Eva vraagt door: Tiny Fisscher van Romeo en Julia!

auteursfoto kleur 1

Toen ik Romeo en Julia, hertaald en geschreven door Tiny Fisscher ontdekte, ging mijn hart acuut sneller kloppen. Deze eeuwenoude en beroemde klassieker, uitgegeven in een prachtig jasje én verwoord in begrijpelijke taal, voelde alsof ik een lang verborgen schat ter hand mocht nemen. Tiny bezit namelijk het grote talent om oude klassiekers nieuw leven in te blazen zonder ook maar één moment de essentie van het oorspronkelijke verhaal uit het oog te verliezen. Op deze manier gaan deze oude verhalen nooit verloren en kunnen lezers zich ook in de huidige tijd verliezen in deze prachtige vertellingen. 

Meteen nadat ik Romeo en Julia had gelezen, verdiepte ik mij meer in de schrijfster ervan, en het bleek dat deze klassieker niet de enige is die zij op haar naam heeft staan. 

Hoe bijzonder dat zij deze gave bezit, dat zij dit werk met zoveel passie doet. Ik kon dan ook niet anders dan haar uitnodigen voor een vraaggesprek.

Hoe was het om in de wereld van Shakespeare te duiken?

Dat gebeurde in eerste instantie heel intuïtief. Ik had al een paar klassiekers hertaald en toen klopten Romeo en Julia op mijn schouder met de vraag om weer door nieuwe generaties gelezen te mogen worden. Want iedereen heeft weleens van Romeo en Julia gehoord, en iedereen weet dat het om een verboden liefde gaat met een fatale afloop, maar wie leest het originele toneelstuk nog, en wie kent het feitelijke verhaal nou écht? Ikzelf alleen via de film van Baz Luhrman, met Leonardo di Caprio in de hoofdrol, maar die film maakt wel nog gebruik van Shakespeares originele verzen. Toen het idee om er een roman van te maken eenmaal postvatte en ik me erin begon te verdiepen, ging er een wereld voor me open. Maar het was pas nadat Myrthe Spiteri, van Blossom Books, me met dit project binnenhaalde, dat de werkelijke impact van het toneelstuk tot me doordrong en ik me realiseerde wat een klus het zou worden. Want ik wilde het stuk dan wel in romanvorm gieten, maar gaandeweg kwam ik er pas achter hoeveel symboliek en verborgen betekenissen Shakespeare in dit stuk heeft gestopt, en hoeveel humor. Voor veel van de grappen en knipogen moest ik eigen varianten verzinnen, want letterlijk vertalen is niet mogelijk; niet alleen taal verandert, maar humor ook. Daarbij moest ik Engels idioom sowieso in goed Nederlands idioom zien om te zetten.

Kortom, het was geen eenvoudige klus, maar wel een bijzonder interessante. Ik had gelukkig veel steun aan een aantal heel goede websites waarin de stukken van Shakespeare ontleed worden, en waar ik de nodige achtergrondinformatie en uitleg vond. Toen ik het manuscript af had, heb ik het laten lezen door een paar Shakespearekenners, om te checken of ik alles wel goed had begrepen. Dat dit boek er is gekomen is trouwens best grappig, want ik heb een ontzettende hekel aan de ‘thou’s’ en de ‘thee’s, en de ‘hathest’ in die Middeleeuwse stukken. Dat ik er toch met enorm veel plezier aan heb gewerkt, komt omdat ik het tegelijkertijd een geweldige uitdaging vond om dan júíst van het verhaal en alle symboliek erin te gaan houden. Dat is meer dan gelukt.

Je bent heel dicht bij de essentie van het oorspronkelijke toneelstuk gebleven en helaas is het nog steeds griezelig actueel. Wat raakte jou het meest aan dit verhaal?

In eerste instantie de trieste uitzichtloosheid van deze schijnbaar onmogelijke liefde, maar toen ik er eenmaal dieper in dook, ook de kracht van Julia; dat ze weet wat ze wil en dat ze weigert zich te laten uithuwelijken. Van de kracht van twee jonge mensen die zich niet in een hoek laten drijven en die koppig hun eigen pad volgen, ook al moeten ze het met de dood bekopen. Dat het nog steeds griezelig actueel is, vind ik schrijnend. Daarom draag ik het boek ook op aan alle jonge mensen over de hele wereld die te maken hebben met ‘verboden’ liefde, in wat voor vorm dan ook.

Was je niet bang dat Shakespearekenners kritiek zouden uiten?

Uiteraard. Ik had met mijn andere hertalingen al gemerkt dat je als schrijver met de nek aangekeken of zelfs beschimpt kunt worden omdat je aan ‘hun’ auteur of lievelingsboek durft te komen. Ik heb dus ook Romeo & Julia bijna op de vierkante millimeter uitgespit en het lijkt me sterk als Shakespearekenners nog iets te piepen kunnen hebben. Althans, niet met betrekking tot de inhoud van het verhaal. Alles wat Shakespeare in het stuk heeft gestopt, zit ook in mijn boek. Of ze de stijl van mijn roman weten te waarderen, is natuurlijk een kwestie van smaak. Maar het mooie van mijn boek is wel dat je geen Shakespearekenner hoeft te zijn om ervan te kunnen genieten.

Je hebt al meer klassiekers vertaald. Welke vond je tot nu toe het mooiste om te doen?

Oei, dat is een vraag waar nauwelijks antwoord op te geven valt. Kees de jongen was de eerste klassieker waar ik me aan waagde omdat ik zo enorm veel van Kees houd, maar het boek niet veel meer gelezen wordt. Dat vond ik zo zonde en ik wilde Kees heel graag met nieuwe generaties delen. Daarna wandelde Rémi mijn hoofd binnen, de hoofdpersoon van Alleen op de wereld, mijn lievelingsboek toen ik een jaar of elf was. Wat een feest en een eer dat ik op zes hertaalde hoofdstukken met open armen bij Gottmer werd binnengehaald! Ik ben zo ongelofelijk trots op dat boek. Maar ik ben niet minder trots op Romeo & Julia, De kleine prins of Oliver Twist (uitgave medio 2020), die elk op hun eigen manier heel bijzonder voor me zijn. Welk boek ik dus het mooist vond om te doen: allemaal, en elk daarvan om een eigen, specifieke reden en om hun eigen, specifieke gevoelswaarde.

73201887_2610285909029084_6436753184550551552_o

Ik vind het echt heel mooi dat je dat doet. Oude schatten hertalen zodat ze niet verloren gaan. Hoe is jouw liefde voor het geschreven woord ontstaan?

Geen flauw idee, haha. Je hoort schrijvers soms zeggen dat ze levendige herinneringen hebben aan de magie van leren schrijven en lezen, maar die herinneringen heb ik niet. Ik heb als kind wel altijd heel graag gelezen én geschreven. Ik las alles wat los en vast zat, en schreef zelf ook schriften vol. Maar ik debuteerde pas op mijn veertigste. Ik heb wel altijd een grote liefde gehad voor taal in het algemeen. Als ik op de middelbare school een woord opzocht in het Engels, was ik ook meteen nieuwsgierig hoe je dat in het Duits of het Frans zei. Voor ik het wist was ik dan allemaal woorden aan het opzoeken en vergat dan welk huiswerk ik ook alweer aan het maken was. Ik heb ook een poosje Frans gestudeerd, maar op alle grammatica die daarbij kwam kijken, ben ik afgehaakt. Voor mij is het daarom wel extra bijzonder dat ik ook boeken uit het Frans heb hertaald. Het bloed kruipt kennelijk toch waar het niet gaan kan. 

Wellicht dat je daarom ook met zoveel passie dit werk doet. Nu zijn er bepaalde auteurs, bijvoorbeeld Tolkien, die een geheel eigen taal verzinnen. Deed jij dat ook? Of zijn het echt de bestaande talen waar je hart sneller van gaat kloppen?

Nee, ik heb nooit een eigen taal verzonnen. Ik ben ook geen liefhebber van fantasy. Hoewel ik In de ban van de ring wel ademloos heb gelezen, maar pas nadat ik de eerste film ervan zag.

Welk verhaal staat nog hoog op je verlanglijstje om te hertalen?

Hoog is een groot woord, want de boeken die ik heel graag wilde hervertellen, heb ik intussen kunnen afvinken, of zijn onlangs al door anderen gedaan en kan ik niet meer doen. Maar het was pas nadat ik Romeo & Julia had afgerond dat Oliver Twist in me opkwam, en nog voordat dat boek uit is, ben ik daar al zo ongelofelijk blij mee en trots op! Ik ben er dus van overtuigd dat er nog verhalen langs zullen komen waar ik in eerste instantie niet aan dacht. Ik heb trouwens wel al een paar titels in mijn hoofd hoor, maar die houd ik nog even onder de pet.

Het boekenpanel van DWDD verkoos Alleen op de wereld als een van hun vier favoriete boeken van die maand. Hoe voelde die erkenning voor jou?

Het voelde eerder als een triomf. Dat had mede te maken met een ervaring die ik een jaar eerder had met mijn hertaling van Kees de jongen, die door een columnist van dat programma werd afgeserveerd terwijl het overduidelijk was dat hij het niet had gelezen. Kennelijk was hij al op voorhand faliekant tegen een dergelijke hertaling. Dat een jaar later in datzelfde programma Alleen op de wereld omhoog werd gehouden, gaf me daardoor een extra kick. Ik vond het echt meesterlijk. Het heeft me ook qua verkoop geen windeieren gelegd; de tweede, derde en vierde druk konden achter elkaar in gang worden gezet. Het kleine kind in mij riep heel hard: ‘Lekker puh!’

Over reacties gesproken: wat is het mooiste compliment dat je tot nu toe hebt gekregen? 

Het mooiste compliment, goeie vraag. Naast de negatieve kritiek die je als schrijver voor je kiezen kunt krijgen, heb ik ook genoeg complimenten gehad; van kinderen, ouders, leerkrachten, recensenten, collega-schrijvers, noem maar op. Maar het indrukwekkendste compliment kwam denk ik toch van prof. dr. Ton Hoenselaars, Shakespearedeskundige en hoogleraar Engelse taal- en letterkunde aan de universiteit van Utrecht. Hij schreef me: “De sappige taal van Romeo & Julia vertalen – ook naar een ander idioom – is verschrikkelijk moeilijk. Maar daar ben je heel goed in geslaagd.” Dat compliment kon ik in mijn spreekwoordelijke zak steken, en dat laat ik daar lekker zitten.

