. Daarnaast de ijzeren discipline van Palmer om zich aan zijn belofte te houden, een belofte die hij heeft gedaan aan de liefde van zijn leven.

De beschrijvingen van mensen steden, landschappen zijn levensecht. De achteloos neergeschreven details, zonder opdringerig te zijn, versterken de authenticiteit van het verhaal. De snelle afwisseling van de scenes bij de hoofdpersonen, de mooi uitgetekende diepgang van hun karakters geven blijk van een groot intellectueel vermogen bij de schrijver. Het boek telt 413 blz, verdeeld over 67 hoofdstukjes. Er ontstaat een sterk filmisch effect door de snelle camerawisselingen: hoofdpersonen en locaties wisselen elkaar vlug af. Dit leest niet alleen lekker, de veelvuldige scene- en perspectiefwisselingen versterken het “visuele” aspect van dit boek.

Vanuit het perspectief van de jagers en de opgejaagde wordt beschreven hoe de drie verhaallijnen bij elkaar komen in een bloedstollend ontknoping.  Laat je niet opjagen door de spanning en blijf rustig lezen. Het loont.

Ik heb genoten van het verhaal, een aantal uren ontspanning is gegarandeerd.

Vijf sterren.

PS: Ik vraag me af hoe lang het duurt vooraleer ik dit boek een tweede keer ter hand ga nemen.

Jac Claasen.

Jac las: Dood de Vader-Sandrone Dazieri *****

Beschouwing over Sandrone Dazieri – Dood de Vader

Inleiding:

Wie een beetje op de hoogte is van de Tour de France weet dat er vier verschillende soorten bergbeklimmingen zijn, variërend van de vierde tot de eerste en moeilijkste categorie. Daarnaast bestaat de buitencategorie ( Hors Catégorie zoals de Tourmalet, of de Mont Ventoux). Je zou het een beetje kunnen vergelijken met de sterrenwaardering voor hotels of boeken. Ik heb wel eens het idee dat te gemakkelijk vijf sterren verstrekt worden aan boeken die niet echt tot die buitencategorie behoren. Sterreninflatie derhalve. Tot groot plezier van de uitgevers.

Dood de Vader van Sandrone Dazieri behoort tot de zeldzame thrillers – laten we ons maar even beperken tot deze nichemarkt- die het predicaat buitencategorie verdienen. Zoals De Da Vinci code, Ik ben Pelgrim, Wolf of De Berlijnse trilogie. Elke lezer heeft zo zijn eigen rijtje.

Dood de Vader is door mij gemist in 2015 maar gelukkig heeft Karin mij attent gemaakt op deze omissie. Dood de Vader telt 557 blz. en verstrekt je 10, 12 of misschien wel 14 uren puur leesplezier. Niet alleen zit je voortdurend op het puntje van je stoel, maar de spitse dialogen spetteren van de bladzijden af. En het boek bevat gelukkig veel dialogen. Om dat te begrijpen moeten we een korte schets geven van de twee hoofdrolspelers in dit drama, geen normale rechercheurs maar twee gemankeerde en getormenteerde geesten. Twee zielen die je op een gegeven moment omarmt en niet meer loslaat.

Hoofdpersonen:

Dante Torre is naar eigen zeggen 11 jaren opgesloten geweest in een silo. Ontvoerd. Door de Vader. Zonder enig verder contact met de buitenwereld. Hij weet te ontsnappen. Ze noemen hem de jongen van de silo. Dante is hoogbegaafd, briljant en een expert in het aflezen van menselijk gedrag en in staat daar verstrekkende conclusies uit te trekken. Dante is ook een autist. Hij alleen kent de structuur van de “dozen des tijds” in zijn appartement. Hij heeft last van claustrofobie en spasmen. Zijn linkerhand is een grote klomp littekenweefsel – alleen duim en wijsvinger functioneerden nog – en zit altijd in zijn zak. Fysieke en psychische problemen te over.

