Samen met Saskia Jansen Storyteller: Dat is dan 85 euro

Sasjansen

“Wat is de naam van uw hond?”, vraag ik aan het echtpaar die voor de eerste keer in mijn salon zijn.

De vrouw ziet er vriendelijk en verzorgd uit. Ze heeft mooi zilvergrijs kort haar en een moderne bril met een rood montuur. Aan haar oren hangen gouden oorbellen met een rood steentje erin. Ik schat haar een jaar of 65. De man ziet eruit alsof hij net uit een verbouwing is weggelopen. Er zit opgedroogde verf op zijn schoenen en zijn broek en zijn grijze haren zijn nog witter door een laag stof. Hij lijkt een stuk ouder dan zijn vrouw maar daar zou ik mij best in kunnen vergissen.

“Wammes heet ze “, beantwoordde de vrouw mijn vraag. “Maar wij noemen haar Pluche”, zegt de vrouw bloedserieus. “Dat heeft werkelijk de logica van een aardbei “, denk ik terwijl ik Wammes op de klanten kaart schrijf. Wammes is een Dwergpoedel teefje van nog geen twee jaar oud. Naast haar oogjes zitten wat bruin verkleurde traan streepjes en ook op haar voeten heeft ze deze verkleuring. “Mag ik uw adres noteren?, en wat is het telefoonnummer waar ik u straks op kan bereiken als Wammes klaar is?”

Alle gegevens en bijzonderheden worden genoteerd en ik beloof te bellen zodra ze Wammes weer op kunnen halen. Het hondje zit behoorlijk in de klit maar aangezien ik alle tijd heb nog, borstel ik haar voorzichtig maar zorgvuldig uit tot ze weer helemaal klit vrij is. Het hondje draait wat zenuwachtig rond op mijn tafel. Ik negeer het onrustige gedrag en pak haar op om in bad te zetten. Daar draait ze zonder enige schaamte een drol die ook best eens uit een Newfoundlander had kunnen komen.

“Verdomme”, denk ik. Maar ik laat de hond niet merken dat ik ervan baal. Terwijl ik 70 meter papier van uit de dispenser van de muur trek, zie ik dat de drol in de vorm van een hartje is neergelegd. Ik grinnik bij mijn gedachte dat dit typisch iets is waar mensen denken dat een poedel voor staat. Truttig. Een truttig hart gepoept door een poedel die Pluche genoemd wordt.

Ik ruim de hartvormige viezigheid op en was de hond met een shampoo voor spierwitte vachten. Ik knip haar nagels en maak haar tanden schoon. Na het föhnen knip ik de hond in een fris jeugd model zoals wij trimmers dat noemen en voorzie haar van een lekker luchtje.

“Zo , jij bent weer als nieuw Wammes, ik ga je baasjes bellen ” zeg ik terwijl ik haar een kus geef op haar kaal geschoren neusje. Door de telefoon hoor ik een afgesloten toon. Terwijl ik het nummer opnieuw intoets omdat ik denk dat ik het de eerste keer wellicht niet goed heb gedaan, zie ik Wammes door zijn achterpootjes zakken. Ik druk de telefoon uit en zeg: “Nee Wammes! Foei!”

Wammes trekt zich er niets van aan en maakt haar nieuwe creatie rustig af. “Oh , ik zie het al, je hebt er een streep onder gezet ” lach ik als ik naar de kaarsrechte streep poep kijk. Ik gooi de streep in een plastic zakje en doe het warme pakketje in de afvalbak.

“06109….5..0 “, mompel ik in mezelf en wacht of de telefoon nu wel overgaat. “Pro-du-liet”, klinkt het deuntje in mijn oor. Verdorie, dit nummer bestaat niet. Met de positieve gedachte dat ze mij misschien per ongeluk een verkeerd nummer hebben gegeven begin ik vast aan mijn volgende hond. Wanneer ik tegen zessen ’s avonds alles heb opgeruimd en schoongemaakt en Wammes ligt te slapen op het grijze kussen naast de deur, kijk ik naar het opgegeven adres van het echtpaar, Zuiderkeerkring. Dat adres bestaat echt weet ik uit mijn hoofd. Ik pak het kussen met Wammes erop en leg ze op de bijrijders stoel van mijn auto. In het donker tuur ik naar de voordeuren van de huizen aan de Zuiderkeerkring.