Wat hoop jij in de toekomst nog te bereiken?

Een villa met zwembad. Nee, hoor, grapje.

Als antwoord op deze vraag geef ik eerst een citaat uit Winnie de Poeh, van A. A. Milne:

‘Wat doe jij het allerliefst op de hele wereld, Poeh?’ ‘Het allerliefste,’ zei Poeh en toen moest hij eerst eens even nadenken. Want al was Honing Eten iets vreselijks prettigs, er was toch één ogenblikje, vlak voor je begon, dat nog veel prettiger was, maar hij wist niet hoe dat heette.

Wat zoveel betekent als: heb je je doel eenmaal bereikt, dan blijkt vaak dat de weg ernaartoe, of het verheugen erop, in wezen nog fijner was. Want als je een doel bereikt hebt of als een verlangen is vervuld, ontstaat meestal al vrij snel een nieuw verlangen, en opnieuw, en opnieuw. Verlangens zijn onze motor, zonder verlangens zouden we op onze krent blijven zitten en niets willen of doen.

Zo verheug ik me altijd ongelofelijk op een nieuw boek, maar als ik het dan uiteindelijk in mijn handen heb, hoe blij en trots ik ook ben, voel ik toch dat het verheugen misschien nóg fijner was, en verlang ik alweer naar het volgende boek. Maar eerlijk is eerlijk, ik kijk wel uit naar financiële onafhankelijkheid, dus dat ik naast schrijven en de betaalde werkzaamheden die daaruit voortvloeien, geen andere banen meer hoef te doen. Meer betaalde school- en bibliotheekbezoeken zijn dus zeer welkom, en tegen nationale of internationale bestsellers zeg ik ook geen nee. Een flinke prijs in bijvoorbeeld de Staatsloterij mag ook. Dus kom maar op met die munten, eh, biljetten. Het liefst niet in de verre toekomst, maar in de nabije.

*** Interview by Eva Krap.

 

**Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Tiny herself volgen? Te leuk! Dat kan HIER

Eva vraagt door: Mariska Overman van de nieuwe Het geheim van Grace!

27336678_1622004831212759_89646119615511391_n.jpg


Mariska Overman is bekend van haar beklemmende thrillers met Isabel Dieudonné in de hoofdrol. In 2017 debuteerde zij met Hoofdzaak, gevolgd door Voltooid (2018) en Verdoemd (2019). In deze reeks is de dood een terugkerend thema. Onder andere postmortale zorg, zelfmoord en euthanasie spelen een grote rol. Dat is niet verwonderlijk, Mariska is eigenaar van het bureau MORBidee dat de dood bespreekbaar maakt. Ook schrijft zij columns over dit onderwerp.

Sinds kort heeft Mariska echter een heel ander boek op de markt gebracht, namelijk Het geheim van Grace. Een verhaal dat meteen pakt, maar vooral een feelgoodmysterie is. Wat het extra bijzonder maakt, is dat het verhaal als Kobo Original op de markt is verschenen. Ze neemt de lezer mee naar het prachtige Ierland, de ideale setting om de lezer op het puntje van de stoel te brengen. Vol ongeduld stond ik dan ook te trappelen om Mariska enkele vragen te stellen over het hoe en waarom.

Gefeliciteerd met je Kobo Original! Om meteen met de deur in huis te vallen: hoe is het zo gekomen dat jij Het geheim van Grace in deze vorm uit mocht geven?

Vorig jaar heb ik een kort verhaal geschreven voor tijdschrift Flair. Dat verhaal ging over Maud in Ierland en het witte huis dat ze van haar tante erfde. Mijn uitgever, Ilse, vond het verhaal zo leuk dat ze vroeg of ik er niet een heel boek over kon schrijven. En ze dacht dat het een mooi idee was om te kijken of we het als Kobo Original in de markt konden zetten (en later alsnog als paperback). Dat leek mij super, omdat ik op die manier hopelijk ook weer nieuw publiek bereik. Gelukkig was Kobo ook enthousiast. En zo ontstond Het geheim van Grace… 🙂

Het verhaal is heel anders dan de thrillers die je geschreven hebt. Folklore, mythen en feelgood zijn enkele aspecten van Het geheim van Grace. Wat heeft je doen besluiten om deze weg in te slaan?

Na Verdoemd, waar zelfdoding het thema is, had ik behoefte aan een ‘luchtiger’ verhaal. Ik had al langer de wens om iets te schrijven dat meer richting feelgood gaat, maar wel met wat mysterie, en geschiedenis. Toen ik een kort verhaal voor de Flair mocht schrijven leek me dat een mooi moment om een verhaal als dit te schrijven. En dat beviel zo goed, zowel voor mezelf als voor de uitgever, dat het dus een heel boek is geworden. Met het boek dat ik nu schrijf zet ik de combinatie mysterie, tikkeltje feelgood, en geschiedenis, verder.

Je bent zelf ook naar Ierland afgereisd. Heb jij dat nodig om je verhaal te schrijven?

Ik denk dat als je het echt goed wilt doen, dat de locaties waarover je schrijft bezoeken, nodig is. Helaas is dat niet altijd mogelijk, maar ik probeer het zoveel mogelijk te doen. Via boeken en internet is gelukkig veel informatie te vinden, maar daarmee mis je altijd de beleving. Je mist de mensen, de geuren, de kleuren, details op straat of in woningen. En ter plekke ontstaan altijd weer ideeën die het boek beter maken.

In Het geheim van Grace komt ook het nodige bijgeloof van de bewoners van Ierland naar voren. Heb jij, toen je daar was, daar ook over gesproken met de mensen die daar wonen?

Ik heb vooral veel gelezen daarover. Ierland heeft een rijke historie aan spookverhalen, waar ik me in verdiept heb. En als je er zelf loopt, over de kliffen terwijl het mistig is, dan is het niet moeilijk om het ook te geloven…

Het geheim van Grace

Heb je zelf ook iets meegemaakt op dat gebied?

In Ierland niet, maar ik heb meerdere malen in mijn leven dingen meegemaakt die niet verklaarbaar waren. Dat betekent niet dat er niet toch een logische verklaring voor is, maar het zijn soms ook prettige voorvallen die ik graag aanneem voor waar. Sommige hebben te maken met mijn overleden broertje, en de gedachte dat iets een teken van hem was, is prettiger dan het afdoen als verbeelding of iets dergelijks. Niet alles valt te begrijpen, en dat is prima volgens mij.

In je boeken komt het thema overlijden vaak aan bod. Naast schrijven ben je een groot onderdeel van MORBidee, een bureau dat de dood bespreekbaar maakt. Hoe zijn jij en je partner Rob Bruntink op dit idee gekomen?

Ik werkte als projectleider opleidingen bij een uitvaartonderneming, en Rob als journalist gespecialiseerd in palliatieve zorg. Vanuit dat werk (en persoonlijke ervaringen) merkten we beiden hoe lastig het onderwerp dood is. Samen kwamen we op het idee om op creatieve manieren te proberen het praten over de dood voor mensen eenvoudiger te maken. In ons werk konden we dat niet kwijt, dus zo ontstond Bureau MORBidee (MO zijn mijn initialen, RB zijn Robs initialen, plus de toevoeging ‘idee’…. Met een knipoog naar het woord morbide… 😉 ).

Op welke manier merk jij dat er behoefte is om de dood voor mensen eenvoudiger te maken?

In de zorg ligt de focus op genezing en behandeling. Terwijl er elk jaar ongeveer 80.000 mensen doodgaan aan o.a. kanker en orgaanfalen. In zorgopleidingen is niet of nauwelijks ruimte voor praten over het levenseinde, waardoor die 80.000 mensen niet altijd de goede zorg krijgen die bij doodgaan hoort, en niet een afscheid waar naasten mee verder kunnen. In ons werk en in contacten met zorgpersoneel merken we dat iedere keer opnieuw. En in het dagelijks leven eveneens. Als het woord dood valt wuiven mensen het veelal weg: dat is een naar onderwerp, daar kun je het beter niet over hebben. Terwijl wel met elkaar praten mensen verbindt, en zorgt voor een beter afscheid van elkaar als de tijd gekomen is.

Je schrijft nu, qua boeken, fictie. Ben je van plan om ooit een non-fictie over dit onderwerp te schrijven?

We hebben vorig jaar een boekje (56 pagina’s) uitgebracht voor professionals: Levenseindegesprekken. Met daarin allerlei praktische tips om de dood in het werk bespreekbaar te maken. En er zijn plannen voor een soortgelijk boek, maar dan voor het grote publiek, niet de professional.

Ik kom even terug op het boek dat je nu aan het schrijven bent. Het bevat, zei je, de combinatie mysterie, tikkeltje feelgood, en geschiedenis. Kan je hier meer over vertellen?

Uiteraard! Het is een historisch mysterie, dat gaat over de raadselachtige verdwijning van de schedel van de Duitse dichter/filosoof Friedrich Schiller (gestorven 1805). Het is gebaseerd op historische feiten: in 2008 wees DNA-onderzoek uit dat de schedel van Schiller die in de sarcofaag in Weimar ligt (naast Goethe), niet van hem is. Waar de echte schedel is, weet niemand. Ik heb het boek opgedeeld in twee tijdlijnen: 2008 en 1805 (met terugblikken naar 1788 en 1789). In de lijn van 2008 gaat hoofdpersoon Johnny, journaliste, op zoek naar de schedel van Schiller. Dit doet ze samen met een jonge Duitse journalist, Noud. In de lijn rond 1805 gaat het over de driehoeksverhouding tussen Schiller en twee zussen, Charlotte en Caroline, waarvan er een zijn vrouw wordt. Het is een combinatie van een mysterie en een historische roman, waarbij beide tijdlijnen uiteraard met elkaar te maken hebben. En het is bovenal een verhaal over liefde. Ik werk er nu twee jaar aan, en heb ontzettend veel research gedaan, zowel in literatuur als ter plekke (Weimar en Rudolstadt in Duitsland). Inmiddels denk ik dat ik een expert ben als het over het leven van Schiller gaat… ;-).