Colomba Casselli ( CC) is een anarchocop van het zuiverste water. Een granieten schoonheid van 1 meter 80 met groene ogen die fel oplichten als ze kwaad is. Na de Ramp is zij moeizaam hersteld maar nog niet terug in dienst. Zij wordt nog steeds geteisterd door paniekaanvallen vol schimmen en doodsangsten. Het gevolg van het overleven van een aanslag op een restaurant in Parijs. Zij heeft lak aan procedures en is tegendraads. De dialogen met andere rechercheurs en meerderen zijn nogal eens hilarisch. ( “Ik heb er een erekwestie van gemaakt om mijn leven niet te laten leiden door gezond verstand”).

Synopsis (kort)

Dit duo raakt betrokken in een verdwijning van het jongetje Maugeri en zijn onthoofde moeder. Dante ontdekt een fluitje opgehangen aan het verkeersbord. Hij kent dat fluitje. De Vader laat weten dat hij terug is. Maar niemand gelooft hem. Het onderzoek is de opmaat naar een groot aantal bizarre ontwikkelingen. Dante en Colomba worden het wild waarop gejaagd wordt.

De samenwerking en de interactie tussen Dante en Colomba zijn van groot belang voor de ontwikkeling van het verhaal. Beide protagonisten worden als mensen van vlees en bloed neergezet met een diepe inkijk in de psyche. Dit geldt minder voor de Vader.

“De Vader was slechts een artiest die van zijn werk hield, want op het allerhoogste niveau streefden kunst en wetenschap op dezelfde manier naar schoonheid. Naar het absolute.”

Conclusie:

Dazieri verstaat de kunst om regelmatig met nieuwe informatie aan te komen zetten die het verloop weer op zijn kop zetten of er een onverwachte draai aan geven. De ontknoping is razend spannend en bizar. Vermeldenswaard de beschrijving van de drie seconden durende bomaanslag. Grote klasse en a-dem-be-ne-mend. Een van die zeldzame boeken die best wat langer hadden mogen duren.

Waardering: Vijf sterren.

Opmerkingen:

Wat mij verbaast is het feit dat Dazieri nu plotseling komt boven drijven. Er moeten in Zuid en Midden Europa en andere westerse taalgebieden toch meer talenten zijn die een mooie thriller kunnen neerzetten? Ik kijk echt uit naar de volgende thriller van Dazieri.

Tot slot nog het volgende. Voor mij ligt de vierde druk uit 2016. Xander is een lakse uitgever. Wat te denken van postale recherche ( eenheid voor digitale misdaadbestrijding), steak-outs ( posten, observeren), ga niet langs start ( ga niet langs af) etc. Waarom zijn dit soort verminkingen niet aangepast?

Jac Claasen.

Jac las: Weg zonder genade-John Hart

johnhart

 

Weg zonder genade is het  eerste boek dat ik van John Hart lees. De vertaling van de Engelse titel Redemption road is vreemd te noemen. Redemption heeft een mij bekende financiële achtergrond : aflossing, afschrijving of amortisatie. Maar kan ook gebruikt worden in een ander verband: verlossing, zaligmaking of vergiffenis. De titel zou wellicht moeten luiden Weg van de genade!

John Hart is een ervaren en goed schrijver. Dat is aan alles te merken. Hij zet een hard en rauw boek neer, zonder een greintje humor, en vergroot een donkere en gewelddadige samenleving uit met sadistische gevangenisbewaarders en een meedogenloze gevangenisdirecteur. In de broeierige kleffe hitte van North Carolina is een small town girl op zoek naar spanning en sensatie met als gevolg een levensgroot trauma. Corruptie, overspel en racistische spanningen, harde politie agenten met een levensgrote tunnelvisie. Alles komt voorbij. Maar ook  die heerlijke 89 jarige advocaat, “Crybaby” Faircloth Jones. Hoe hij aan die bijnaam komt moet u zelf maar lezen. Ook hoe hij er af komt. Alle clichés over het diepe zuiden worden op een hoop gegooid. Maar wel heel vakkundig en meeslepend. En misschien is het ook niet anders.