“Verdomme , wat hebben weinig mensen een duidelijk huisnummer”, denk ik.

“Ah , hier moet het zijn. Er brandt licht gelukkig.”

Ik zal die mensen weleens flink de waarheid zeggen , denk ik terwijl ik op de zwarte plastic bel druk met een ‘nee-nee’ sticker eronder. Een jonge blonde vrouw doet open en kijkt me vriendelijk aan.

“Goedenavond, ik ben op zoek naar naar meneer of mevrouw Kramer “, zeg ik kortaf. “Kramer?, dat zegt mij helemaal niets hoor”, antwoordt ze verward. “Heeft iemand in dit huis een wit poedeltje?”, vroeg ik vervolgens. “Nee, wij hebben helemaal geen hond. ” “Iemand bij u in de straat dan ?”, probeer ik in een laatste wanhopige poging. “Nee sorry, ik kan u niet helpen. ”

In de auto ligt Wammes rustig te slapen. Ik besluit haar wakker te maken en door de straat te gaan lopen. Ze moet vast plassen en wellicht herkent ze haar eigen huis wel. Wammes plast een keer en reageert op geen enkele woning. Ze lijkt blij te zijn dat ze met een lege blaas weer verder mag slapen in de auto. “Wat nu te doen “, denk ik.

Ik wil haar wel hebben maar ik heb zo een vermoeden dat mijn man dat geen goed idee vindt aangezien we al drie honden hebben daar waar hij 1 hond eigenlijk al voldoende vond. Na een kort telefoontje naar mijn man wordt mijn vermoeden direct bevestigd met een ; “Nee Sas, echt niet. Ik wil het niet hebben. En zeg me niet dat dit een slechte smoes is hè, want je wilde altijd al een witte poedel. “Mag ze vannacht wel blijven ?”, vraag ik nog voorzichtig maar de verbinding werd verbroken. “Shit Wammes, this is not our lucky day”, en ik rijd naar het dichtstbijzijnde asiel.

“Dat is dan 85 euro”, zegt het meisje achter de balie op een toon waaruit blijkt dat ze mijn verhaal niet gelooft. Het hondje blijkt niet gechipt dus we kunnen de eigenaren niet achterhalen op deze manier. Ik moet afstandskosten betalen. Ik overhandig haar het geld en het mooi geknipte poedeltje en voel mij teleurgesteld dat ik niet geloofd word. De dag omzet viel vandaag erg tegen met het verlies van de 85 euro en het gemiste geld voor het knippen van het poedeltje. Om nog niet te spreken over alle tijd die dit geintje mij gekost heeft.

Twee weken later staat er een nieuwe klant in mijn salon met een Labradoodle. Ik bekijk de man van top tot teen. Het lijkt een normale, vriendelijke, goed verzorgde man van middelbare leeftijd.

“Mag ik uw naam en adresgegevens noteren?”, vraag ik. “Natuurlijk, ik woon hier twee straten verderop aan de Loevestein.” “Dat is heel dichtbij”, glimlach ik wat argwanend. “Het wordt 85 euro meneer. Aangezien u een nieuwe klant bent moet u vooruit betalen.” “Je hebt groot gelijk meissie”, zegt hij terwijl hij 85 euro gepast uit zijn portefeuille haalt. “Er lopen tegenwoordig meer gekken rond dan dat er vastzitten”, zegt hij. Hij aait zijn doodle en roept; “Tot straks “, terwijl hij de deur achter zich dicht trekt.

Deze man is inmiddels al jaren vaste klant en mag wat mij betreft zijn portefeuille best een keer vergeten tegenwoordig.

Advertenties

Gepubliceerd door

Samenlezenisleuker

Recensies, winacties, tips, leesclubs, columns, een kort verhaal of interviews! Kortom, alles wat maar gezellig en leuk is met betrekking tot boeken :-D

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s