Wat interessant! Wat trekt jou zo aan als het gaat om mysteries uit het verleden?

Ik ben gek op geschiedenis, vroeger wilde ik een tijdje lerares geschiedenis worden. En als kind las ik veel sagen en legenden, heerlijk vond ik dat. Over weerwolven, zeemeerminnen, witte wieven, spoken en andere spannende mythes. In het verleden barst het van de mysteries, en daar met een hedendaagse bril naar kijken levert mooie verhalen op. Juist het mysterie geeft ruimte om als schrijver een verhaal om heen te bouwen. Want tenslotte weet niemand hoe het écht zit. De zelfbedachte theorie die achter het verdwijnen van de schedel van Schiller zit, zoals ik die in mijn Schillerboek beschrijf, zou dus zomaar echt gebeurd kunnen zijn…

Ik krijg nu al zin om het te lezen! Over weerwolven, zeemeerminnen en andere mythische wezens gesproken: denk je dat je daar ooit nog een boek over gaat schrijven?

Dat lijkt me wel erg leuk! Wat weerwolven betreft, heb ik wel een ideetje… Maar wanneer ik daar tijd voor heb? In ieder geval komt er in de winterbundel die in november uitkomt van de Crime Compagnie een kortverhaal van mij met iets over Witte Wieven…

Laatste vraag: wie bewonder jij op schrijfgebied?

Wie bewonder ik… Ik heb de hele negentiende eeuwse Russische bibliotheek gelezen, ik bewonder bijna alle auteurs van die tijd, met name Dostojewski. Maar ik bewonder ook iemand als Liane Moriarty, die naar mijn mening erg ingenieuze boeken kan schrijven. En David Mitchell, misschien bewonder ik hem wel het meest, wat een schrijver! Niet alleen qua plot, maar ook stilistisch.

 

*** Interview by Eva Krap.

 

**Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Mariska Overman zelf volgen? Duhhh en dat kan hierrrrr 😀

Auteurspagina Mariska Overman

Sandra las: Bezeten – Sander Blom ***

74426613_2361674910609080_2157221936587866112_o.jpg

Met dank aan Loft Books voor het recensie-exemplaar.

Auteur: Sander Blom

Genre: Thriller

Verschijningsdatum: 28 oktober 2019

Over de auteur:

Sander Blom (1993) groeide op in Winschoten, Oost-Groningen, en begon op zijn zestiende met het schrijven van boeken. Hij studeerde af aan de hbo-opleiding Communicatiesystemen in Groningen en volgde een vakopleiding scenarioschrijven in Amsterdam. Naast zijn werk als auteur runt hij een videoproductiebedrijf en is hij actief als schrijver en regisseur van (korte) speelfilms.

Achterflap:

Op een verlaten akker in Groningen wordt het lichaam van een veertienjarig meisje aangetroffen. Ze is vermoord. Rechercheur Daniël Huizinga hoopt dat hij de leiding over de zaak krijgt, maar de chef besluit anders. Irene wordt speciaal vanuit Rotterdam hiervoor aangetrokken, en Daniël moet tandenknarsend toekijken terwijl zij de nieuwe teamleider wordt. Wanneer er opnieuw een slachtoffer valt besluit Daniël op eigen houtje onderzoek te gaan doen, want de raadselachtige aanwijzingen die op de lichamen zijn aangebracht brengen het onderzoeksteam nauwelijks verder. In zijn zoektocht naar de waarheid brengt Daniël zichzelf steeds meer in gevaar…

Bezeten is een spannende politiethriller over hoe een fout in het verleden nog altijd gevolgen kan hebben.

Mening:

‘Het was een goede nacht om een lijk te presenteren’, zo begint de spannende proloog. Een auto, bestuurder stapt uit en haalt een levenloos lichaam uit de kofferbak. ‘Ze was pas veertien, maar ze had iets onvergeeflijks gedaan.’

Het verhaal wordt vertelt vanuit twee perspectieven: dat van de dader en dat van rechercheur Daniël Huizinga. De verhaallijn van de dader is spannend, onheilspellend. Voortdurend speelt de vraag: wie is hij en waarom pleegt hij deze moorden? En wie is zijn mogelijk volgende slachtoffer?

Rechercheur Daniël Huizinga hoopt op promotie. De huidige groepschef gaat met pensioen en hij heeft gesolliciteerd naar deze functie. Als een vermist meisje vermoord wordt aangetroffen hoopt hij dat hij de leiding in deze zaak krijgt, maar helaas voor hem wordt Irene Bouwman uit Rotterdam naar Groningen gehaald en krijgt de leiding. Daniël baalt hier op z’n zachtst gezegd enorm van en dat blijkt ook wel gedurende het verhaal. Daniël wordt neergezet als een man die boos is dat zijn leven niet loopt zoals hij wil en daar vooral de schuld niet voor bij zichzelf legt. Eigenlijk vond ik hem een beetje zielig overkomen en de dingen die hem overkomen vond ik te makkelijk en ongeloofwaardig op sommige punten. 

Ook Irene vond ik erg oppervlakkig. Al snel wordt duidelijk dat ze iets te verbergen heeft. Ze wil niet over vorige zaken praten en over waarom ze uit Rotterdam is vertrokken. Als dat uiteindelijk duidelijk wordt ben ik een beetje teleurgesteld. Hier had de auteur zoveel meer uit kunnen halen! De andere collega’s van Daniël en de relatie met zijn zus en neefje Sem vind ik wel goed neergezet. Je voelt de kameraadschap die hij met zijn collega’s heeft en de liefde die hij voor Eva, zijn zus en zijn neefje Sem heeft.

Het verhaal an sich vond ik goed bedacht, maar er had wat mij betreft veel meer in kunnen zitten. De raadselachtige aanwijzingen werden, vond ik, wel heel snel opgelost en ik vond de rechercheurs wel erg makkelijk om de tuin te leiden. De uitgebreide omschrijvingen van omgevingen en huiskamers vond ik onnodig en haalden de vaart uit het verhaal. De plot vond ik dan wel weer verrassend en had ik niet aan zien komen. De ontknoping was ook echt wel spannend.

Conclusie:

Spannend verhaal vanuit de dader, maar vanuit de rechercheur traag en op sommige punten ongeloofwaardig. Toch heeft dit wel potentie om uit te groeien tot een goede serie, als de auteur de karakters van de personages wat meer zou uitwerken.

Overall 3 sterren.

Sandra Remmig.

 

**Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Eva vraagt door: Lara Reims van Upgrade en Black-Out!

72842469_2432857390103086_5268074424187224064_n

Lara Reims heeft veel lezers mee op reis genomen naar een geheel eigen universum: het Creodroom. In haar boeken, Upgrade en Black-Out, maken we kennis met Rémi, een introverte jongen, zijn ouders kijken niet naar hem om en hij wordt gepest op school.  Als op een dag voor zijn ogen zijn huis ontploft en afbrandt, terwijl zijn ouders en zus thuis zijn, komt hij op een plek terecht waar de wetenschap zijn tijd ver vooruit is. Uiteraard is niet alles wat het lijkt en Rémi gaat samen met zijn vrienden op een spannend avontuur.

Een veelgehoorde kreet over haar boeken is dan ook: ‘Harry Potter meets sciencefiction!’ Daar zou je de boeken zeker mee kunnen vergelijken.
Ik was dan ook benieuwd naar de beweegredenen achter deze trilogie en naar de auteur die deze wereld geschapen heeft.

74687819_2588351437889198_4481094651574484992_o

Het Creodroom, wat een bijzondere plek! Hoe is dit voor jou ontstaan?

Twee dingen.

Het Creodroom weerspiegelt mijn verlangen om te zien hoe de wereld er morgen uitziet. Of overmorgen. Ik ben heel erg nieuwsgierig naar de nabije toekomst. Er verandert zoveel op dit moment, en de keuzes die we daarin maken zijn belangrijk. Daarom speel ik graag met thema’s die steeds actueler worden, om in een veilige omgeving uit te kunnen zoeken wat voor en wat nadelen zijn van bijvoorbeeld allerlei technologie. Vaak zijn verhalen over de toekomst angstaanjagend. Met het Creodroom heb ik een plek willen maken waar plaats is voor de leuke en de gevaarlijke kanten van veel ontwikkelingen.

En daarnaast vind je in het Creodroom mijn jeugdliefde, die maar niet overgaat, voor andere werelden waar je als lezer een tijdje kunt blijven, zonder dat je daarvoor op reis hoeft. Ik heb altijd gehouden van boekenwerelden waar ik in kon verdwijnen, vrienden kon maken. Een wereld die, ondanks alle gevaren en duistere kanten, als een thuis voelt. En die ik kan zien, ruiken en proeven. En ik wilde Rémi, en jongeren die zich soms voelen zoals hij, een plek geven om zich te ontwikkelen.

Wat is de mooiste ‘reis’ die je tot nu toe gemaakt hebt?

Ik kan niet kiezen. Mijn mooiste boekenreizen waren die naar het Wilde Woud met Tonke Dragt, naar de Tovernaarswereld van Rowling, en naar het Oxford van Philippe Pullman. Maar de allereerste boekenreis die me bijblijft omdat het een van de eerste boeken was die ik zelf las, was die met Ronja naar het bos vol rovers en vogelheksen. 

En wat reizen in het echt betreft: reizen die ik van kinds af aan naar Parijs maakte. De Eiffeltoren heeft voor mij altijd een magische aantrekking gehad. Grappig, die werd gebouwd in een tijd vol nieuwe ontdekkingen. Later ging ik in Parijs wonen.

Je hebt duidelijk een fascinatie voor ontdekkingen. Je gaf net ook aan dat schrijven voor jou een veilige manier is voor het afwegen van de voor- en nadelen. Ben je weleens bang voor de ontwikkelingen op wetenschappelijk gebied?