Het motto van Adrian Wall, de hoofdpersoon, is : overleven is geen zonde. Het grote thema is dat van de schuld en de onschuld. Het boek kent een vliegende start, een brede basis met goede plotwisselingen maar een langdradig slot vol extreem geweld. Zo langdradig, dat ik op een gegeven moment maar een ander boek ben begonnen. Er kwam geen einde aan. De personages wekken geen empathie op, noch Adrian Wall, noch rechercheur Elizabeth Black, de andere hoofdfiguur. De karakters zijn oppervlakkig, clichématig. De persoon van de dader wordt in het geheel niet blootgelegd en verder psychologisch ontleed.

Hart is vakman genoeg om alle verhaallijnen, hoe onwaarschijnlijk ook, fraai bij elkaar te laten komen. De slotconclusie: een gemiddelde thriller.

Jac Claasen.

Jac las: Wolf-Mo Hayder*****

wolf-mo

Mo Hayder – Wolf

Het kan raar lopen met een boek dat je beklijft.

In mei 2015 las ik Wolf. Geleend bij de bieb. Het boek maakt een verpletterende indruk, vijf sterren waard.  Een paar maanden geleden lag bij de boekhandel de zesde druk. Een mooie uitgave van €9,99. Voor dat bedrag kon ik dit boekwerkje toch niet laten liggen?

Nu begin november 2016 heb ik Wolf opnieuw gelezen. Waarom? Ik was erg benieuwd of de indruk van 18 maanden geleden stand zou houden onder druk van de tijd, de herinnering en al het moois dat je in de tussentijd weer verorberd hebt.  Een boek dat indruk op je maakt leeft voort in je herinnering. Grote stukken van het plot staan gebeiteld in het geheugen. Zoals de scene waarbij hij Jacqui Kitson, die wel wat wil, de auto uitgooit. Maar bepaalde zaken verflauwen en soms lijkt het wel of de nullen en enen op je harde schijf overschreven worden door andere en nieuwere informatie.

Laat ik maar met de  conclusie beginnen: de thriller staat nog immer als een huis en mijn waardering blijft onveranderd. Vijf sterren.

Plot summier

Rechercheur Jack Caffery loopt nu tegen de veertig, ziet er goed uit, drinkt te veel, heeft een hekel aan journalisten en mensen in de organisatie boven hem en heeft de vrouwen voor het uitzoeken. Toch is hij nog steeds single.

Hij  leeft voor een zaak: hij wil de verdwijning van zijn op achtjarige leeftijd verdwenen broertje Ewan oplossen. Zijn broertje liep de tuin uit, stak het spoor over en was weg, spoorloos, verdwenen. Dit is de rode draad in alle zeven Jack Caffery verhalen. Het spoor loopt dood.

Hij moet op zoek naar hulp, naar de Wandelaar. De Wandelaar is een mystieke, mythische figuur die zijn eigen redenen heeft om Zuid-Engeland uit te kammen. De Wandelaar kan niet gevonden worden. Hij laat zich vinden. Hij wil Jack helpen om met Derek Yates in contact te komen op een voorwaarde. Hij moet uitzoeken wat de twee woorden “Help ons…” betekenen,  bevestigd aan de halsband van Bear, een hondje.

Daarmee komt Jack Caffery terecht  in de tweede verhaallijn. Wetenschapper Oliver Anchor-Ferrers , echtgenote Matilda en dochter Lucia worden gevangen gehouden in hun buitenhuis. De reden waarom wordt langzaam duidelijk.

Conclusie.