Ik zou je nu heel graag het motto uit mijn derde deel willen sturen, maar daar moet je nog heel even op wachten 😉. Ik ben niet zozeer bang voor de ontwikkelingen op wetenschappelijk gebied, maar wel voor sommige gevolgen voor mensen. Het probleem bij dit onderwerp vind ik dat het lastig is een compleet beeld te schetsen van alles wat bepaalde wetenschap mogelijk maakt, omdat je veel domweg nog niet weet. Als je mensen twintig jaar geleden had verteld dat ze nu vergroeid zouden zijn met een telefoon en met internet, dan zouden ze je voor gek hebben verklaard. Nu kan niemand zich meer een leven zonder voorstellen. Het vergroot je horizon, maar het zorgt er soms ook voor dat je wat er voor je neus gebeurt niet meer ziet. Hetzelfde geldt voor virtuele realiteiten, waar mensen kunnen zijn wie ze willen zijn, maar waar je jezelf ook in kunt verliezen. De gevolgen zijn, als er bijvoorbeeld nieuwe technieken zijn, moeilijk te overzien. Daarom probeer ik te bedenken hoe bepaalde dingen uitpakken voor jongeren als Rémi, Emma en Jérôme. Maar het eerste gevoel dat ik krijg als ik hoor over een kwantumcomputer die steeds meer kan, is toch altijd opwinding en opgetogenheid.

Nou, vooruit, ik zal niet plagen en alsnog proberen het motto uit je te trekken (al ben ik nu wel enorm nieuwsgierig! ;-)). 

Volgende vraag dus. Zowel de opwinding als de andere kant die ermee gepaard kan gaan, zie je duidelijk terug in je boeken. Zou je zelf terug naar je jeugd willen gaan om ook lessen te volgen in het Creodroom?

😉 Komt heel snel!

Ja, absoluut! Ik ben al heel lang gefrustreerd over het feit dat ik te dom ben voor theoretische natuurkunde en andere technische vakken. Ik zou heel graag een paar lessen willen volgen. Natuurkunde, Robotica, maar ook het zoeken van verklaringen voor het feit dat je dingen soms weet voor ze gezegd zijn, kom maar op!

Grappig, want als je jouw boeken leest, krijg ik juist het idee dat je een enorm brede kennis hebt op dit gebied. Komt er veel fantasie bij kijken of heb je research gedaan?

Geen fantasie, research. Ik heb heel veel gelezen en bekeken, ontzettend inspirerend en boeiend om te doen. Ik wilde iets maken wat in theorie kan. Of het echt gaat gebeuren blijft natuurlijk speculatie. Ik heb een hele goede proeflezer die natuurkundige is. Dat is heel fijn!

Je boek wordt vaak vergeleken met Harry Potter. Wat vind jij daar zelf van?

Natuurlijk word ik daar gelukkig van. Al kan ik van Rowling en andere auteurs nog heel erg veel leren 😉 ik begin net. Het allergelukkigst word ik als ik van iemand hoor dat hij of zij geraakt is door de personages. Als die zijn gaan leven, vind ik dat geweldig.

En dat doen ze! Was het voor jou makkelijk om in hun huid te kruipen?

Ja, en heerlijk vooral. Het maken, meevoelen, een paar levens tegelijk meemaken… Het moment waarop ze op papier zelf gaan praten, dat vond ik magisch.

Is één van hen ook stiekem je favoriete personage?

Ik houd veel van Remi, ik laat hem een hoop doormaken. Hij voelt erg dichtbij. Van Emma ook. En Ezra heeft een bijzonder plekje in mijn hart. En en en … moeilijk om te kiezen!

Wat is jouw grootste ambitie op schrijfgebied?

Ik moet je eerlijk zeggen dat het afgelopen jaar voelt als een droom die uitkomt. Vorig jaar rond deze tijd had ik alleen een manuscript voor deel 1 en een opzet voor de rest van het verhaal en in maart 2020 is de hele trilogie er, dankzij een ongelooflijk betrokken en voortvarende uitgever. Dus over ambities heb ik nog niet veel nagedacht. We hadden het eerder over het ontsnappen naar andere werelden: als ik verhalen mag blijven maken die mensen de mogelijkheid geven even op een andere plek te zijn en daar personages te leren kennen en dingen te ontdekken, vind ik dat geweldig. Het schrijven van dit verhaal is echt het allerleukste dat ik ooit heb gedaan.

Heb je al een idee voor een volgend boek of ben je nog bezig met afscheid nemen?

Ik moet bezig zijn met een volgend boek voor ik afscheid kan nemen, dus ja, zeker. Er zijn heel veel plannen, daar kijk ik naar uit. Maar dat afscheid nemen… ik heb het laatste hoofdstuk een tijd voor me uitgeschoven. Maar nu staat het er dan toch. Gelukkig kan ik dankzij de lezers nog een tijdje in die wereld blijven.

Kan je al een beetje vertellen waar je mee bezig bent? Of is dat nog geheim?

Ik kan vertellen dat ik in elk geval voor jeugd ga schrijven en dat ik nog niet klaar ben met de thema’s in Remi’s verhaal. Daarnaast ben ik met iets anders bezig , maar dat moet nog even in mijn hoofd blijven 😉.

Klinkt veelbelovend! Wat maakt het schrijven voor jeugd zo bijzonder leuk voor jou?

De boeken die ik toe las, hebben van mij een lezer gemaakt. En lezen heeft me zoveel gebracht, dat ik die liefde graag door wil geven. Zeker nu jongeren moeten kiezen tussen veel meer vormen van vermaak dan in mijn tijd, vind ik het een uitdaging om juist deze groep een boek in te trekken. Daarbij houd ik heel erg van het soort verhalen dat je voor jeugd kunt schrijven.

Over vormen van vermaak gesproken: ik opperde dat er een game kan komen van de trilogie. Een film zou ook leuk zijn. Of heb je het liefst dat het gewoon bij het boek blijft en is het zo goed voor jou?

Lijkt me top! Ik doe mee! Ik houd zelf ook van games ;). Het boek is een prachtig cadeau, maar dromen is altijd fijn.

 

*** Interview by Eva Krap.

**Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Lara herself volgen? En dat kan hierrrrr:

Auteurspagina Lara Reims

Eva las: Asverze – Erik Le Romancier ****

74915574_2612519872139021_1950376917202894848_o.jpg

Over de auteur:
Erik Le Romancier (1972) debuteerde in 2015 met de verhalenbundel Stilte graag!. In 2017 verscheen van zijn hand de roman Liefde, Lust en Andere Ongemakken. Asverze (2019) is het eerste boek in een meeslepende fantasycyclus vol avontuur, drama’s, geheimen en verrassende intriges.

Mening:
Asverse groeit op in Maanwelle, een geïsoleerde plaats, omringt door het zogenaamde Mistwoud. Het woud is een plek waar niemand komt. Er huizen duistere creaturen en bewoners waar je ver van uit de buurt moet blijven als je leven je lief is. Asverze houdt zich, ondanks deze wetenschap, vaak op aan de rand waar zij graag dagdroomt en filosofeert over het leven in het stadje. Het is tevens een vrijheid die eigenlijk geen enkele vrouw gegeven is, daarom komt zij er over het algemeen stiekem.

Asverze is anders dan andere vrouwen. Mondig, zelfbewust, en in haar hart verlangt zij naar vrijheid. Wat namelijk een zeer grote rode draad in dit verhaal speelt, is de onderdrukking van de vrouw. Mannen maken de dienst uit, van vrouwen wordt verwacht dat zij zich dienstbaar en ondergeschikt opstellen. Zij mogen vooral geen mening hebben, hebben geen enkele vrijheid en zijn overgeleverd aan de grillen van de echtgenoot, vader, broer of zoon. Ze worden uitgehuwelijkt en hebben zich maar te schikken in hun rol van slaaf van het gezin. Als Asverze uitgehuwelijkt wordt aan de zoon van een Anderling, een van de machtigste mannen in het dorp, stort haar wereld dan ook volledig in. Zal zij haar vrijheden weten te behouden? Of zal zij zichzelf moeten verloochenen om veilig te blijven?

Wat Asverze een zeer boeiende fantasy maakt, is dat het door dit gegeven raakvlakken heeft met de realiteit van nu. De onderdrukking van de vrouw speelt in bepaalde gebieden of huishoudens nog steeds een grote rol. Daardoor komt het verhaal keihard binnen, want de auteur heeft dit op uitmuntende wijze weten te verwoorden. Zijn omschrijving van hoe het leven dan is, de gevoelens die dit oproept, maar ook het verraad van vrouwen onderling om zo zelf in een positief daglicht te komen staan, getuigen van een behoorlijk inlevingsvermogen en empathie. De onmacht spat van de pagina’s af en maken Asverze en de andere vrouwelijke personages daardoor ook levensecht. Vrouwen van vlees en bloed, waar je intens mee meeleeft of die je het liefst de ogen wil openen omdat zij deze rolverdeling op deze manier in stand houden.

Asverze vertolkt alle moed om hier tegenin te gaan. Om de rol van vrouwen niet ondergeschikt te maken, maar te laten zien dat ook zij recht hebben op gelijkheid, op onderwijs en bovenal vrijheid om te zijn wie je echt bent. Het diepe verlangen om een bestaansrecht te hebben is voelbaar in elk woord. Hierdoor is Asverze een uitstekend uitgewerkt personage. Haar daden, gesproken woorden, gevoelens en gedachten zijn tastbaar, mede door de levendige schrijfstijl. Het geeft het verhaal ook de nodige diepgang omdat je door haar beleving vraagtekens zet bij de gebeurtenissen in de stad en de besluiten van de machtigste mannen. Haar moed en dappere verschijning is wat het verhaal kracht geeft, in al zijn facetten.

Vanwege haar anders zijn – ze wordt gezien als een on-vrouw – moet zij vrezen voor haar leven. Ze is een bedreiging voor dat waar Maanwelle voor staat. Hierdoor is de spanning, die met elke bladzijde steeds meer oploopt, voelbaar. Want hoe blijf je trouw aan jezelf als je je leven niet meer zeker bent? Is dat überhaupt wel mogelijk als iedereen om je heen alles maar als zoete koek slikt, nergens tegen ingaat en je dus alleen staat in je gevoelens ten opzichte van de gang van zaken.

Asverze gaat ook over macht, corruptie, geloof en de kracht van indoctrinatie. Door dit element toe te voegen aan het verhaal, is een goed doordachte fantasy ontstaan waarin intriges, verraad en geheimen de boventoon voeren. Toch is Asverze meer dan dat. De fantasy elementen die door het verhaal verworven zijn, maken het des te pakkender. Zo speelt astronomie een grote rol, evenals profetieën, legendes en sagen. Voor de liefhebber van dit genre is het dan ook werkelijk smullen waar Erik Le Romancier gaandeweg in het verhaal nu weer mee op de proppen komt. Dat fantasy schrijven in zijn bloed zit, is een ding dat zeker is. Met Asverze heeft hij zichzelf hoe dan ook bewezen als auteur.

Asverze is alleen al om die redenen een boek dat je het liefst in één ruk uit wilt lezen.
Door de combinatie fantasy vs. realiteit in te zetten, en deze elementen, is een veelzijdig verhaal ontstaan dat je meeneemt en waar je met moeite los van kan komen. Want dat het aanzet tot denken is een ding dat zeker is. Daarom geef ik het vier sterren. 

Eva Krap.

 

**Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Eva vraagt door: Nina Verheij van de thriller Fatale keuzes!

standaard-boekhandel-leuven-

Nina Verheij debuteerde dit najaar met Fatale keuzes. Dat was op zichzelf absoluut geen fatale keuze, want de lovende kritieken druppelen binnen. Zo houdt zij lezers uit hun slaap, verslinden ze haar boek en ze willen meer, veel meer.  Gelukkig is Nina een schrijver in hart en nieren. Haar liefde voor het geschreven woord is ongekend en ontstond al op vroege leeftijd. Wist je bijvoorbeeld dat haar eerste verhaal, dat zij schreef als kind, ging over katjes die uit een cake geboren werden?Het verhaal lag uiteindelijk in de bibliotheek van haar basisschool. Naast schrijven is Nina de trotse eigenaar van BackWords, een platform waar zij online schrijfcursussen aanbiedt.  Kortom, Nina is een bijzondere vrouw met een enorme passie voor verhalen en daarom besloot ik om een aantal vragen op haar af te vuren.

hoofdagent-paul-auteur-nina-verheij-2

In Fatale keuzes gaat Emily, als student criminologie, stage lopen bij de politie. Wat fascineert jou zo aan het politie/recherchewerk?

Wat een leuke eerste vraag waar ik meteen even goed over na moet denken. Ik denk dat recherchewerk mij vooral fascineert omdat deze mensen grotendeels blanco aankomen bij zo’n plaats delict. Met de aanwijzingen die ze vinden, de getuigenverklaringen die ze krijgen, de camerabeelden die er wellicht van de omgeving zijn, moeten ze aan de slag om de waarheid te achterhalen. Ze gaan aan de slag om een puzzel op te lossen waarvan ze misschien nog geen idee hebben hoe hij eruit zal gaan zien. Ze moeten oppassen dat ze zich niet laten leiden door vooroordelen, dat ze mogelijkheden niet te vroeg uitsluiten. Het is zulk verantwoordelijk werk. En bij een moord zoals in mijn boek zal er waarschijnlijk een enorme druk op hen liggen om zo snel mogelijk de dader te vinden. Ik heb daar wel respect voor dat ze die taak op zich durven te nemen.

Als schrijver neem jij die taak als het ware (fictief) ook op je. Was het moeilijk om alle puzzelstukjes kloppend te krijgen of had je van tevoren al bedacht hoe het zou moeten lopen?

In eerste instantie had ik helemaal geen thriller voor ogen. Ik zette gewoon wat scènes op papier omdat ik het leuk vond om te schrijven. En als een soort uitlaatklep. Pas toen ik had bedacht dat er een dode zou vallen, ben ik echt bewust gaan nadenken over het verloop van de verschillende verhaallijnen. Dat was het moment dat ik meters begon te maken met schrijven. De eerste vraag was natuurlijk: wie gaat er dood? En daarna: wie heeft het gedaan en waarom?

Helaas ben ik veel te braaf en was ik nog nooit op een politiebureau geweest. Daardoor had ik in eerste instantie wat dingen bedacht die in het echt helemaal niet zo werken. Gelukkig kwam ik in contact met Hoofdagent Paul, waardoor ik onder andere ontdekte dat de politiedossiers in Leiden na een paar jaar naar een andere locatie worden overgebracht. Vanwege die informatie heb ik nog snel een nieuw personage verzonnen dat al wat ouder was en daardoor afwist van een zaak waarvan het dossier allang was verhuisd.

Inmiddels vind ik het plotten van mijn verhalen trouwens het leukste onderdeel van het schrijfproces. Verhaallijnen uitwerken, plottwisten bedenken, plotholes opvullen – allemaal fantastisch!

Je zegt dat je helaas te braaf bent. Dan moet schrijven toch heerlijk zijn! Hoe voelt het om je zo uit te leven?

Zeker! Heerlijk is inderdaad het perfecte woord. Ik vind het superleuk om hele levens te verzinnen voor mensen die helemaal niet bestaan. Het liefst natuurlijk wel op zo’n manier dat de personages menselijk en geloofwaardig overkomen.

Met Fatale keuzes is dat heel goed gelukt! De personages voelen levensecht aan. Voelden ze voor jou tijdens het schrijven ook echt aan?

Dank je wel voor het compliment! Dat is echt fijn om te horen. Ik hou ervan om ook foto’s bij mijn personages te zoeken om hen nog beter voor me te zien. Dat helpt voor mij echt. En ik werk hun hele karakter uit met sterke en zwakke punten, verlangens, hobby’s e.d., dus wat dat betreft voelden ze wel bijna levensecht aan, ja.

Ik wil mijn personages nu ook nog niet loslaten, omdat ik weet dat ik hen weer geloofwaardig op papier moet kunnen zetten tijdens het schrijven van deel 2 en 3. (Als alles goed gaat. ;)). Maar dat vind ik helemaal niet erg, ik ben gelukkig van ze gaan houden.

Dat was inderdaad een vraag die ik nog had willen stellen: of je verder zou gaan. Daar maak je mij, en ongetwijfeld een heleboel andere lezers, heel blij mee! Maar even terug naar je debuut: hoe was het om hem eindelijk in handen te hebben?

Heel onwerkelijk! Zelfs als die paperback naast me op de bank ligt en ik zie mijn naam op de voorkant staan, geloof ik het nog bijna niet. Een jaar geleden had ik echt niet kunnen voorspellen dat ik hem nu in mijn handen zou kunnen houden. Maar het is een prachtige rollercoaster om mee te mogen maken.

Je houdt ook een foto-actie. Kan je daar meer over vertellen?

Begin dit jaar ben ik voor mezelf begonnen, wat voor mij als introvert al net zo’n spannende reis is als het uitbrengen van een boek. Omdat ik dankbaar ben dat zoveel mensen zowel Fatale keuzes als mijn community BackWords omarmen terwijl ze mij helemaal niet kennen, vind ik het leuk om af en toe iets terug te doen. Daarom kunnen schrijfliefhebbers nu mijn online schrijfcursus winnen door een originele foto van Fatale keuzes te delen. Het geeft echt voldoening om te zien dat cursisten weer helemaal geïnspireerd aan de slag gaan met hun verhalen.

 

72554476_2582504625140546_2829036378816249856_o.jpg

Waar komt jouw enorme liefde voor taal vandaan?

Weet je dat ik het heel lastig vind om daar antwoord op te geven. Het is voor mij zo vanzelfsprekend dat ik zolang als ik me kan herinneren van mooie zinnen, songteksten en spreuken houd dat ik niet eens zou weten waar het vandaan komt. Misschien is het zo natuurlijk ontstaan omdat mijn moeder voor haar pensioen in de bibliotheek werkte en we dus altijd stapels boeken in huis hadden. Hoewel ik vergeleken met mijn moeder en zus altijd erg weinig las. Maar ik denk dat het van kleins af aan voorgelezen worden zeker heeft geholpen.

Wat was als kind jouw favoriete boek?

Ik heb het idee dat boeken die ik als kind las of voorgelezen kreeg veel meer indruk op me maakten en veel beter zijn blijven hangen dan boeken die ik als volwassene lees. Misschien omdat je als kind boeken vaker herleest. Ronja de Roversdochter van Astrid Lindgren, en Minoes en Otje van Annie M.G. Schmidt behoorden toch wel tot mijn absolute favorieten.

Dat denk ik persoonlijk ook. Heb jij de ambitie om ooit in een ander genre te schrijven? Bijvoorbeeld kinderboeken?

Als lezer vind ik echt allerlei genres interessant, dus ik sluit niet uit dat ik als auteur ook ooit iets anders zal willen proberen. Op de middelbare school schreef ik bijvoorbeeld samen met een vriendin een verhaal over twee tweelingzussen die in de Middeleeuwen uit een weeshuis ontsnappen. De tijd dat ridders en Robin Hood-figuren met zwaarden liepen te zwaaien, fascineert me wel, net als mythologie en fantasy. Ik keek vroeger graag naar Xena: Warrior Princess, ha ha. Buffy the Vampire Slayer is overigens nog steeds een van mijn favoriete tv-series aller tijden vanwege de geweldige dialogen en de romantische drama’s.

Romantische drama’s liggen je duidelijk ;-). Ook in Fatale keuzes speelt dit gegeven een grote rol. Ben jij zo romantisch aangelegd?

Ha ha, volgens mij valt dat best wel tegen, maar dat zou je mijn ex-vriend moeten vragen. 😉 Ik ben er in ieder geval wel gevoelig voor. Romantische komedies, Grey’s Anatomy, laat allemaal maar komen.

Wat vond jij het leukste om op te schrijven bij Fatale keuzes?