Hayder heeft haar beste werk tot nu toe met deze thriller afgeleverd. Met de (voor)kennis van nu is getracht kritisch te kijken naar opbouw, spanningsboog en einde van het verhaal. Allemaal dik in orde. In een vloeiende stijl, met korte hoofdstukjes, maar vooral veel sterke dialogen is het een waar genoegen deze thriller, ook voor een tweede keer, te lezen. Het verhaal kent een zeer sterke opbouw, de angst in het huis, eerst latent, wordt later manifest. Hayder is niet vies van bloed en ander uit lichaam voortkomend ongerief.

Het hele verhaal lang is er een latente spanning aanwezig. De oplettende lezer die denkt te weten waar het op uit draait, wordt verrast door  plotwendingen die alles weer op zijn kop zetten. Bij Hayder is er altijd weer een motief achter een motief. De personages zijn van vlees en bloed en goed uitgewerkt. Met name de ontknoping is in zijn eenvoud ijzingwekkend en blijft lang nadreunen. Dit is toch niet mogelijk?

De volgorde van de Jack Caffery serie.

De boeken kunnen door elkaar heen gelezen worden.

Echter gezien bepaalde ontwikkelingen verdient het aanbeveling onderstaande volgorde aan te houden.

2000 Vogelman

2001 De behandeling

2008 Ritueel

2009 Huid

2010 Diep

2013 Poppenspel

2014 Wolf

Jac Claasen.

Jac las: Koekoeksjong-Robert Galbraith

koekoeksjongtop

Een korte beschouwing:

De opmerking in de Facebook groep enkele weken geleden dat Robert  Galbraith ( samentrekking van Robert F. Kennedy en “Ella Galbraith”, een verzonnen naam uit haar jeugd)  een pseudoniem was van J.K. Rowling noopte mij onmiddellijk tot actie over te gaan en op zoek te gaan in de bieb  naar Koekoeksjong, de eerste thriller uit een nog grotendeels op te zetten serie.

Geen recensie of een korte inhoudsopgave maar meer een korte beschouwing over deze eerste thriller van deze schrijfster die er in haar eentje voor gezorgd heeft dat Fantasy weer hot werd.

Verwacht geen rebelse,  door drank, relatieproblemen of te hoog of te laag libido geteisterde politie inspecteur, geen bloed dat onder het orgel vandaan loopt of tegen muren aangekwakte hersendelen, geen seriemoordenaar die het ene na het andere weerzinwekkende slachtoffer maakt, geen onderzoeken die op slot zitten en op die ene opening wachten.

Neen het is allemaal wat bedaagder.

Cormoran Strike is de protagonist: een zowel fysiek ( hij heeft een stomp) als mentaal verwonde privé detective. Resultaat van de uitzending naar Afghanistan. Een opmerkelijke hoofdrolspeler die vele vragen oproept. Die zeker beantwoord zullen worden in de delen die komen gaan.

J.K. heeft een detective opgetekend in de beste Engelse tradities van  G. K. Chesterton ( Fahter Brown), Agatha Christie en P.D. James. Whodunnit auteurs van het zuiverste water.

Met haar in gif gedoopte en scherp geslepen pen, de wellicht nauwelijks te vertalen, in fraaie volzinnen en nog fraaiere dialogen verpakte, onderkoelde humor overtreft ze haar illustere voorgangers en maakt het boek tot op zekere hoogte een waar genot om te lezen. Wie niet regelmatig inwendig gniffelt over haar beschrijvingen van een totaal opgeklopte mode- en muziekwereld en de randfiguren die hier in figureren of uitbarst van het lachten over de uiterst vileine dialogen tussen de oud-geld vrouwen of de altijd tot scoren bereid zijnde golddiggers , bezit helaas geen gevoel voor  humor. Helaas zijn dit soort uitschieters te gering in aantal.