Hmm, lastige vraag. Ik vond de wat luchtigere scènes wel leuk om te doen, omdat ik ze makkelijker vond om te schrijven. Bijvoorbeeld de scène waarin Emily en Lucas elkaar voor het eerst ontmoeten of wanneer ze samen Breaking Bad kijken. Bij actiescènes of scènes waarin ik belangrijke informatie wil verwerken, moest ik altijd langer nadenken over de juiste formuleringen. Hier nog een beetje schaven, daar nog een beetje schaven. Dan wordt het allemaal wat technischer of zo.

Veel auteurs vinden het proces van schaven en schrappen het minst leuke aan schrijven. Had jij daar ook moeite mee?

Schrappen vind ik soms wel lastig, ja. Ik was een beetje bang dat Sandra (de uitgever) zou zeggen: leuk, maar er moeten eerst nog 30.000 woorden weg. Dat was gelukkig niet zo, ha ha. Maar eigenlijk had ik ook wel erg veel zin in het herschrijven, omdat ik tijdens de eerste versie alweer allerlei dingen had bedacht die ik wilde aanpassen of toevoegen. En het is gewoon heel fijn dat de basis dan al staat, dus je kunt veel meer naar de details gaan kijken. Zeker omdat ik mijn personages gedurende het schrijven van de eerste versie natuurlijk steeds beter leerde kennen. Daardoor kon ik tijdens het herschrijven hun gevoelens en emoties veel meer gaan uitdiepen.

En nu ga je verder met één van hen. Tot nu toe ontvang je lovende kritieken, zelfs lezers waarvan je de nachtrust ontneemt. Legt dat een druk op je tijdens het schrijven? Dat je dat wil evenaren?

Ik denk dat de druk op een tweede boek inderdaad wel groter zal zijn. Misschien ook door mijn eigen onzekerheid. Dat ik denk dat mensen nu nog zeggen “voor een debuut is het een leuk boek”, maar dat aan zo’n tweede deel dus hogere eisen zullen worden gesteld. Aan de andere kant wil ik gewoon graag verder gaan met het vertellen van Emily’s verhaal.  Is het nog te vroeg om spoilers te geven over deel 2? 😉 Zo ja, dan mag je het ook weglaten, ha ha. Deel 2 zal gaan over Emily’s vader, die rechercheur was. Meer specifiek: over de zaak waar hij en zijn partner Paul aan werkten toen hij overleed. Wie zat daar achter en waarom moest hij dood? Dat zijn vragen die aan Emily knagen.

Klinkt spannend! Ik ben heel benieuwd! En dan komen we bij de laatste vraag: is er een auteur die jij bewondert en waar je een voorbeeld aan neemt?

Ik ben bang dat mijn grote idool totaal niet origineel is: Robert Galbraith aka J.K. Rowling. Ik ben enorm fan van haar Cormoran Strike-serie. Harry Potter herlees ik nog steeds met veel plezier en ook bij deze Strike-boeken is 1x lezen voor mij niet genoeg. Wat ik zo bewonder, zijn haar geloofwaardige personages. Ze zijn zo levensecht dat ik zou willen dat ik ze kende. Ook de manier waarop ze aanwijzingen in haar boeken verwerkt, vind ik heerlijk. Dat je tijdens het herlezen opeens ziet dat ze stiekem al ergens een hint had gegeven. Of details uit het ene boek die dan in een later boek een rol gaan spelen. Echt een meesterplotter vind ik haar.

 

*** Interview by Eva Krap.

 

**Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Nina Verheij herself volgen? Dat kan hierrrrr:

Nina Verheij – Backwords

Eva las: Romeo & Julia – Tiny Fisscher *****

73201887_2610285909029084_6436753184550551552_o

Romeo en Julia
“Zou een roos minder zoet geuren als ze een andere naam zou dragen? Zelfs als je geen Romeo meer zou heten, zou je nog steeds dezelfde verrukkelijke man zijn.”

Het wereldberoemde verhaal over Romeo & Julia, verteld door Tiny Fisscher in helder en begrijpelijk proza.

Over de auteur:

Tiny Fisscher heeft meer dan veertig boeken op haar naam staan, zowel voor kinderen, jongeren als volwassenen. Bij het grote publiek brak ze door met haar bewerking van de klassieker Alleen op de wereld, met illustraties van Charlotte Dematons. Tiny schrijft ook samen met auteur Pieter Feller, en werkt met hem aan diverse kinderboekenseries.

Tiny is getrouwd, heeft een dochter, en woont in Amsterdam.

Cover en opmaak:

Er zijn van die boeken die alleen al om de cover een plek in je boekenkast verdienen. Dit is er zo één. De gouden letters en lichtblauwe ranken geven een bijzonder mooi effect. Maar het mooiste is dat de kaft van harde blauwe stof is, precies zoals ze de boeken vroeger maakten. Het geheel ademt dan ook de sfeer uit dat je een echte oude schat in handen hebt, wat precies past bij het verhaal. Hier is duidelijk goed over nagedacht.
Ook de opmaak in het boek is werkelijk prachtig te noemen. De illustraties zijn verzorgd door Sophie Pluim en geven het verhaal net even een extra verdieping en dimensie door beelden te scheppen bij de wereld die je betreedt zodra je het boek begint te lezen.

Eeuwenoude klassieker in een nieuwe jasje:

Iedereen kent het beroemde verhaal van Shakespeare. Romeo en Julia is het meest hartverscheurende liefdesverhaal in de geschiedenis, maar vergis je niet. Het is nog steeds, na al die eeuwen, actueel. Denk aan verboden liefdes door geloof, afkomst, seksuele geaardheid en het milieu waarin je op kan groeien. Overal ter wereld zijn er mensen die hun liefde voor elkaar om wat voor reden dan ook niet kunnen uiten. Dat feit alleen al maakt dit verhaal tijdloos.

Tiny Fisscher heeft met deze vertelling de eeuwenoude klassieker nieuw leven ingeblazen en hoe! Zonder de essentie van Shakespeare ook maar een moment uit het oog te verliezen, heeft zij het verhaal in moderne en begrijpelijke taal geschreven, waardoor het nu voor iedereen toegankelijk is. Het origineel is immers in middeleeuwse taal geschreven en daardoor lastig te begrijpen.

Hier en daar heeft Fisscher zich wat vrijheden veroorloofd, maar geen moment gaat de basis van het verhaal verloren. Dat is een kunst op zich, en het is een talent dat Tiny Fisscher zeker bezit. Tijdens het lezen waan je jezelf in oude tijden, ze neemt je mee in een vete die zijn weerga niet kent. Wat ook bijzonder knap is, is dat zij bepaalde symboliek die Shakespeare in zijn verhaal heeft verwerkt, heeft meegenomen in het verhaal. In de loop der jaren is Romeo en Julia al op vele manieren verteld, vertolkt en neergezet, maar de auteur is zo dichtbij gebleven dat je de adem van Shakespeare door het geheel heen voelt. Toch is het ook eigentijds door de messcherpe dialogen. Romeo, de immense romanticus. Julia, niet op haar mondje gevallen en niet vies van stevige repliek.

De bloemrijke taal wisselt zich dan ook af met de taal van deze tijd. Hierdoor is een humoristisch geheel ontstaan, ook al kent dit verhaal geen gelukkig einde.  Vanaf de helft is dit ook voelbaar. De wanhoop, de onmacht, het niet volledig jezelf kunnen zijn. Daar schuilt dan ook de echte boodschap in. Hoe vetes, gevoed door een haat waar niemand de oorsprong meer van kent, alles en iedereen op hun weg kapot maken. Hoe de liefde daardoor geen kans krijgt om te bloeien in al zijn facetten. Hoe de liefde om die reden een tragische dood als einde heeft…

Al met al was het een eer om deze vertelling te mogen lezen. Ik geef het geheel dan ook vijf volle en stralende sterren.

Eva Krap.

 

**Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Eva vraagt door: Jara Lee van De afrekening!

21640814_1452317178137889_7121421371964912418_o

Jan en Rachel van der Lee vormen sinds een aantal jaar een dynamisch schrijfduo: Jara Lee. Met hun onderscheidende boeken – het in een bepaald genre stoppen is onmogelijk – hebben zij al veel lezers voor zich gewonnen. In het echte leven zijn zij getrouwd, in hun fictieve wereld nemen zij personages bij de hand. Onlangs is hun nieuwste boek, De afrekening, uitgekomen. Ook deze wordt weer jubelend ontvangen en dat is niet gek. Het schrijfplezier spat van de pagina’s af, evenals het inlevingsvermogen en de empathie voor de personages. Hoog tijd dus om het echtpaar een aantal prangende vragen te stellen.

71914932_2557821560942186_7901857522393284608_o

Deze vraag hebben jullie vast al vaak gekregen: hebben jullie ooit onenigheid tijdens het schrijven of bedenken van een verhaal?

Rachel: Ik denk dat we in elk verhaal wel op een discussie uitkomen wat wel of niet te doen. Ik denk dat toen we net begonnen we meer op toeval aan lieten komen dan nu. Mede door het werk van Jan heb ik graag wat hoofdstukken vooraf gepland met wat we ongeveer gaan doen met welke personages. Ook om te voorkomen dat je ergens te lang in een gebeurtenis blijft hangen. Dat gebeurde nog wel toen we net begonnen maar nu toch niet meer. 

Mogelijk door de jaren en de verhalen heen dat je net als in een echt huwelijk merkt dat het een kwestie is van geven en nemen. Wel moet ik eerlijk zijn. De afrekening, ons laatste negende boek hebben wij juist langer geleden geschreven. Daarmee dacht ik bijna dat er een einde was gekomen aan onze schrijfcarrière aangezien Jan iets deed met een personage waar ik niets mee kon. Het heeft drie dagen geduurd voor hij mij wist te overtuigen dat het goed zou komen. Dat blijkt want het boek is er gelukkig gekomen en nog veel andere verhalen die we hebben staan.