Waarom tot op zekere hoogte? Het boek telt 519 blz. en dat zijn er, jammer genoeg 200 of 250  teveel. J.K. hanteert een wijdlopige schrijfstijl. De uitvoerige sfeerbeschrijvingen van Londen en al zijn pleintjes, straten, wegomleggingen en huizen zijn aan mij niet besteed. Misschien vloeken in de kerk voor de J.K. fans maar door een beknoptere schrijfstijl had het boek sterk aan vaart gewonnen.

Opmerkelijk en tevens de kracht van Rowling is haar opmerkelijk talent om visueel te schrijven. Daarmee bedoel ik te zeggen dat al lezende direct een beeld wordt gevormd wat de auteur met woorden beschrijft. Dat was met Harry P. ook al zo. Vele dialogen kunnen zo de BBC serie in, geen script writer die er nog een woord aan hoeft te veranderen.

Toch valt het boek mij tegen. Ik heb op het punt gestaan het boek maar aan de kant te schuiven. Maar goed Rowling heeft zoveel goodwill opgebouwd dat we het boek toch maar doorgeworsteld hebben. De eerste 400 blz. kabbelt het verhaal langzaam voort en worden zeer vakkundig de bouwstenen gemetseld voor de ontknoping. Want schrijven kan ze. Het plot zit behoorlijk in elkaar, is echter geen hoogvlieger. Het boek kent geen of weinig spanning. De trage, gezapige gang van zaken en het gebrek aan spanning leiden er toe dat niet meer dan 3 sterren kan worden toegekend. De meer boeiende en hilarische momenten in het boek zijn te gering in aantal om het evenwicht te herstellen. Wellicht zou het boek als roman geafficheerd moeten worden en niet als thriller?  Of ik nog een volgend deel van Cormoran Strike ga lezen? Een groot vraagteken!

Jac Claasen.

Jac las: Kluis 21-Roslund & Hellström****1/2

kluis-21

Gastrecensie Roslund & Hellström : Kluis 21

Een korte beschouwing:

Na het lezen van de laatste bladzijde van Kluis 21 en het dichtslaan van deze thriller blijft de klap even nadreunen. Een boek gekocht op een boekenmarkt voor enkele euro’s van onbekende schrijvers ontpopt zich, na de achtdaagse veldtocht om Koekoeksjong van Robert Galbraith tot een goed einde gebracht te hebben ( daarover meer een andere keer) tot een ware pageturner maar stemt bovenal ook tot nadenken. Het zal even duren vooraleer ik aan Drie seconden begin. Ook voor een paar euro’s op de kop getikt.

Kluis 21 is het verhaal van twee jonge vrouwen Lydia Grajaukas en Alena Sljusareva, meisjes nog uit Klaipeda in Litouwen die in de prostitutie belanden in Zweden. Twaalf keer per dag moeten ze gaan liggen met gespreide benen. Elk verzet of tegenwerking wordt er uit geranseld. Een leven dat geen leven is. Vrouwenvlees als handel, als objecten die geld moeten opbrengen. Vrouwenhandel of trafficking is het centrale thema.

Aan de andere kant het thema van de vriendschap tussen Ewert Grens, politie inspecteur en Bengt Nordwall een rechercheur. Grens is goed, erg goed in zijn vak, de man met de hoogste score aan opgeloste misdaden. Maar Grens is niet bepaald het zonnetje in huis. Zijn scheldpartijen op zijn medewerkers zijn meedogenloos en gevreesd. Informeel staat hij boven op de apenrots. Nordwall wordt vermoord door Grajaukas. Grens laat een videotape verdwijnen om de weduwe van Nordwall te ontzien. De video en nog wat andere zaken waren opgeborgen in kluis 21 van het centaal station in Stockholm. Kluis 21 bevat het leven van Lydia en Alena.

Sven Sundkvist, een assistent van Grens, komt achter de verduistering en komt er ook achter wat de oorzaak is van het agressieve gedrag van Grens. Waarom zet Grens een grandioze carrière van 33 jaren op het spel? Een moreel dilemma voor Sundkvist.

Beoordeling:

Van de voorflap: “Een boek waarvan je meteen weet dat de hoogste score van vijf sterren volledig op zijn plaats is” De VN Detective & Thrillergids.

Plot en spanning zijn erg goed en bovengemiddeld. De schrijvers hebben een koel en klinisch verhaal geschreven, nergens sensationeel. De feiten zijn wel schokkend, zoals in het nawoord wordt aangegeven. Maatschappijkritiek verpakt in een steengoede thriller.

Door het ontbreken van enig teken van humor ( de Fransen zouden dit een policier noir noemen) en wat uitstapjes naar zaken die slechts zijdelings met het verhaal te maken hebben is het voor mij geen vijf sterren maar 4½ ster.

Roslund en Hellström ga ik de komende tijd zeker volgen en wat gepubliceerd is te pakken zien te krijgen. Absoluut  de moeite waard.

Overigens heeft uitgeverij De Geus met dit boek uit 2012 , zevende druk, een absolute dieptepunt bereikt: prisma pocket formaat, kleine rotletters, slecht gebonden en papier van de allerlaagste wc kwaliteit. Uitgeven is blijkbaar toch een vak.

Jac Claasen.

Jac las: Orion-Deon Meyer*****

orion

Wat maakt een auteur bijzonder?

Mijn definitie is erg simpel. Het antwoord luidt: Als je het volgende boek ongezien kunt kopen (of lenen) en lezen en je ondervindt weer het pure leesplezier dat je ook bij zijn of haar vorige boeken hebt ervaren. Vertrouwen derhalve. Maar geldt dat ook niet voor een hele hoop andere zaken in het leven? Deon Meyer behoort tot dat selecte groepje schrijvers.

De afgelopen twee jaren heb ik de schade ingehaald, af en toe mis je wel eens iets,  en het oeuvre van Deon Meyer onder ogen gehad. Waarom is Deon Meyer een van de beste thriller schrijvers van dit moment? Hij schrijft super spannende en vooral intelligente thrillers in combinatie met zeer boeiende, welhaast filmische, dialogen. Meyer verstaat ook de kunst om relativerend en beschouwend te schrijven en snijdt daarbij allerlei zaken die slechts een ver verband hebben met het verhaal. Jo Nesbo is daar ook zo goed in. Daarbij komt dat alle verhalen zich afspelen in Zuid Afrika. Meyer weeft nogal eens keertje het Zuid Afrika van voor en van na de afschaffing van de apartheid in zijn boeken, zonder een standpunt in te nemen. De vele Nederlandstalige geografische namen uit de Boerentijd verlenen een extra charme aan zijn boeken.

Orion maakt geen onderdeel uit van de Bernie Griessel reeks (2004: Duivelspiek ; 2009: 13 uur ; 2011: 7 dagen; 2013: Cobra;  2015: Icarus). Overigens zijn alle titels zeer goed los leesbaar.

Beschouwing over Orion.

Privédetective en voormalig rechercheur Zatopek van Heerden moet de diefstal van een testament oplossen. En wel binnen zeven dagen. Daarna vervalt de erfenis aan de staat. Johannes Jacobus Smit is bij die diefstal op gruwelijke wijze gemarteld en daarna vermoord. Alleen van Heerden heeft een groot probleem; het identiteitsnummer van Smit behoort aan iemand anders toe. Bovendien is Smits paspoort een vervalsing. Smit bestaat officieel niet. Dit is het begin van een zenuwachtige en gewelddadige zeven dagen durende zoektocht naar de waarheid. Het plot zit ingenieus in elkaar en zorgt voor veel spanning en actie.