Jan: Het ligt eraan wat er verstaan wordt onder onenigheid. Natuurlijk zijn er regelmatig verschillen van mening hoe we in een verhaal verder willen. Over het algemeen komen we daar gewoon uit na overleg. In een heel enkel geval kan dat lastiger zijn en dan kiezen we voor een middenweg of laten de keuze aan de persoon die de ‘hoofdrol’ in dat deel van het verhaal schrijft. Echte onenigheid, waaronder ik versta dat we er niet binnen een dag/avond uitkomen, hebben we vrijwel nooit. Tijdens het schrijven van De Afrekening is dat één keer voorgekomen, maar ook in dat geval werd uiteindelijk de keuze in voortgang bepaald door de persoon die het betreffende personage in het verhaal als schrijver vertegenwoordigde. Bij mijn weten gaat dat  dat bij ons in alle gevallen op die manier.


Wat kenmerkend is voor jullie verhalen, is de enorme menselijkheid. Jullie duiken echt in de psyche van de mens. Elke handeling wordt uiteindelijk verklaard door gebeurtenissen uit het verleden. Komt dat voort uit mensenkennis of zijn jullie gewoon meesters in psychologie?


Rachel: Ik ga mijzelf geen meester in de psychologie noemen. Door vooral veel van mijn eigen ervaringen die niet allemaal even leuk waren, heel veel geleerd. Deels heb ik in mijn opleiding veel geleerd maar ook tijdens de begeleiding van mijn autistische zoon. Hij was 11 jaar toen ik eindelijk een diagnose kreeg. Hierdoor heb ik veel hulpverleners versleten om het maar even zo te noemen.. Zeker in de tijd dat ik nog alleenstaande moeder was.

Bij verzonnen personages stop ik er graag ‘problemen’ in omdat het personages levendig maakt. Maar ook is er vaak een reden waarom iemand iets doet. Vaak is dat terug te voeren naar een verleden van een slechte jeugd of gewoon domweg omdat iemand slecht is. Maar heel soms geven we een crimineel het voordeel van de twijfel. Het zijn ook mensen. Misschien word ik wel sentimenteler bij het ouder worden. Maar als je goed om je heen kijkt is er werkelijk overal wel wat. Achter elke voordeur schuilt een verhaal en daar verdiep ik me graag in om een verhaal meer diepgang te geven.

Jan: Ik ben van oorsprong wetenschapper. Mijn studierichting was Microbiologie en Biochemie. Daar zat dus geen psychologie bij, maar naast die studie ben ik mijn hele leven al heel erg breed geïnteresseerd. Zo mag ik graag de meest uiteenlopende documentaires kijken en daar zit ook veel tussen over het gedrag en de psyche van mensen. Waarschijnlijk daardoor houd ik ervan om verschillen te zoeken en uitersten te verkennen. Tijdens het schrijven heb ik ook vrijwel altijd verschillende andere schermen op mijn laptop open om achtergronden te onderzoeken, iets wat ik niet alleen graag doe, maar waar ik door de jaren heen ook handig in ben geworden.

Een andere mogelijke verklaring waarom er veel menselijkheid in onze personages zit, zou voort kunnen komen door het redelijke gemak waarmee ik (we) ons verplaatsen in een ander persoon (zonder schizofreen te zijn). Dat ‘in de huid van je personage’ stappen levert onze manier van (be)schrijven, maar beperkt ons ook wel als we schrijven. Na het schrijven van een paar hoofdstukken met zeer verschillende personages, moeten we toch vaak stoppen of op zijn minst pauzeren.  Ik zou van mezelf niet durven zeggen dat ik veel mensenkennis heb (volgens mij heeft Rachel dat meer), maar ik hou het op inlevingsvermogen.

Dat maakt jullie verhalen ook zo puur. Er wordt niets geromantiseerd. Hoe kiezen jullie uit wat voor levens de personages hebben?


Rachel: Eigenlijk heeft iedereen zijn ups en downs. De kunst is om de negatieve belevingen om te buigen naar iets positiefs. Daarmee romantiseren wij juist soms wel omdat we kunnen kiezen of een persoon in zijn ellende blijft zitten of een andere keuze maakt. 

Ik persoonlijk kan er niet tegen dat een boek slechte afloopt dus daar romantiseer ik het wel een beetje. Daar bedoel ik mee, de relaties die ontstaan. We kiezen vaak personages die lijnrecht tegenover elkaar staan. Of een groot verschil tussen arm en rijk, of een sociaal type tegenover iemand die dat totaal niet is. En zo kan ik nog wel even doorgaan. Tegenpolen tegenover elkaar leveren op zich al een mooi verhaal op. 

Jan is het volledig met mij eens.. dit is onze manier van werken.. dat is leuk en uitdagend omdat je echt niet weet wie je tegenover je krijgt in een gesprek bij een eerste ontmoeting op papier.


Jullie schuwen zware onderwerpen ook niet. Zoals in De afrekening. Daarin komt onder andere drugsverslaving, moord, ontvoering, verkrachting en zelfs kinderporno voor. Hoe is het als auteur om dat op papier te zetten?


Rachel: Niet altijd gemakkelijk. Omdat het onder geen enkele voorwaarde grof mag zijn. Het gebeuren op zich is natuurlijk grof en sla de kranten en het nieuws er op na, die dingen gebeuren in het echt ook. Soms verzin je iets en dan is de werkelijkheid erger. Wij zijn natuurlijk niet de enige auteurs die deze onderwerpen laten spelen in boeken.

De gemiddelde detective doet dat ook. Wij zochten naar ‘gewone’ mensen die het meemaken en op hun manier op gaan lossen. En dan ga je je als schrijver verplaatsen in het karakter van je personage hoe ze ermee omgaan. Bij de verslaving van Chrissy ben ik op veel sites geweest om te proberen ‘te voelen’ wat zij meemaakt tijdens het afkicken, maar ook haar zwakte en haar verleden meegenomen. Zelf heb ik een moeilijke jeugd gehad. Hulpverleners vroegen mij heel vaak of ik niet op één of andere manier verslaafd was alsof dat heel gewoon was na een jeugd als de mijne. Ik herinner me mijn verbazing nog tot op de dag van vandaag. Voor een deel neem ik eigen ervaringen mee in de personen die ik schrijf. Makkelijk is het niet. Uitdagend wel. En als ik dan hoor dat mensen onze personages in hun hart sluiten dan is er toch een doel bereikt.

Jan: Voor mij is dat op zichzelf niet al te lastig. Het enige waar terdege rekening mee moet worden gehouden is de manier waarop het op papier komt te staan. Wij willen geen horror verhalen schrijven en ‘mensen ook niet op verkeerde gedachten brengen’. Het resultaat moet dus zijn dat een verslaving moord of verkrachting, etc wel genoemd en verwerkt wordt in het verhaal, maar zonder expliciete details. Zoals al in vorige vragen is beantwoord, willen we in onze verhalen normale/realistische personages en dus ook realistische verhaallijnen. De werkelijkheid is over het algemeen extremer dan wat wij bedenken. Daarom moeten die onderwerpen dus ook mee worden genomen, maar in een vorm dat de lezer heel goed begrijpt wat er gebeurd, zonder de (mogelijke) gruwelijkheden uit te schrijven. Het uiteindelijke idee is en blijft voor ons altijd dat het ‘echt gebeurd moet kunnen zijn’.

Rachel: En dat je dan eigenlijk allebei hetzelfde zegt in andere woorden. We antwoorden onafhankelijk van elkaar. Soms denken we verschillend en soms denken we hetzelfde en in dit geval is het hetzelfde.

Ik vind ook dat jullie dat heel goed doen. Het is beslist niet om te choqueren. Zelf omschrijf ik jullie verhalen vaak als een thriller, actie en roman in één, omdat jullie een genre op zichzelf hebben uitgevonden. 

Wat is jullie voornaamste doel als auteur?

Jan en Rachel: Voor ons is het een hobby. Wij willen graag mensen een aantal uurtjes leesplezier geven zonder erg ‘dure’ taal te gebruiken. We hebben er zelf heel veel plezier aan om dingen uit te denken op een zo realistisch mogelijke manier. We weten heel goed dat onze boeken niet in een hokje te plaatsen zijn. Zo zwerven onze boeken in verschillende bibliotheken onder verschillende genres. Ze staan maar zelden naast elkaar in een rek. We zijn net niet zover dat we ons genre ook een nieuwe naam kunnen geven haha.  Ons doel is wel steeds meer liefhebbers van onze boeken te krijgen.

Het maakt jullie wel uniek. En wat is jullie grootste angst als schrijver? 

Rachel: Mijn gevoel voor taal kwijtraken. Me niet meer uit kunnen drukken. In 2010 ben ik heel erg ziek geweest en heb ik gedurende 10 dagen in coma gelegen. Mijn eerste pogingen om te schrijven waren rampzalig. Ik tikte achter mijn toetsenbord heel iets anders dan wat ik wilde zeggen. Dat vond ik een heel enge ervaring. Gelukkig is alles teruggekomen. 

Jan: In aanvulling tot Rachel’s opmerking, het verlies van zintuigen om te kunnen schrijven maar dat geldt ook voor Alzheimer. Mede omdat wij elf jaar in leeftijd verschillen en al veel narigheid gezien hebben.

Dat lijkt mij ontzettend heftig! Is schrijven voor jullie ook een soort therapie? Om deze ervaringen een plek te geven?

Rachel: Ja, ik denk het wel. Ik begon als kind al met dagboeken te schrijven. Ik verzon ook allerlei verhaaltjes. Ik herinner me nog dat ik op mijn zesde al zei dat ik net zo wilde worden als Annie MG Schmidt haha. Voor mij is schrijven al mijn hele leven een uitlaatklep. Misschien is er toch een verslaving voortgekomen uit alle vervelende gebeurtenissen en dat is schrijven! 

Jan: Voor mij is het puur een hobby en ontspanning.

Hoe kwam het eigenlijk dat jullie besloten om samen boeken te gaan schrijven?


Jan en Rachel: We leerden elkaar kennen via de website ouder alleen. Jan was gescheiden en zijn dochters waren aan hem toegewezen, ik was jong weduwe en ik was achtergebleven met mijn twee kleine zoontjes. Na een ontmoeting met veel meer alleenstaande ouders en kinderen zijn we gaan chatten via het programma ICQ.

Jan had stiekem de hele chat opgeslagen en bewaard. Dat waren 1200 pagina’s waarvan ik zei dat die maar nooit uitgegeven moesten worden in boekvorm. Ik schreef mijn hele leven al, maar daar ontstond het idee om samen iets te gaan proberen. We bemachtigden een plekje voor het beste manuscript van 2009. Echter van dat manuscript is nooit een boek uitgebracht omdat het verhaal niet spannend genoeg was voor een boek, maar wel origineel. Uiteindelijk zijn we gestart en nooit meer opgehouden. We halen berichten uit het nieuws, uit soms eigen ervaringen en we hebben meer ideeën staan dan dat we hebben uitgewerkt.

Zijn er nog andere inspiratiebronnen, naast jullie leven en het nieuws?


Jan en Rachel: Onze jaarlijkse vakanties naar Zuid Frankrijk. Dan gaat er een schrijfblok mee en dan gaan we onder het genot van een hapje en een drankje zitten bomen.  Soms ontstaan daar dan ook spontaan nieuwe ideeën.

Zijn jullie al met een volgend boek bezig?

Jan en Rachel: Hoeveel wil je er nog hebben? Eigenlijk werken we er altijd aan. Schrijven zelf gaat best heel snel. Het boek corrigeren wordt een apart verhaal en is het minst leuke.

Laatste vraag: Samen schrijven is dus duidelijk ook leuker. Lezen jullie wel eens samen?

Rachel: Sinds kort eigenlijk. Jan gunde zich er de tijd niet voor terwijl hij wel van lezen houdt. Ik lees wel sneller dan hij maar hij doet het nu ook haha. Dus het antwoord is ja :-). 

 

*** Interview by Eva Krap.

**Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Jara Lee volgen? En dat kan hier:

Auteurspagina Jara Lee

Sandra las: Verzwegen trauma -Melissa Skaye ****

71392828_2287677504675488_433970784147341312_o

Met dank aan Uitgeverij LetterRijn voor het recensie-exemplaar.

Auteur: Melissa Skaye

Uitgever: LetterRijn

Aantal pagina’s: 300

Genre: Thriller

Verschijningsdatum: 10 oktober 2019

Over de auteur:

Melissa Skaye (1972) is auteur van de VT-thrillerreeks: Virtuele tangoVerboden tranenVerleden tijd, Verminkte toekomst en Verknipte tegenstanderVerzwegen trauma is het zesde deel met rechercheurs Sanne Philips en Luca Borra in de hoofdrol. Ook is zij auteur van de thriller In onschuld en van de fantasyreeks Jeremy Jago.  Samen met J. Sharpe schreef zij de thriller Meedogenloos. Ze heeft in diverse bundels korte thrillerverhalen gepubliceerd. Melissa woont samen met haar man en twee kinderen in Hoorn.

(Bron: www.melissaskaye.nl )

Achterflap: 

In Hoorn komt een man tot de afgrijselijke ontdekking dat zijn onderbenen zijn geamputeerd terwijl hij sliep. Hij heeft niets gemerkt en kan zich niets herinneren. De Hoornse rechercheurs Sanne Philips en Luca Borra worden op de zaak gezet en komen erachter dat dit niet het eerste slachtoffer van amputatie is. Het motief van de dader is moeilijk te achterhalen en er is angst voor meer slachtoffers. Ondertussen krijgen de rechercheurs te maken met een andere zaak, de moord op een negenendertigjarige vrouw.

Elize, de vrouw van paragnost Will de Jager, overleed in 2004. Will heeft nooit in zelfmoord geloofd, zoals wordt beweerd. Sanne, die een relatie met Will heeft, onderzoekt de oorzaak achter de dood van Elize. De waarheid is schokkend. Onbedoeld komt Sanne ook nog eens achter een geheim van Will. Zijn verleden strekt zich uit naar het heden. Met alle gevolgen van dien.

Mening:

Verzwegen trauma is het zesde deel in de VT serie en is ook prima als stand-alone te lezen. De eerste vijf delen heb ik verslonden en ik was dan ook erg blij dat ik dit zesde deel mocht gaan lezen. 

Het begint meteen al goed. Een man wordt wakker en ontdekt dat zijn beide benen geamputeerd zijn. Hij heeft geen idee wat er precies gebeurd is. Rechercheurs Sanne en Luca ontdekken dat hij niet het enige slachtoffer is. Ook in Zaandam zijn bij een man beide benen in zijn slaap geamputeerd. Aan Sanne en het team om uit te zoeken wat het motief van de dader is en wat de link tussen de slachtoffers is, want die lijkt er op het eerste gezicht niet te zijn.

Sanne heeft een relatie met paragnost, Will de Jager. Will geeft Sanne toestemming de dood van zijn vorige vrouw, Elize, te onderzoeken. Het leek er destijds op dat ze zelfmoord had gepleegd, maar Will heeft dat nooit geloofd. Bovendien komt Sanne heel toevallig achter een geheim van Will. 

Het boek is opgedeeld in korte hoofdstukken, verteld vanuit het perspectief van Sanne, Will en Nolan, die voor dit verhaal een hele belangrijke rol vervuld, en vanuit de dader. Skaye weet de vaart goed in het verhaal te houden en weet de verhaallijnen op sublieme wijze bij elkaar te brengen. Maar waar het verhaal meteen al spannend begint, miste ik de spanning en de gruwelijkheden die ik in deel 4 en 5 zo fantastisch vond. Al vrij snel is duidelijk wie de dader is en wat zijn motief is. In de opbouw naar de ontknoping had wat mij betreft wat meer spanning mogen zitten. 

De verhaallijn rond Sanne en Will, die vooral om Will en zijn verleden draait, vind ik fantastisch gevonden en uitgewerkt. Als lezer vraag je jezelf steeds meer af: wie is deze Will de Jager nou echt en wat voor geheimen draagt hij met zich mee? En hoe gaat Sanne hier uiteindelijk mee om en kan ze dat naar zichzelf toe verantwoorden? 

Ik hou ervan dat Skaye naast de misdaden in haar boeken, ook de privélevens van de hoofdpersonen een belangrijke rol laat spelen. Met ieder boek krijgen we meer over hen te weten en dat maakt dat je als lezer een band opbouwt met de personages en het laat mij nadenken over wat ik nou eigenlijk van hen vind. Vooral wat Will betreft ben ik daar nog niet over uit.

Conclusie:

Origineel verhaal met goed uitgewerkte personages. En wat een goede titel is Verzwegen trauma bij dit verhaal! 

Ik ben benieuwd hoe het verder gaat met Sanne en Will, maar ook met de andere personages, zoals Emma en Nolan, dus ik kijk stiekem alweer uit naar een volgend deel in de VT-reeks!

Overall 4 sterren voor Verzwegen trauma.

Sandra Remmig.

**Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂

Sandra las: Louise van Anne-Laure Van Neer *****

Louise

Met dank aan Uitgeverij Vrijdag voor het recensie-exemplaar

Auteur: Anne Laure Van Neer

Uitgever: Vrijdag

Aantal pagina’s: 272

Genre: Thriller

Verschijningsdatum: september 2019  

Over de auteur:

Anne-Laure Van Neer (Antwerpen, 1975) debuteerde in 2015 met Justine en in 2017 verscheen Maurice. Beide boeken werden genomineerd voor de Hercule Poirotprijs.

( Bron: http://www.uitgeverijvrijdag.be )

Achterflap:

“Huurster gevraagd voor goedkoop appartement, in ruil voor hulp in huis.”
De advertentie leek zo perfect. Anne-Laure is hoogzwanger, hormonaal labiel en heeft net ontdekt dat haar vriend de term monogamie nog al ruim interpreteert. Alles wat ze wil is een veilig nest voor haar baby, dus trekt ze in bij Louise en haar dementerende man Roger. Net wanneer ze haar leven weer in de hand heeft vindt ze in een lade een verborgen manuscript. Het schetst een misdaadverhaal met in de hoofdrol Roger, Louise en een lijk dat maar niet wil verdwijnen. Is dit huis wel veilig?

Mening: 

Toen ik het boek ontving zat er een klein glazen potje bij, met daarin een pil. Ik vroeg me natuurlijk af wat daar de betekenis van was en daar kwam ik tijdens het lezen van het boek achter. Leuk gedaan en het geeft zo’n boek weer net even iets extra’s.

Mijn eerste kennismaking met Anne-Laure Van Neer en wat voor één. Een humoristische misdaadroman las ik ergens. Nou hou ik van misdaad en van humor, maar ik vroeg me af of die twee wel te combineren zijn zonder dat het smakeloos wordt. Van Neer is hier op alle fronten in geslaagd. Ze heeft een fijne, vlotte schrijfstijl waardoor je aandacht geen moment verslapt. Het verhaal wordt vanuit twee kanten vertelt: vanuit Anne-Laure en vanuit het manuscript van Louise. Er worden twee verschillende lettertypes gebruikt, waardoor meteen duidelijk is vanuit wie het verhaal wordt verteld. Ik moest er in het begin heel even inkomen, maar algauw komt het verhaal lekker op gang en werd ik meegezogen in de perikelen rondom de hoofdpersonen. Ik moest lachen om de acties van Anne-Laure en ook zeker om die van Louise, die ik een erg inventieve vrouw vond. Ik kijk inmiddels met hele andere ogen naar een programma als Tell Sell….daar kun je best dingen aanschaffen die van een enorm nut kunnen zijn.

De personages zijn goed neergezet, en mijn gevoelens jegens Louise en Anne-Laure veranderden naarmate het boek vorderde. Maar ook van Roger, Victor (ook hij speelt een belangrijke rol) en opdringerige buurvrouw Mariette wordt een goed beeld neergezet. Waardoor het een mooi, afgerond verhaal wordt. Met een verrassend plot, want die zag ik niet aankomen.

Conclusie:

Van Neer bewijst dat thriller en humor absoluut samengaan, mits je het op de juiste manier doseert.

Vijf sterren voor Louise.

Sandra Remmig.

 

**Vinden jullie het leuk ons op Facebook te volgen?

Like dan onze pagina Samenlezenisleuker en word om mee te kletsen over boeken lid van onze echte gezellige boekengroep! En dat kan hier: Samenlezenisleuker 📚🥂