Het boek bevat een tweede, meer beschouwende en psychologische getinte laag. Het actiegedeelte wordt veelvuldig afgewisseld met hoofdstukjes die de opkomst en de ondergang van Zapotek van Heerden beschrijven, oases in de zinderende thriller. Meyer beschrijft uitvoerig de jeugd en opvoeding van topcriminoloog en profiler van Heerden, alsmede zijn keuze voor de jacht op de misdadiger i.p.v. een academische carrière. Moeder Joanna van Heerden legt uit hoe om te gaan met “the facts of life” en de daaropvolgende toepassing in de praktijk is ronduit hilarisch. Zijn ambivalente houding tegenover vrouwen is overigens opmerkelijk. Het wordt niet duidelijk wat de oorzaak daarvan is.

Concluderend kan gesteld worden dat Meyer een van de betere thrillers van de laatste jaren heeft geproduceerd. Stoppen met lezen is een moeilijke zaak. De zorgvuldige afwisseling tussen de zeer spannende queeste en de psychologische karaktertekening van Van Heerden , alsmede fraaie levendige dialogen, hebben geresulteerd in een evenwichtige thriller van grote klasse.

Vijf sterren.

PS: Waarschijnlijk foutje van de vertaalster? Op blz. 77 worden debiteuren ( vorderingen) en crediteuren ( schulden) verwisseld.

Jac Claasen.

Jac las: Ongewenst-Kristina Ohlsson****

ongewenst

Verschijningsdatum: 11/09/2012

Oorspronkelijke titel: Askungar

Aantal pagina’s: 352

ISBN: 9789044335446  9789044328127

Uitgever: The House Of Books

Over de auteur:

Kristina Ohlsson (1979) is geboren in Kristianstad in Zweden en woont nu afwisselend in Stockholm en Wenen. Ze is politiciloog en werkte tot voor kort als politiek analist voor de OSCE (Organisation for Security and Cooperation Europe).

Daarvoor werkte ze voor het ministerie van Buitenlandse Zaken en de geheime dienst.  Haar succesvolle debuut Ongewenst is vertaald in 15 talen. Daarna verschenen Verzwegen en Engelbewaarders die beide werden genomineerd voor de Swedish Academy of Crime Writers’ Award.

( Bron: www.thehouseofbooks.com )

Achterflap:

In Zweden wordt op een regenachtige zomerse dag een klein meisje uit een overvolle trein ontvoerd. Haar moeder is per ongeluk op het vorige station achtergebleven. De bemanning van de trein was op de hoogte gebracht en zou een oogje op het slapende kind houden. Maar zodra de trein het station van Stockholm inrijdt, is het meisje spoorloos verdwenen. Inspecteur Alex Recht en zijn team, geholpen door onderzoekster Fredrika Bergman, nemen de zaak op zich. Aanvankelijk lijkt het op een ruzie over de voogdij. Maar als het kind dood wordt gevonden met het woord ‘ongewenst’ op haar voorhoofd, verandert de zaak in de ergste nachtmerrie van het onderzoeksteam – de jacht op een briljante en meedogenloze moordenaar.

Mening:

Kristina Ohlsson was voor mij een kennismaking met een nieuwe schrijfster. Toch dateert haar debuut Ongewenst al van mei 2010. Volgens de flaptekst werkt Ohlsson als veiligheidsanalist voor de Zweedse politie. Deze functie zal haar ongetwijfeld van pas zijn gekomen bij het schrijven van deze debuutroman. Waar halen de Scandinavische landen toch al deze talenten vandaan?

Dit debuut staat als een huis. Ohlsson vertelt het verhaal van een meisje dat ontvoerd wordt uit een trein. De politie wordt ingeschakeld. De jacht op de moordenaar is spannend. Vanuit wisselende perspectieven ontwikkelt het verhaal zich en wordt langzamerhand duidelijk wat er aan de hand is. Ohlsson verstaat de kunst om de lezer regelmatig op het verkeerde been te zetten. De privé ontwikkelingen van de diverse leden van het politieteam worden inlevend beschreven. Al met al een debuut dat duidelijk boven het maaiveld uitsteekt. Ik ben benieuwd naar haar andere boeken.

Vier sterren.

Jac Claasen.